Enea Bastianini tekende na een sterk tweede MotoGP-seizoen een tweejarig fabriekscontract bij de hoofdmacht van Ducati. Jorge Martin staat ook op papier bij de fabriek, maar rijdt dit seizoen voor Pramac. Hij heeft een contract voor twee jaar, maar wel met een optie om na aankomend seizoen te vertrekken als zich een betere kans voordoet. De blik daarbij is vooral gericht op Yamaha, waar Franco Morbidelli’s contract afloopt. Tot die tijd is Martin net zo goed een titelkandidaat als zijn merkgenoten in het fabrieksteam, vindt sportief directeur Paolo Ciabatti.
“Jorge is voor mij een van de rijders die voor het wereldkampioenschap zal vechten”, zegt Ciabatti. “Vorig jaar had hij in eerste instantie een motor waarvoor meer ontwikkeling nodig was dan we eerst dachten. Ook speelt de introductie van de sprintraces hem in de kaart.” Met dat laatste doelt Ciabatti op de immer indrukwekkende kwalificatiesnelheid van de Spanjaard. Hij haalde in zijn eerste twee MotoGP-seizoenen maar liefst negen pole-positions. Ook is hij in de openingsfase van de races vaak sterk en is de Ducati op dat vlak ook de beste motor op de grid.
Bovendien is Ducati voornemens om Martin alle benodigde steun te geven om een gooi te doen naar de wereldtitel, ook al heeft het team met Francesco Bagnaia en Bastianini twee grote kandidaten in huis. “Martin krijgt alle steun die hij nodig heeft om wereldkampioen te worden”, gaat Ciabatti verder. “Als Ducati dat wilde voorkomen, hadden we hem niet hetzelfde materiaal gegevevn als de fabrieksrijders. Ook de technische ondersteuning is identiek. Jorge heeft dezelfde kansen als Enea, dat kan ik 100 procent bevestigen. Vorig jaar deed Pecco mee om de wereldtitel en hebben we nooit ingegrepen, dat was heel duidelijk.”
Het komt niet vaak voor dat een rijder uit een satellietteam wereldkampioen wordt. Valentino Rossi was in 2001 de laatste met Honda, al steunde HRC hem destijds ook met fabrieksmateriaal.
Source: Motorsport