‘Wat vandaag in Oekraïne gebeurt, kan morgen in Oost-Azië gebeuren.’ Het waren de woorden van Hayashi Yoshimasa, de Japanse minister van Buitenlandse Zaken, vorige maand in München. Ruslands tweede invasie van Oekraïne sorteert effecten ver buiten Europa.
Kijk naar de Indo-Pacific, het gebied dat de Stille Oceaan en de Indische Oceaan verbindt. Zes op de tien mensen ter wereld leven er en die eisen een groeiend deel van de wereldeconomie op – 26 procent in 2000, nu 37 en in 2040 naar verwachting 42 procent. Vergelijk dit met het structureel dalende aandeel van de VS en de EU in de wereldeconomie – in 2000 opgeteld nog 57 procent, nu 41 en in 2040 35 procent.
Arnout Brouwers is historicus en redacteur van de Volkskrant. Hij schrijft om de week een wisselcolumn met Arie Elshout.
De centrale militaire ontwikkeling in deze regio is de groei van de Chinese defensie-uitgaven. Acht jaar geleden wees ik in een stuk hierover (‘Let op wat China heeft, niet wat het zegt’) op het verschil tussen middelen en intenties: intenties kunnen veranderen, middelen niet.
Ook toen was al duidelijk dat de Chinese militaire expansie veel groter was dan de Russische. De ster van China was rijzende, die van Rusland daalde. Beide landen hoorden in 2015 tot de vier landen met de hoogste én de snelst stijgende defensieuitgaven ter wereld. China’s defensiebudget groeide toen al meer dan twintig jaar 10 procent of meer.
Nu heeft China de grootste vloot ter wereld. Alleen al tussen 2014 en 2018, schreef The Economist, overtrof het tonnage van de oorlogsbodems die China te water liet dat van de hele marine van Frankrijk, Duitsland of India. De Aziatische wapenwedloop was allang aan de gang voor Poetin vorig jaar zijn grote invasie begon.
Toch speelt die invasie ook daar een cruciale rol: het vergroot het besef dat het ‘onmogelijke’ – zeg, een frontale Chinese aanval op Taiwan – misschien toch mogelijk is. Dezelfde calculatie betreft Noord-Korea, met zijn enorm opgevoerde raketproeven.
De VS vormen in deze regio China’s voornaamste tegenmacht, maar hun stelsel van allianties is er veel gefragmenteerder dan in Europa. Toch worden ook hier de pionnen herschikt. En dat beperkt zich niet tot de herleving van de ‘Quad’, het veiligheidsoverleg tussen de VS, India, Australië en Japan, of Aukus, het revolutionaire onderzeebotenpact tussen Amerika, Groot-Brittannië en Australië.
Ook in Oost-Azië zijn de veranderingen opvallend. Japan gaat veel meer in zijn militaire kracht investeren. Hayashi verklaart de ‘grote omwenteling’ uit China's ‘unilaterale pogingen de status in de Zuid-Chinese Zee te wijzigen’, Noord-Koreaanse raketproeven, en groeiende Chinees-Russische militaire samenwerking. Hij krijgt bijval van zijn Zuid-Koreaanse collega, die eraan toevoegt dat een zevende nucleaire test van Pyongyang een ‘gamechanger’ zou zijn. Ook de Filipijnen beklagen zich over ‘dagelijkse incidenten’ in de Zuid-Chinese Zee en staan op het punt hun defensiesamenwerking met de VS te intensiveren.
Opmerkelijk is de poging van de Zuid-Koreaanse president Yoon Suk Yeol om de historisch zeer beladen relatie met Japan te verbeteren en de veiligheidssamenwerking te intensiveren. Deze maand bezocht hij Tokio, het eerste bezoek op dit niveau in twaalf jaar. De twee landen delen als gevolg van de toenadering weer militaire inlichtingen en Japan exporteert weer halfgeleiders naar Seoul. Vorig jaar hielden de twee landen voor het eerst sinds 2017 gezamenlijke militaire oefeningen met de VS. Nu wil Canada zich bij dit trio voegen: het zou de tweede ‘quad’ in de regio worden.
Je kunt al deze recente ontwikkelingen niet herleiden tot de oorlog in Oekraïne. Het zijn reacties op toegenomen Chinese en Noord-Koreaanse ‘assertiviteit’. Maar ‘24/2’ heeft wel tot een vergelijkbare mentale omslag geleid als in Europa. Daarbij verbindt de Chinees-Russische samenwerking de veiligheidsbelangen van Amerika’s bondgenoten in de Indo-Pacific meer aan die in Europa – en omgekeerd.
Het is te vroeg om te zeggen of Poetins aanval de deur opent naar een doos van Pandora in de Indo-Pacific. In maart 2012 keerde een wraakzuchtige Poetin terug als president, een jaar later trad Xi aan. Nu zegt Hayashi dat Japan voor de ‘ernstigste veiligheidscrisis’ staat sinds de Tweede Wereldoorlog. Ondanks alle afleiding die we onszelf nog gunnen geldt hier hetzelfde. De mondiale veiligheid heeft lang niet zo onder druk gestaan.
Source: Volkskrant