N.B. Het kan zijn dat elementen ontbreken aan deze printversie.
Marengo-proces De top van het OM heeft analyses over een „ernstig risico” voor de veiligheid van de familie van kroongetuige Nabil B. met niemand gedeeld. Het onderzoeksbelang woog zwaarder. Ook bij de moorden op Derk Wiersum en Peter R. de Vries speelde miscommunicatie een grote rol.
Conflicterende belangen, gebroken beloftes, gemiste details, en structurele miscommunicatie binnen het Openbaar Ministerie. De bevindingen van de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) over de beveiliging van de drie vermoorde personen uit de kring van kroongetuige Nabil B. – zijn broer Reduan, advocaat Derk Wiersum en vertrouwenspersoon Peter R. de Vries – zijn ontluisterend.
Het OVV trekt zelf geen conclusies over de betrokken instanties. Dat past niet bij de taakopdracht van de onderzoeksraad die altijd is gericht op het trekken van lessen en het doen van aanbevelingen. Maar voor de goede verstaander is het OVV heel hard; voor de politiediensten maar vooral voor de top van het OM.
Volgens de OVV beschikte de politie bij alle drie moorden over concrete aanwijzingen dat er mogelijk iets op handen was in de weken voor de aanslagen. Die informatie, zo concludeert het OVV, was echter „niet altijd of pas heel laat” beschikbaar voor de ambtenaren die belast zijn met bewaken en beveiligen van de slachtoffers. „Daardoor kwam een effectieve invulling van deze taak door de politie en het OM onder druk te staan.”
Het OM heeft, met andere woorden, het opsporingsbelang in de zaak rond Ridouan Taghi zwaarder laten wegen dan het belang van bewaken en beveiligen van kroongetuige Nabil B. en de mensen om hem heen. En dat terwijl Nabil B. en zijn familie vanaf de allereerste gesprekken over de kroongetuigendeal hebben gewaarschuwd voor de gevolgen die de deal zou hebben voor hun veiligheid.
Een belangrijk deel van het OVV-rapport gaat over communicatieproblemen en het al dan niet beschikbaar zijn van relevante informatie. Het OVV beschrijft hoe dit probleem begint bij de top van het OM: het College van Procureurs-Generaal. Al in de zomer van 2017 bestelt de OM-top een eerste veiligheidsanalyse. Daaruit volgt dat niet alleen Nabil B. risico loopt na publicatie van de kroongetuigendeal, maar ook zijn familie. De dreiging voor Nabil en zijn familie wordt in die analyse als „hoog” gekwalificeerd en als „ernstig”. De vrees is dat de criminele organisatie waarover Nabil B. verklaart een naaste zal vermoorden als ze hem niet kunnen pakken. De aanbeveling luidt dan ook dat alle familieleden van Nabil B. na publicatie van deal in ieder geval tijdelijk beveiligd moeten worden.
De top van het OM deelt deze analyse achter met niemand, ook niet met de mensen die deze beveiliging moeten organiseren en uitvoeren. Sterker nog. Het OVV beschrijft dat de top van het OM instemt met de kroongetuigendeal op basis van een ambtelijke advies waarbij de afdeling Bewaken en Beveiligen niet betrokken is geweest.
In dat advies wordt wel gesteld dat door de deal met Nabil „een bijzondere zorgplicht ontstaat” richting zijn familie. Maar na formele goedkeuring van de deal met Nabil B. gaat de OM-top ervan uit dat de beveiliging van de familie van Nabil B. wel goed was geregeld. Gezien de gebeurtenissen voor de dood van Nabils broer Reduan is de harde werkelijkheid dat dit niet zo was.
Het oogt voor de buitenwacht als saai en routineus maar bewaken en beveiligen is een moeilijk vak. Alles wat medewerkers goed doen wordt meestal niet gezien maar die ene keer dat het fout gaat kan het fatale gevolgen hebben. Met die grote verantwoordelijkheid leven alle mensen die bij dit werk doen. Daarom doorlopen zij iedere keer weer het protocol.
Het OVV beschrijft hoe de betrokken professionals die met Bewaken en Beveiligen hun brood verdienen radertjes zijn in een grote en complexe organisatie waarin belangen niet altijd synchroon lopen en het delen van informatie alles behalve een automatisme is.
Het uitgangspunt van het stelsel Bewaken en Beveiligen is dat beveiliging plaatsvindt onder gezag van de hoofdofficier van justitie in het arrondissement waar bedreigde persoon woont. De regionale eenheid van de politie doet feitelijk het werk: van het maken van dreigingsinschattingen en -analyses tot de uitvoering van concrete beveiligingsmaatregelen.
Boven dit regionale stelsel is er het rijksdomein voor bewaken en beveiligen. Het gezag daarover ligt bij de minister van Justitie en Veiligheid maar het werk is in de praktijk ondergebracht bij de organisatie van de Nationaal Coördinator Terrorisme en Veiligheid, de Dienst Koninklijke en Diplomatieke Beveiliging van de Landelijke politie-eenheid en de Koninklijke Marechaussee. Naast de beveiliging van het Koninklijk Huis valt de beveiliging van landelijke politici, diplomaten en bepaalde locaties ook onder het rijksdomein.
