Home

Écht goeie kindertelevisie behoort tot de mooiste dingen die er zijn: het is ontdaan van pretentie

De dinsdag werd bedorven door een persbericht van de VPRO. Komt niet vaak voor. Het ging over het televisieprogramma Taarten van Abel. Dat bestaat al sinds 2003, en al sinds 2003 is het format in een roestvrijstalen bakvorm gegoten, en al sinds 2003 wordt het gepresenteerd door dezelfde ‘Abel’: Siemon de Jong.

En nu houdt De Jong er dus mee op.

Aan het begin van dit twintigste Abel-jaar schreef tv-recensent Walter van der Kooi van De Groene Amsterdammer dat het programma ‘maximaal empathie opwekt, en dat vaak voor wat enigszins tot sterk afwijkt van ‘normaal’, maar dat dan van dichtbij toch veel normaler en vooral waardevoller blijkt dan gedacht’.

Al die jaren deed De Jong min of meer hetzelfde. Hij versierde de keuken, bakte een taart, en behing die met marsepein en chocola en drop en spekkies en al het andere waar veel kinderen warm voor lopen. Aan een met poedersuiker bestoven keukentafel besprak hij met ieder kind opnieuw het leven, terloopse conversaties, gebouwd op een fundament van een niet aflatende interesse in de ander. Deelnemers vertelden Abel over broers, zussen, ouders, juffen, meesters, grootouders, oppassen en beste vrienden die een taart verdienden, en belandden allengs, high van de glazuur- en suikerdampen, bij alles wat hen bezighield: verliefdheden, sporten, ruzies, scheidingen, pesterijen, ziekte, buitenissige hobby’s, dood. Ze wilden sorry zeggen, of dankjewel. Elke baksessie werd door Abel afgesloten met dezelfde zin: ‘Ik zou zeggen: niks meer aan doen.’

Terwijl de stroom kindercorrespondentie naar een instituut als VPRO Achterwerk zó opdroogde dat de rubriek in 2016 moest worden opgedoekt, bleven de kandidaten voor de Taarten van Abel zich altijd aandienen. Kandidaten als Ulpen, de jongen die vorige week in het programma zat.

Ulpen zei niet veel, zijn blik was timide, zijn zinnen waren kort, zijn woorden zo zacht dat ze de zware stilte die hem omringde nauwelijks konden opheffen. Toen Abel vroeg naar het overlijden van Ulpens oma, liet de jongen zijn voorhoofd op zijn armen vallen en zei hij even helemaal niets meer. Langzaam maar zeker brak Ulpen open: hij vertelde, het voorbehoud verdween, het vertrouwen won terrein in zijn blik. Eenmaal uitgebakken schuifelde hij naar opa’s huis, en torste de autovormige chocoladetaart mee. ‘Opa’, zei Ulpen toen de deur openzwaaide, ‘ik heb deze taart gemaakt omdat je veel oppast, omdat je veel met auto’s bezig bent, en ik hou van je.’ In één adem.

Écht goeie kindertelevisie behoort tot de mooiste dingen die er zijn. Het is ontdaan van pretentie, van omzichtigheid, van schijnbewegingen. Siemon de Jong vroeg wat-ie wilde vragen, en luisterde vervolgens aandachtig naar het antwoord, omdat hij daar ook daadwerkelijk benieuwd naar was.

Volgende week zondag volgt nog een soort terugblikspecial, en dan is het klaar. Of het programma zonder De Jong blijft bestaan, is niet bekend – de mogelijkheid van een nieuwe ‘Abel’ wordt niet uitgesloten.

Klein advies aan de VPRO: doe het niet. Verzin iets nieuws. Een invoelende fietsenmaker, of een welbespraakte eigenaar van een pension voor kleine dieren. Iemand die kinderen (en volwassenen) leert te luisteren naar iemand anders, die laat zien wat het betekent als de ander je daadwerkelijk interesseert. Maar: geen taartenbakker meer. Je kunt een paus verversen, een dalai lama, een sinterklaas desnoods. Maar Siemon de Jong is Abel, en Abel is Siemon de Jong. Taarten van Abel is precies goed zoals het was. Niks meer aan doen.

Source: Volkskrant

Previous

Next