Home

‘De getuigenissen van deze vrouwen zijn het enige bewijs voor wat hun is aangedaan’

In Daughters of the Sun laat de Koerdisch-Nederlandse filmmaker Reber Dosky een groep jezidi-vrouwen aan het woord over de verschrikkingen die zij onder terreurgroep IS hebben ondergaan. De Volkskrant sprak met de filmmaker, én met zes vrouwen uit de documentaire.

‘Volgens mij zijn Nederlanders heel aardige en open mensen’, zegt Sarab Issa (20), ‘alleen geloof ik dat de marechaussee niet zo van gasten houdt.’ Om onduidelijke redenen is ze twee uur lang vastgehouden op Schiphol, vertelt ze, samen met een van de andere vijf vrouwen met wie ze naar Nederland is gekomen uit Iraaks-Koerdistan. Toch zijn ze onverminderd blij om hier te zijn, want ze hebben een missie: de documentaire Daughters of the Sun van de Koerdisch-Nederlandse filmmaker Reber Dosky onder de aandacht brengen, waarin hun verhalen centraal staan.

Zij aan zij zitten ze op de diepe, rode bank in de lobby van hun hotel in Den Haag, in mooie blouses en jasjes klaar voor de première van hun film op het Movies that Matter-festival. Maar eerst staan ze de Volkskrant te woord. Dosky tolkt voor hen – voor vijf van hen althans; de zesde, Ekhlas Kuthr (28), is doof en spreekt af en toe in gebarentaal met de anderen.

Regisseur Dosky richt zich meer op het particuliere dan op het collectieve verhaal van deze vrouwen
Knap hoe ‘Daughters of the Sun’ de verhalen van jezidi-vrouwen vervlecht met sfeerbeelden van Iraaks-Koerdistan ★★★☆☆

‘Het was voor ons niet makkelijk om de film terug te kijken’, zegt Jamila Rasho (20), die hier is met haar zus Ameera (29). ‘Er zitten heel pijnlijke momenten in. Maar toen we hoorden dat hij in Nederland vertoond zou worden, was dat een pleister op de wond.’

De pijnlijke verhalen die de vrouwen in de film vertellen beginnen allemaal op 3 augustus 2014, de dag dat terreurorganisatie IS vanuit Mosul hun thuisstreek Sinjar binnenviel. En allemaal eindigen ze in een vluchtelingenkamp in Iraaks Koerdistan, vlak bij Duhok, waar Dosky (Radio Kobanî, Sidik en de panter) hen volgde voor zijn documentaire.

Zoals veel bewoners van Sinjar behoren de vrouwen tot de jezidi’s, een Koerdische religieuze gemeenschap met eeuwenoude gebruiken, die al net zo lang wordt vervolgd en onderdrukt. IS beschouwde hen als goddelozen; de terreurorganisatie verwoestte dorpen, vermoordde mannen en jongens die zich niet wilden bekeren tot de islam en nam duizenden vrouwen en meisjes gevangen als (seks)slaven. De vrouwen in Dosky’s film waren soms nog kind toen ze werden meegenomen, sommige zijn wel tien keer van ‘eigenaar’ gewisseld, op de markt verhandeld als vee.

Dosky ontmoette in 2015 voor het eerst een aantal ontsnapte jezidi-vrouwen in het vluchtelingenkamp, over wie hij in 2016 hij de korte documentaire Yazidi Girls maakte. In de jaren daarna bleef hij het contact onderhouden, terwijl er steeds meer bevrijde vrouwen bij kwamen.

‘Hun verhalen lieten me niet los’, zegt Dosky (48) een week eerder in het restaurant van Filmmuseum Eye in Amsterdam. ‘Er spreekt zo ongelooflijk veel kracht en moed uit. Sommigen van hen zijn in hun eentje gevlucht, ’s nachts, zonder schoenen door de regen, met IS-strijders en honden achter zich aan. Ze hebben altijd hoop gehouden, dat bewonder ik enorm.

‘Bovendien vind ik dat hun verhaal aandacht verdient. Er gebeurt zo veel in de wereld, alles gaat in onze tijd zo snel dat we vergeetachtig worden. In dit geval zijn we erg veel bezig geweest met de daders, niet met de slachtoffers.’

Dosky was drie jaar bezig met Daughters of the Sun. Eerst moest hij toegang zien te krijgen tot de gesloten wereld van het kamp. ‘Ik kwam als vreemdeling uit het Westen, dus de medewerkers vertrouwden me niet zomaar. Ik heb in de eerste anderhalf jaar vooral honderden kopjes thee gedronken met iedereen.’

Dan moest het vertrouwen van de vrouwen nog worden gewonnen. ‘Ik denk dat het goed is geweest dat ik een paar jaar heb gewacht met filmen. Ze hadden ruimte en tijd nodig om zelf te begrijpen wat hun overkomen is, om de randen van hun trauma te vinden. Daarna pas konden ze praten met elkaar en de buitenwereld. Faiza en Sarab uit mijn film, bijvoorbeeld, waren toen ik hen ontmoette net een week bevrijd. Ik heb hun aanvankelijk niets gevraagd, we hebben alleen maar samen gegeten, gewandeld en leuke dingen gedaan. Een vertrouwensband opgebouwd.’

