Het gedenkwaardige F1-debuut van Mark Webber kent een lange aanloop. Nog voordat de Australiër hoge ogen gooit in de Formule 3000 mag hij zijn eerste F1-meters al maken. In 1999 stapt Webber voor een tweedaagse test in bij Arrows. Doordat de jongeling een goede indruk achterlaat, moet de test een vervolg krijgen op Silverstone. Zover komt het echter niet. Arrows-eigenaar Tom Walkinshaw wil de tweede test alleen toezeggen als Webber en diens landgenoot Paul Stoddart een exclusieve deal bij Arrows tekenen. Walkinshaw denkt met dit slimmigheidje een talentvolle coureur te strikken, maar het Australische duo hapt niet toe en heeft niet zo'n hoge pet op van de kansen bij Arrows. Webber houdt liever de vrijheid en tekent voor 2001 als test- en reservecoureur bij Benetton.
Het geeft hem een kans om in de luwte extra Formule 1-meters te maken en om door te groeien richting het echte werk. Dat echte werk moet een jaar later volgen. Een permanent zitje voor 2002 is het doel. Met Stoddart inmiddels aan het roer van Minardi en met hulp van Australische zakenlieden (telecombedrijf Telstra) lukt het om een voet tussen de deur te krijgen. Een deal voor het hele jaar levert die voet niet meteen op, maar wel de toezegging dat Webber de eerste drie races mag rijden bij, jawel, Minardi, het team van Stoddart. De 26-jarige Webber volgt Fernando Alonso op, die het jaar ervoor puntloos is gebleven en genoegen moest nemen met P23 in het rijderskampioenschap.
Met technische aanwinsten van Prost, een nieuwe filosofie (onder meer een pushrod-ophanging) en de nieuwe Asiatech V10-motor moet de 2002-bolide van Minardi een stap voorwaarts vormen. Webber stapt in naast Alex Yoong, al gaat dat instappen door de lengte van hem nog niet zo makkelijk. Het is volgens Webber een klus om fatsoenlijk in de Minardi PS02 te komen, al lukt dat voorafgaand aan de seizoensopener alsnog. Die ouverture vindt plaats in het prachtige Albert Park van Melbourne, waarmee het debuut van Webber ook meteen samenvalt met zijn thuisrace.
Extra bijzonder dus, al zijn de verwachtingen niet zo hooggespannen, ook niet bij de hoofdrolspeler. Webber weet dat het geen sinecure wordt om zich met het povere materiaal in de kijker te rijden in de drie wedstrijden die hem gegeven zijn. Hij heeft unieke omstandigheden nodig of hemelwater om de achterste regionen te verlaten. Zaterdag wordt hij met een natte kwalificatie op zijn wenken bediend, al verandert dat weinig aan het resultaat. Webber klokt de achttiende tijd en houdt enkel teamgenoot Yoong, het Jaguar-duo Irvine-De la Rosa en Takuma Sato achter zich. Het is een uitslag waar een rookie mee thuis kan komen, maar geen uitslag die een speciale zondag lijkt in te luiden.
Toch is dat een dag later wel wat er gebeurt. Webber neemt nietsvermoedend plaats in het achttiende vakje op de grid, maar ziet er niet veel later acht concurrenten voor zijn neus verdwijnen. Bij het doven van de lichten komt Ralf Schumacher beduidend beter weg dan het Ferrari-duo vanaf de eerste rij. Ralf kijkt aan de rechterkant van polesitter Rubens Barrichello en beweegt vervolgens naar links om het daar te proberen. Als de Braziliaan teruggaat naar de ideale lijn en remt, krijgt hij onverwachts bezoek. Ralf vliegt met zijn Williams over de Ferrari heen en mag van geluk spreken dat de auto op de goede kant landt én dat de grindbak z'n werk doet door de impact te beperken. Het betekent logischerwijs wel einde oefening voor Barrichello en de jongste van de twee Schumachers.
De nummers 1 en 3 van de grid hebben zoals de Duitsers zeggen al snel Feierabend en daar blijft het niet bij. De eerste bochten eisen meer slachtoffers. Giancarlo Fisichella, Felipe Massa, Nick Heidfeld, Jenson Button, Olivier Panis en Allan McNish zijn allen ridder te voet als de stofwolken zijn opgetrokken. Een derde van de grid is weggevaagd en dat biedt perspectief voor rijders die zich normaliter al hadden neergelegd bij een rol als veldvulling. Het wordt versterkt doordat ook Jarno Trulli een prachtkans in rook op laat gaan. Achter race-leider David Coulthard, die lijkt uit te checken na het tumult en de safety car, verkoopt Trulli zijn huid duur in gevecht met de enige nog overgebleven Schumacher. De ervaren Italiaan positioneert zijn auto slim om op start-finish steeds genoeg over te hebben, maar eindigt met dank aan een oliespoortje bij het uitkomen van de tweede bocht in de muur. Weg Trulli en daarmee weg het voltallige team van Renault.