Vanaf het moment dat Peter R. de Vries in het vroege voorjaar van 2021 betrokken raakt bij de zaak van Nabil B. ergert hij zich aan de onduidelijkheid die dit complexe stelsel veroorzaakt. Zo zijn advocaten Onno de Jong en Peter Schouten, met wie De Vries samenwerkt, opgenomen in het landelijke stelsel. Maar De Vries zelf valt onder de hoofdofficier van justitie van zijn hoofdplaats: het arrondissement Midden-Nederland. Door dat verschil in behandeling, zo stelt de OVV, voelt De Vries zich niet serieus genomen.
Stavros Zouridis, plaatsvervangend voorzitter van de Onderzoeksraad voor Veiligheid tijdens de presentatie van de resultaten van het onderzoek Bewaken en Beveiligen Koen van Weel / ANP
Hoe dat de beveiliging van De Vries bemoeilijkt beschrijft het OVV op basis van een melding die een medewerker van een parkeergarage in de Lange Leidsedwarsstraat waar De Vries parkeert als te gast is in de even verderop gelegden studio van RTL Boulevard.
De garagemedewerker heeft op 28 juni 2021 gezien dat Peter de Vries werd gevolgd door een man met opvallende tatoeages in zijn nek toen hij vanuit de Boulevard-studio naar zijn geparkeerde auto liep. Hij meldt dat aan de bewakers die altijd aanwezig zijn bij de Boulevard-studio.
De veiligheid van twee vaste gasten van RTL Boulevard – John van den Heuvel en Peter R. de Vries – is dan al enige tijd onderwerp van zorg. De twee misdaadjournalisten staan volgens justitie op de dodenlijst van het criminele netwerk rond Ridouan Taghi. Van den Heuvel heeft al jaren persoonsbeveiliging maar Peter R. de Vries niet. Hij wil zich niet voegen in het stramien. Zo weigert De Vries zijn agenda van te voren door te geven, een vereiste voor de planning van persoonsbeveiliging.
Omdat de Amsterdamse politie zich toch verantwoordelijk voelt, zijn al in 2020 met RTL afspraken gemaakt om zijn veiligheid, zo heeft het OVV achterhaald. Als RTL meldt wanneer De Vries te gast is bij het televisieprogramma Boulevard, zal de politie waar mogelijk toezicht houden, zichtbaar en onzichtbaar. Met dit informele arrangement omzeilen RTL en de Amsterdamse autoriteiten voor een stukje de patstelling die is ontstaan over de beveiliging van De Vries bij media-optredens.
Naast de weigering van complete persoonsbeveiliging heeft die patstelling volgens het OVV ook te maken met het feit dat De Vries door dezelfde dienst moet worden beveiligd met wie hij in de clinch ligt over hun werkwijze, zijn eigen beveiliging en bovenal over de beveiliging van de familie van Nabil B.
Die spanning staat volgens het OVV de benodigde samenwerking voor het beveiligen van De Vries in de weg. Het leidt bijvoorbeeld tot gebrekkige communicatie tussen de afdeling Bewaken en Beveiligen in Amsterdam, waar De Vries kantoor houdt, en Bewaken en Beveiligen in Midden-Nederland waar De Vries vanwege zijn woonplaats formeel onder valt.
De melding van de garagemedewerker wordt door RTL meteen doorgegeven aan de politie. En de meldkamer van het wijkteam Centrum bekijkt nog diezelfde dag de beelden terug die zijn gemaakt met beveiligingscamera’s van de gemeente. Alleen leveren die beelden niet de bevestiging op van de tip: de man met de tatoeages wordt niet gezien.
Met een paar dagen vertraging komt de melding terecht bij een informatieknooppunt, een afdeling van het OM Midden-Nederland. Zij zoeken contact met het Amsterdamse wijkteam. Omdat er volgens het wijkteam niks te zien is, wordt geen melding gemaakt aan de twee diensten in Midden-Nederland die verantwoordelijk zijn voor de veiligheid van De Vries en het monitoren daarvan. En dat terwijl voor die diensten ieder signaal, hoe klein ook, relevant kán zijn bij de afweging of aanvullende maatregelen nodig zijn.
In Amsterdam vinden ze volgens het OVV extra maatregelen wel nodig. Daar wordt de afspraak gemaakt om bij een volgend optreden van De Vries bij RTL Boulevard extra alert te zijn. Maar dat loopt mis omdat een mailtje van RTL aan het Amsterdamse wijkteam over de aanwezigheid van De Vries op 6 juli die dag niet wordt gelezen. Nadat De Vries dinsdagavond een RTL-beveiliger bedankt voor een aanbod om met hem terug te lopen, wordt hij op weg van de studio naar de parkeergarage van dichtbij neergeschoten.
Na de schietpartij worden de beelden van de week daarvoor nogmaals bekeken en blijkt dat er wel degelijk een verdachte man met de tatoeages in de nek te zien is. Maar het is te laat: De Vries overlijdt op 15 juli aan zijn verwondingen.
Los van de vraag waarom niemand samen met de garagemedewerker naar de beelden heeft gekeken, illustreert de gang van zaken in de week voor de moordaanslag op De Vries de problemen met het delen van informatie en kennis binnen de OM en politie. Door het enkele feit dat De Vries weigert details over zijn a Source: NRC