De gisteren overleden Wim de Bie voelde samen met Kees van Kooten maatschappelijke onderstromingen aan die pas veel later aan de oppervlakte kwamen.
Met het overlijden van Wim de Bie is Nederland een van zijn grootste naoorlogse kunstenaars kwijtgeraakt. Bij bijna elke belangrijke maatschappelijke ontwikkeling of brandende actualiteit is er wel iemand die op sociale media een link plaatst naar een oud filmpje of geluidsfragment van Van Kooten en De Bie. En elke keer blijkt dat dit filmpje of fragment de situatie helderder en geestiger samenvat dan alle maatschappelijke duiders van nu. Het laat zien dat hun werk tijdloos is, universele waarde heeft en vooral van een groot inzicht in de Nederlandse samenleving getuigt.
Van Kooten en De Bie vingen de tijdgeest al voordat die in de actualiteit was beland. Ze voelden maatschappelijke onderstromingen aan die pas veel later aan de oppervlakte kwamen. Doordat ze het heden zo goed lazen konden ze de toekomst voorzien. Al in 1976 – toen xenofobie nog een taboe was – maakten ze een item over de Partij tegen Enge Buren. Al in 1980 richten ze de eerste populistische partij op, de Tegenpartij.
Volgens de wet van Lennon-McCartney ontstaat de grootste uitbarsting van creativiteit op het moment dat twee artiesten zowel gelijkgestemd als tegengesteld zijn. Die wet gold zeker ook voor het duo Koot & Bie. De tegenstellingen begonnen al in postuur en motoriek. Wim de Bie had een groot zwaaiend lichaam en zette wilde passen, Kees van Kooten een recht postuur met afgemeten stappen. De Bie stond in de Nederlandse domineestraditie, hij wilde oreren, Van Kooten wilde vooral grappen maken, ironiseren.
Na hun pensionering werden die verschillen duidelijker. Waar Kees van Kooten zijn heil zocht in lichtheid, een dikke bundel Haikoots onder meer, lanceerde Wim zijn Bieslog waar hij vrijwel dagelijks zijn kritische mening ventileerde. Hij was een van de eerste bloggers van het land en toonde eens te meer aan dat hij elke vernieuwing omarmde. Ook zijn blog blijkt de tand des tijds goed te hebben doorstaan.
Wim de Bie leek het liefst mannen te spelen die niet zo goed met het leven uit de voeten konden. De zwerver Dirk, die voortdurend tussen woede en liefde laveerde, de leraar Duits, die de moderne tijd niet kon verdragen en Walter de Rochebrune, de ingenieur die na de sluiting van de mijnen op zijn 41ste reeds kluizenaar werd. In elke huid waarin hij kroop was Wim de Bie een man om van te houden. En dus werden alle verschoppelingen en pechvogels die hij uitbeeldde, mensen om van te houden.
Van Kooten en De Bie hadden langer dan de zeven jaar van The Beatles om hun genialiteit te laten bloeien. Het leverde een oneindige stroom sketches, onvergetelijke personages en taalvondsten op. Wie het wezen van Koot en Bie wil begrijpen moet zeker ook luisteren naar de Tweede Langspeelplaat van het Simplistisch Verbond uit 1976. Die sketches zijn zo goed, dat je nooit meer naar de radio kunt luisteren, zonder aan Koot & Bie te denken. Dat hun werk zo lang houdbaar is gebleken heeft ongetwijfeld te maken met hun precisie. Hun dialogen werden tot in detail uitgeschreven, timing en intonatie zijn meesterlijk.
Van Kooten en De Bie werden groot in de tijd dat Nederland nog twee netten had, toen het land grotendeels naar dezelfde programma’s keek. Het is altijd lastig om de maatschappelijke betekenis van kunst te bepalen, maar in het geval van Koot & Bie kan rustig worden gesteld dat ze met hun grote maatschappelijke betrokkenheid, enorme empathie, gebrek aan dedain en vooral met een onovertroffen gevoel voor humor een belangrijke samenbindende kracht zijn geweest. Je zou de versplinterde samenleving van nu een nieuwe Koot & Bie gunnen.
In het Volkskrant Commentaar wordt het standpunt van de krant verwoord. Het komt tot stand na een discussie tussen de commentatoren en de hoofdredactie.
Source: Volkskrant