N.B. Het kan zijn dat elementen ontbreken aan deze printversie.
Cv-ketel eruit, warmtepomp erin. Steeds meer mensen willen er een: in totaal stonden er eind 2021 1,3 miljoen warmtepompen in Nederland, nadat er in dat jaar 368.000 bij waren gekomen. Huishoudens willen hun manier van verwarmen minder afhankelijk maken van gas. Per 2026 wordt het zelfs verplicht om een cv-ketel die aan vernieuwing toe is te vervangen door een duurzamer alternatief. Wanneer is de warmtepomp een goede keuze, en wanneer niet? In deze gids zet NRC zes punten om op te letten op een rij.
Vanaf 2026 worden hybride warmtepompen de standaard voor het verwarmen van woningen, zo maakten ministers voor Volkshuisvesting Hugo de Jonge (CDA) en Rob Jetten voor Klimaat en Energie (D66) in mei 2022 bekend. Mensen die hun cv-ketel vervangen, moeten dan kiezen voor een duurzamer alternatief, dat naast de hybride warmtepomp ook een volledig elektrische warmtepomp of een aansluiting op het warmtenet kan zijn. Reden voor de verplichting is dat duidelijk werd dat het behalen van de doelen van het klimaatakkoord voor 2030 (wat betreft huizen en andere gebouwen) verder uit het zicht raakte.
Een warmtepomp in huis halen is niet voor iedereen haalbaar. Mensen in een huurhuis gaan meestal niet zelf over wat voor type verwarmingssysteem in hun huis hangt. Ook mensen zonder een eigen dak of tuin, bijvoorbeeld in appartementencomplexen, of mensen die zeer beperkte ruimte hebben rondom de cv-installatie, kunnen niet zomaar overstappen naar een warmtepomp.
Los daarvan is het installeren van een warmtepomp, ook na de nodige subsidies, een kostbare operatie. Ook goed om te weten: warmtepompen zijn vaak niet op korte termijn leverbaar. Door lange levertijden en een tekort aan installateurs is het niet uitzonderlijk om minstens een half jaar en soms langer dan een jaar te wachten op installatie. Is de cv-ketel onverwachts of per direct aan vervanging toe, dan is een warmtepomp dus geen realistische optie.
Deze gids is dan ook vooral bedoeld voor mensen voor wie bovenstaande punten geen obstakel vormen, of voor wie meer over warmtepompen wil weten.
Ga naar een onderdeel naar keuze:
Een warmtepomp vervangt (geheel of grotendeels) de cv-ketel. Hij verwarmt de woning en, afhankelijk van het type, ook het warme water uit de kraan door warmte uit de buitenlucht of bodem te genereren.
Er zijn drie typen warmtepompen. De eerste twee, de lucht-waterwarmtepompen en bodem-waterwarmtepomp, zijn volledig elektrisch. De derde variant is de hybride warmtepomp. Die werkt samen met de cv-ketel en is daarmee niet volledig elektrisch. De eerste twee varianten verwarmen zowel het water uit de kraan als het water voor de radiatoren. De hybride variant verwarmt alleen radiatoren, de cv-ketel verwarmt dan het kraanwater.
Alle soorten warmtepompen bestaan uit twee delen: een binnendeel en een buitendeel. Ze halen met het buitendeel warmte uit ofwel de buitenlucht, ofwel de bodem en comprimeren die. Ze geven die warmte door aan de warmtewisselaar in het binnendeel en die geeft het vervolgens af aan het water voor de radiatoren en, afhankelijk van het type, ook aan het tapwater.
Klik op het plusje om meer te leren over de verschillende soorten warmtepompen
De warmtewisselaar is de kern van de warmtepomp. Hier wordt de warmte die de warmtepomp uit de buitenlucht of bodem haalt doorgegeven aan het verwarmingssysteem binnen. De cyclus (A)….
….begint bij het buitendeel (1), waar buitenlucht naar binnen wordt gezogen. Die lucht zorgt ervoor dat de koelvloeistof waarmee de warmtepomp werkt verdampt, een systeem dat door het lage kook- en verdampingspunt van koelvloeistof ook bij lage buitentemperaturen werkt.
De verdampte koelvloeistof wordt binnen vervolgens samengeperst (2) en door die hoge druk loopt de temperatuur verder op.
Zo genereert de warmtepomp warmte, die door de warmtewisselaar (3) afgegeven wordt aan de verwarming in huis (B). De hete, verdampte en samengeperste koelvloeistof verliest zo zijn warmte en condenseert weer. Daarna….
…. gaat het terug naar het buitendeel en komt onderweg langs een expansieventiel (4). Daar wordt de koelvloeistof nog verder teruggekoeld, om daarna in het buitendeel snel weer te kunnen verdampen.
De warmte die door de warmtewisselaar afgegeven is verspreidt zich ondertussen door het verwarmingssysteem in huis (B).
In hoeverre een warmtepomp duurzaam is, hangt af van waaraan je die duurzaamheid afmeet.
