Afgelopen weekend was Domenicali te gast bij de seizoensopener van de MotoGP op het circuit van Portimao. Daar werd hij geïnterviewd door de Portugese zender SportTV, waarbij verschillende onderwerpen de revue passeerden. Tijdens dat vraaggesprek baarde hij opzien door te zeggen: “Ik ben voorstander van het schrappen van de vrije trainingen. Ze zijn enorm nuttig voor de engineers, maar het publiek heeft er niets mee”, zei de CEO van de Formule 1.
Gezien Formule 1-eigenaar Liberty Media er niet voor terug lijkt te deinzen om verregaande aanpassingen te doen aan de opzet van het raceweekend – zie de introductie van sprintraces en het houden van tweedaagse raceweekenden als dit beter uitkomt – leidde de uitspraak van Domenicali al snel tot de nodige speculatie over mogelijke veranderingen die op handen zouden zijn. De vrijdagtrainingen lijken voorlopig echter nog wel even te blijven. Niet op de laatste plaats omdat bij veel Grands Prix de vrijdagen tegenwoordig uitverkocht zijn en promotors dus veel inkomsten zouden mislopen als het raceweekend wordt ingekort naar twee dagen. Daarnaast dienen ze, zoals Domenicali zelf ook opmerkt, een doel. Het geeft de teams de kans om een goede afstelling te zoeken, data te verzamelen waarmee de strategie kan worden bepaald en nieuwe onderdelen te proberen. Bovendien worden de vrijdagen tegenwoordig ook ingezet om jonge coureurs een kans te geven om met een F1-auto te rijden, doordat er buiten de raceweekenden om nauwelijks nog getest mag worden.
Domenicali lijkt er met zijn uitspraak dan ook niet op te doelen dat de Formule 1 momenteel nadenkt over het in de ban doen van de vrijdagsessies. Naar verluidt heeft zijn opmerking vooral van doen met gesprekken die momenteel plaatsvinden in de F1-commissie over potentiële veranderingen die in de toekomst kunnen worden doorgevoerd aan het Grand Prix-weekend en de huidige hoeveelheid actie op de baan interessanter zou moeten maken om te volgen. Want drie vrije trainingen van een uur wordt door velen als te veel gezien. De teams zouden nu dermate veel data kunnen verzamelen om hun afstelling te verfijnen en de ideale strategie voor de kwalificatie en race te bepalen dat men nauwelijks nog risico hoeft te nemen. Tijdens de raceweekenden met een sprintrace hebben de teams een vrije training minder en lijken de teams gelijk meer onder druk te staan om alles goed op orde te krijgen.
Het lijkt erop dat Domenicali dus vooral probeert te zeggen dat het allicht een verbetering zou zijn als er meer sessies plaatsvinden tijdens een weekend waarin er iets op het spel staat. Hiervoor lanceerde hij vorig jaar al een aantal proefballonetjes in de Italiaanse krant Corriere della Serra, zoals punten voor degene die de snelste ronde rijdt in een training. “Tijdens een normaal weekend waarin twee vrije trainingen worden gehouden op de vrijdag, zou voor elk van deze sessie punten moeten worden gedeeld. Of je zou de coureurs één rondje kunnen laten rijden om te kwalificeren. Of je zou een kwalificatie voor een andere, kortere race op de zaterdag kunnen houden en dan wellicht met reverse grids gaan werken, in plaats van drie vrije trainingen te hebben”, zei Domenicali. “Alles is bespreekbaar. Veel mensen roepen meteen nee, maar we zien in de praktijk af en toe hoe een door elkaar gehusselde grid meer inhaalacties kan opleveren.”
Een probleem met de huidige opzet van een weekend met een sprintrace, is dat de training op zaterdag nauwelijks nog een functie heeft. Een optie kan zijn om de zaterdagse actie volledig op zichzelf te maken. De kwalificatie op vrijdag kan dan de grid voor zondag bepalen, terwijl een tijdtraining op zaterdagochtend de startopstelling voor de sprintrace kan opleveren. Een nadeel van Domenicali’s idee om punten te geven aan de snelste coureur in een vrije training, is overigens dat een wereldkampioenschap dan in potentie op een vrijdag kan worden beslist, als een rijder slechts één punt nodig heeft om de titel veilig te stellen.
Source: Motorsport