N.B. Het kan zijn dat elementen ontbreken aan deze printversie.
Italië Vier maanden leidt Giorgia Meloni nu Italië. De eerste vrouwelijke premier toonde zich tot nu toe eerder pragmatisch dan ideologisch. Maar een andere vrouw belooft krachtig verzet. „Wij gaan het deze regering moeilijk maken", zegt kersvers oppositieleider Elly Schlein.
De scheepsramp met een migrantenboot in het Zuid-Italiaanse Calabrië zet de Italiaanse politiek op scherp. Zondagavond koos de grootste Italiaanse oppositiepartij, de centrum-linkse Democratische Partij (PD) voor radicale vernieuwing, door de linkse, groene en feministische Elly Schlein (37) als partijleider te kiezen. Schlein spaarde de regering-Meloni alvast niet, en zei als reactie op de tragedie in Calabrië dat die ramp ,,zal blijven wegen op zij die een wet goedkeuren die hulp op zee belemmert", een verwijzing naar het harde migratiebeleid van de regering-Meloni.
Hoewel migratie mogelijk de achilleshiel zal blijken van deze nieuwe, vol-rechtse regering, toonde die zich de voorbije maanden een stuk pragmatischer en minder ideologisch dan vooraf gedacht.
Met name de PD had in de aanloop naar de Italiaanse parlementsverkiezingen van 25 september, die Giorgia Meloni aan de macht zouden brengen, gewaarschuwd dat de democratie in gevaar zou zijn. Maar bezorgdheid om Meloni’s partij Broeders van Italië, die haar verre wortels in het fascisme heeft, oversteeg zeker ook de Italiaanse landsgrenzen. Voorzitter Ursula von der Leyen van de Europese Commissie sprak dreigend dat Europa „over de instrumenten beschikte” om in te grijpen als Italië van het rechte pad zou afgaan. Snel doemden er ook financiële rampscenario’s op: zou Italië onder een rechts-populistisch bestuur zijn begroting wel op orde houden?
Ruim vier maanden na het aantreden van de regering-Meloni, met behalve de Broeders ook nog Silvio Berlusconi’s Forza Italia en Matteo Salvini’s Lega aan boord, is de Italiaanse economie nog niet ineengestort en stappen er ook geen fascistische zwarthemden op straat rond. Giorgia Meloni omarmde snel Europa, had vriendschappelijke ontmoetingen met andere Europese regeringsleiders, en haar regering diende een redelijke begroting in.
Meloni richt zich sterk op buitenlands beleid en hield Italië de voorbije maanden strak op de lijn van het Westen, de EU en de NAVO. Toen haar rebelse bondgenoot Berlusconi onlangs weer eens openlijk de kant van zijn oude vriend Vladimir Poetin koos, zei Meloni hem de wacht aan. De Italiaanse premier benadrukte dat Italië nog steeds voluit de Oekraïense president Volodymyr Zelensky steunt, en reisde spoorslags naar Kyiv om de daad bij het woord te voegen.
Verkiezingskoorts verklaart zeker deels de harde taal die de Democratische Partij (PD) voor Meloni over had. Maar met haar hard-rechtse ideologische standpunten en schreeuwerige toespraken had Giorgia Meloni de onrust zeker ook zelf aangewakkerd. Toen de 46-jarige Romeinse haar intrek nam in Palazzo Chigi, het kantoor van de Italiaanse premier, matigde ze evenwel prompt haar toon. En door de maanden daarna pragmatisme te verkiezen boven de ideologische dogma’s van haar rechts-nationalistische partij, bedaarde ze niet alleen de gemoederen in Europa, maar snoerde ze ook de PD de mond.
Die grootste Italiaanse oppositiepartij moest zich daarna in bochten wringen om de harde campagnetaal weer in te slikken, en zocht maandenlang naar een nieuwe richting en smoel. Uitgerekend Enrico Letta, de voormalige Italiaanse premier die als voorzitter van de PD zijn tanden stukbeet op Meloni, zei onlangs tegen The New York Times dat de nieuwe premier „sterk” is en op financieel-economisch gebied „beter presteert dan verwacht”.
Van Letta's opvolger Elly Schlein hoeft Meloni zulke complimenten vast niet te verwachten. ,,Wij gaan het deze regering moeilijk maken", beloofde Schlein alvast zondagavond.
Vooral vrouwen en jongeren kozen zondag voor de 37-jarige, die geboren is in Zwitserland en nog campagnevrijwilliger was voor Barack Obama. Volgens de krant Corriere della Sera speelde bij die voorzitterverkiezing een dubbel 'Meloni-effect'. De eerste Source: NRC