Zo gaat de netto CO2-uitstoot van de woning vrijwel altijd omlaag bij een overstap op een warmtepomp. Bij een hybride warmtepomp gaat de CO2-uitstoot gemiddeld zo’n 30 procent naar beneden, voor een volledig elektrische warmtepomp kan dat oplopen tot gemiddeld 60 procent: het genereren van stroom zorgt voor minder CO2-uitstoot dan bij gas het geval is. Als de warmtepomp gevoed wordt met groene stroom van de energiemaatschappij of door zonnepanelen op het dak kan de milieuwinst nog groter zijn, al blijft het de vraag hoe groen de groene stroom van energiemaatschappijen daadwerkelijk is.
Maar een enorme daling in uitstoot is niet helemaal vanzelfsprekend. Als een woning maar net voldoende geïsoleerd is – op isolatie komen we verderop uitgebreid terug – dan moet een warmtepomp hard werken om het huis te verwarmen. Het elektriciteitsverbruik kan dan hard oplopen, meer dan eventuele zonnepanelen aankunnen.
De overstap naar een warmtepomp is ook minder duurzaam als daarvoor een cv-installatie weggaat die eigenlijk nog jaren meekan. In zo’n geval is een hybride warmtepomp waarschijnlijk duurzamer: daarmee ga je in ieder geval voor een deel alvast van het gas af, zonder dat de cv-ketel vroegtijdig verdwijnt. Als de cv-ketel vervolgens eerder stuk gaat dan de hybride warmtepomp, kan er een nieuwe ketel naast geïnstalleerd worden. Dat is ook na 2026 toegestaan, want het betreft dan immers een duurzamere combinatie dan een cv-ketel alleen. De pomp raakt dus niet overbodig.
Als je weet dat je cv-ketel nog maar een paar jaar te gaan heeft, kun je ook die tijd uitzitten en (als je huis het toelaat) daarna in één keer overstappen op een volledig elektrische warmtepomp: dat is ook na 2026 niet verplicht, maar wel de meest duurzame optie.
Of het de investering waard is, hangt ook af van hoe lang iemand nog in het huis woont. Als de woningeigenaar bijvoorbeeld weet dat hij of zij binnen een paar jaar na de overstap verhuist, is de kans groot dat de (hybride) warmtepomp zich binnen die tijd niet terugverdient. De vraag is dan of de woningeigenaar bij verkoop van het huis de investering eruit haalt.
Het werd voor Nederlandse gemeentes verplicht om in 2021 een ‘Transitievisie Warmte’ op te stellen. Daarin beschrijven gemeenten in welke wijken, buurten en kernen ze in de periode tot en met 2030 aan de slag gaan met de verduurzaming van de gebouwde omgeving, op het gebied van gasloos verwarmen. Als een woningeigenaar die in zo’n wijk woont net daarvoor een warmtepomp wil laat installeren, is het eveneens de vraag of die investering het waard is, zowel qua kosten als op het vlak van duurzaamheid. De gemeente zou dan immers grotendeels opdraaien voor de kosten van de ontwikkeling.
Isolatie is heel belangrijk. Hoe beter het huis geïsoleerd is, hoe beter een warmtepomp het huis op temperatuur kan houden. Is een woning matig geïsoleerd, dan kan het zomaar onbehaaglijk worden. Maar wanneer zit je nou goed?
Het hangt af van het bouwjaar van de woning, de soort isolatie en het glas of een woning qua isolatie al klaar is voor een overstap naar een warmtepomp.
Volgens voorlichtingsbureau Milieu Centraal hebben huizen vanaf bouwjaar 1992 voldoende isolatie: sinds dat jaar zijn de bouweisen dusdanig aangescherpt dat de isolatie automatisch zou moeten voldoen. Het gaat daarbij om de aanwezigheid van enige vorm van vloer-, dak- en spouwmuurisolatie. Van welk materiaal de isolatie is, maakt volgens Milieu Centraal niet veel uit: glaswol, steenwol of ‘EPS-parels’ – van die kleine balletjes van foam – zijn allemaal prima.
Vanaf de eeuwwisseling hebben huizen ook standaard HR++ glas, een dikkere soort dubbelglas dan daarvoor de standaard was. Dat glas is een andere vereiste voor een goede werking van de warmtepomp. Bij twijfel is zelf te controleren wat voor glas er in het raamwerk zit: houd een aangestoken lucifer of aansteker voor het glas wanneer het buiten donker is, als in de weerkaatsing meerdere vlammetjes met verschillende kleuren te zien zijn, zit je goed.
Voor huizen van voor 1992, of huizen die om een andere reden minder goede isolatie hebben, geldt dat er waarschijnlijk aanvullende verduurzamingsmaatregelen nodig zijn voordat een warmtepomp goed werkt.
Valt een woning in die categorie, dan kan de bewoner naast deskundig advies inwinnen zelf ook alvast een inschatting maken van hoe het er nu voor staat. Stelregel is, logischerwijs: hoe dikker de isolatie, hoe beter. Hoeveel centimeter precies voldoende is, verschilt per huis.
Om na te gaan hoe dik de huidige muurisolatie bijvoorbeeld is, of hoeveel ruimte daarvoor zou zijn, kan bij een deur of raam gekeken worden hoe dik de totale muur is. Als dat gemeten vanaf binnen in de kamer tot de buitenste laag aan de buitenkant meer dan 24 centimeter is, dan is er hoogstwaa Source: NRC