Negen uitvallers en twee safety cars vormen de balans na de eerste acht rondjes van 2002. De seizoensopening verloopt tumultueus en het wordt nog gekker. Zo mag Coulthard het veld op gang brengen als Trulli's auto is geruimd, maar schiet de Schot - voor het eerst met Kimi Raikkonen aan zijn zijde bij McLaren - nogal kolderiek van de baan voor de herstart. In de voorlaatste bocht gebruikt hij zijn McLaren als grasmaaier, al zal spoedig duidelijk worden dat het niet zozeer zijn fout was. Niet veel later moet Coulthard op hetzelfde punt nogmaals de toeristische route nemen en geeft zijn bolide langzaam de geest. Het betekent één Ferrari uit de strijd, een Williams weg, Renault vroegtijdig klaar en een McLaren langzaam rijdend. De eerste dag is meteen bijltjesdag.
Positieve keerzijde is dat outsiders komen bovendrijven in het beeldschone decor. Achterhoedeklanten als Arrows en Minardi ruiken hun kans, al worden beide auto's van het eerstgenoemde team nogal knullig gediskwalificeerd. Het thuispubliek maalt er geen seconde om, want de wereld gaat er met de minuut beter uitzien voor hun enige landgenoot op het asfalt. Webber heeft zijn tegenstanders bij bosjes zien wegvallen en is zelf uit de mêlee gebleven. De debutant vindt zichzelf pardoes op de vijfde plek terug en heeft daarmee goud in handen, potentieel goud in ieder geval. Twee hele WK-punten liggen voor het oprapen en zouden voor Minardi de eerste puntenfinish sinds de Europese Grand Prix van 1999 betekenen. Ze zouden er bijna hoogtevrees van krijgen in de ranglijst.
Maar Minardi zou Minardi niet zijn als er niets tegenzit. De kleine formatie lijkt alles vakkundig uit handen te geven als de tankdop niet opengaat bij een pitstop van Webber. Er moet een schroevendraaier aan te pas komen en als de dop eindelijk open is, heeft Webber al kostbare tijd verloren. Geluk bij een ongeluk is dat hij bij terugkomst op het asfalt nog steeds vijfde ligt, al ziet hij de Toyota van Mika Salo door het voorval steeds groter opdoemen in zijn spiegels. De Fin heeft al 94 Grands Prix op zijn naam staan en probeert de debutant in een foutje te dwingen, die het ook nog eens zonder de hoogste versnelling moet doen in de slotfase. "Ik dacht echt dat hij me zou pakken in de langzame bochten, daar waren we behoorlijk kwetsbaar", blikt Webber later terug.
Tegelijkertijd hoort de Aussie het team via de boordradio schreeuwen. "'Laat hem er onder geen beding voorbij'. Dat riepen ze steeds tegen mij. Maar ik kneep hem wel een beetje omdat we sowieso één punt wilden scoren en tegelijkertijd in zo'n fel gevecht zaten. Maar ik probeerde gewoon iedere ronde mijn lijn te houden en hem er hard voor te laten werken, bijvoorbeeld door hem over de marbles te dwingen." De commentatoren roepen talloze keren dat de nieuwkomer het hoofd koel moet houden onder druk van de ervaren rot. Maar in de voorlaatste ronde bezwijkt niet de jonge thuisrijder, maar juist Salo. De Fin spint met zijn Toyota en zorgt onbedoeld voor een oorverdovend gejuich vanaf de tribunes. "Nee, we zijn echt niet tegen je hoor Mika, maar deze jongeman verdient het vandaag gewoon", brult James Allen in zijn enthousiasme uit.
Wat volgt, is een ereronde en Webber die met gebalde vuisten over de meet komt. De vijfde stek wordt gevierd als ware het een podium, of zelfs een overwinning. Niet alleen het Australische publiek wordt gek, ook de teamleden van Minardi weten van gekkigheid niet wat ze moeten doen. "Ik ben de meest trotse man van Australië op dit moment. We hebben hier zo idioot lang van gedroomd, dit betekent alles voor mij. We hebben bij de Source: Motorsport