Toen ze Dosky net ontmoetten, hadden ze hun reserves, zegt Faiza Kamal (19), die in de film vertelt dat ze op 11-jarige leeftijd werd ontvoerd en na vijftig dagen opsluiting cadeau werd gedaan aan een IS-commandant. ‘We zijn op onze hoede geraakt voor vreemde mannen. Bovendien is het me vaker gebeurd dat journalisten alleen kwamen om in een uur of twee een verhaal te halen. Dan vroegen ze meteen: ben je seksueel misbruikt? Als ik daar geen antwoord op wilde geven, stond later toch in de krant dat het zo was. Maar bij Reber kreeg ik het gevoel dat hij respectvol was en echt luisterde. Hij leek me iemand die mijn verhaal internationaal zou kunnen vertellen en daarbij mijn belang in gedachten zou houden.’

Dosky: ‘Vanaf het begin heb ik hun duidelijk gemaakt wat mijn intenties waren, dat ik hen vooral wilde observeren. Daarnaast heb ik beloofd dat ik absoluut niet zou vragen naar de verkrachtingen, en ook niet wilde weten of ze kinderen hadden gekregen van IS-strijders.’

In Daughters of the Sun toont Dosky het dagelijks leven in het kamp, wanneer de vrouwen knutselen, werken aan de naaimachine of hun eigen winkeltje opzetten. Maar we zien ook hoe ze de groep een voor een vertellen over hun gevangenschap. Om in die zware scènes toch wat licht te brengen, gebruikte Dosky de figuur van Hussein Osman, de vriendelijke jezidische man die tientallen vrouwen hielp bevrijden en ze onder zijn hoede nam in het kamp. We zien hoe hij hen onvermoeibaar probeert te vermaken met flauwe grappen of een hart onder de riem steekt met een van zijn metaforen. ‘Hoe zwaar denken jullie dat dit glas is?’, vraagt hij dan, staand voor de groep. Om na een paar gokken te vervolgen: ‘Het maakt niet uit hoe zwaar het is, maar als je het te lang vasthoudt wordt het gewicht ondraaglijk, net als de pijn van het leven. Probeer het soms neer te zetten.’

Dosky: ‘Hussein vormt een brug tussen de vrouwen en de jezidi-maatschappij, en in mijn film ook tussen hen en de kijker; hij gidst je door hun wereld. De manier waarop hij de vrouwen opvrolijkt deed me denken aan de vader uit La vita è bella. Maar ook al is hij een clown, ook Hussein raakt geëmotioneerd door de verhalen; samen met de kijker wordt hij tijdens het luisteren klein.’

Hussein is als een oom voor ze, zeggen de vrouwen. Kamal: ‘Op de dag dat ik bevrijd was stond hij me op te wachten met een gedicht en een bosje bloemen. Hij heeft me zo veel kracht gegeven.’

‘Vanaf het begin zei hij tegen me: je hoeft niet bang te zijn voor ons, je eigen gemeenschap’, voegt Maqboola Bajoo (43) eraan toe, ‘en je hoeft niet te verbergen wat er is gebeurd. Dan wordt het alleen maar zwaarder.’

Van IS hadden de vrouwen te horen gekregen dat ze niets waard waren, en dat zelfs hun eigen gemeenschap hen niet zou accepteren, zegt Jamila Rasho. ‘Ze zeiden dat we vermoord zouden worden door onze eigen mensen als we teruggingen; dat ga je uiteindelijk geloven. De film is voor mij een bewijs, aan mezelf en aan de wereld, dat dat niet waar is, dat we met liefde zijn ontvangen.’

Jezidi-vrouwen die door IS zijn ontvoerd, worden met open armen door hun gemeenschap ontvangen, zien we in Daughters of the Sun. Ingewikkelder ligt dat als ze kinderen van IS-strijders hebben. Reber Dosky: ‘Endogamie, het trouwen binnen de eigen gemeenschap, is heel belangrijk voor jezidi’s. Voor de geestelijk leiders is het opnemen van deze kinderen nog een brug te ver. De Iraakse wet helpt ook niet mee. Een kind dat niet door een vader is erkend, bestaat officieel niet.’

Aanvankelijk was het lastig om hun verhalen te delen, zegt Bajoo, ook omdat velen van hen nog lange tijd familieleden hadden in de handen van IS. ‘Maar op een gegeven moment moet je je verhaal toch kwijt. Het was fijn om ze met elkaar te delen in die tent, waar iedereen dezelfde wonden heeft. Tegelijk weet je ook dat het niet binnen de tent blijft, dat is spannend. Maar wat ons is overkomen moet met de wereld worden gedeeld.’

Dosky en de vrouwen hopen dat de film ook politiek en juridisch iets teweeg kan brengen. Dosky: ‘IS had uitkeringen, loonstrookjes, een hele administratie, maar ze hebben alles bewust vernietigd. De getuigenissen van deze vrouwen zijn het enige bewijs voor wat hun is aangedaan.’ Faiza Kamal: ‘Misschien kan het materiaal van de film dienen als bewijs in de rechtbanken in het Westen.’

Veel gerechtigheid is er nog niet gekomen. De misdaden tegen de jezidi’s zijn door de VN officieel erkend als genocide, net als door een aantal staten, waaronder sinds 2021 ook Nederland. Toch is wereldwijd pas een handvol IS-aanhangers vervolgd voor misdaden tegen jezidi’s, met als eerste geval Taha al-J. in Duitsland. In 2021 kreeg hij levenslang voor genocide en misdaden tegen de menselijkheid. In Nederland wordt momenteel voor het eerst Volkskrant

Previous

Next