Home

Asieldeal staat weer onder druk door aanhoudende kritiek

N.B. Het kan zijn dat elementen ontbreken aan deze printversie.

Politiek Als de beperking van gezinshereniging van statushouders juridisch onhoudbaar blijkt, kan dat leiden tot hernieuwde onrust binnen de VVD over de asieldeal. De ChristenUnie heeft al verklaard niet mee te werken aan wat het „pestmaatregelen” noemt.

Pestmaatregelen voor vluchtelingen: wie het daar in de coalitie van het kabinet-Rutte IV (VVD, D66, CDA en ChristenUnie) nog eens over wil hebben, hoeft niet meer bij de ChristenUnie, de kleinste coalitiepartij, aan te kloppen. Die boodschap knoopte partijleider Gert-Jan Segers afgelopen november niet alleen in de oren van zijn achterban, maar vast ook in de oren van zijn coalitiepartners.

Verschillende rechters hebben in de voorbije weken de tijdelijke beperking op gezinshereniging voor statushouders zonder woning onwettig verklaard. De nareismaatregel is een belangrijke pilaar van de asieldeal, die afgelopen zomer door de coalitie werd gesloten in een poging de asielopvangcrisis het hoofd te bieden. De ChristenUnie en D66 waren vanaf het begin kritisch over deze maatregel, terwijl de VVD die juist heel graag wilde.

Staatssecretaris Eric van der Burg (Asiel, VVD) reageerde in eerste instantie schouderophalend op de oordelen van de rechtbanken. Hij vestigt zijn hoop nog altijd op het hoger beroep dat donderdag bij de Raad van State heeft gediend. Eind december poogde hij nog, weliswaar tevergeefs, de vonnissen van de rechtbanken te laten schorsen tot de uitspraak in hoger beroep definitief duidelijkheid geeft over de houdbaarheid van de tijdelijke beperking op gezinshereniging.

Woensdag besloot het kabinet de omstreden nareismaatregel toch op te schorten – „om nodeloze procedures te voorkomen”. Dit betekent dat een pilaar van de asieldeal, het akkoord waarmee de coalitiepartijen probeerden de crisis in de asielopvang te bestrijden, grove en diepe barsten vertoont. Of deze pilaar volledig instort, moet binnen zes weken blijken – dan komt de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State met zijn uitspraak.

Of de asieldeal definitief van tafel gaat, blijft vooralsnog ongewis. Toch is er reden te verwachten dat de zwaar bevochten deal op springen staat. En niet alleen vanwege de wankelende nareismaatregel. Ook op de spreidingswet, een ander belangrijk onderdeel van het akkoord, klinkt nog steeds kritiek.

De coalitiepartijen ChristenUnie en D66 zijn in ieder geval niet rouwig om de opschorting van de nareismaatregel. Die was voor beide partijen een moeilijk te verteren deel van de deal. Kritische CU-leden dwongen in oktober, voor het eerst in de geschiedenis van de partij, zelfs een extra congres af om hierover te spreken. CU-fractievoorzitter Gert-Jan Segers zei een maand later: „Laat ik heel helder zijn: wij gaan niet onderhandelen over pestmaatregelen voor vluchtelingen. Punt.” Zo denkt de partij er nog steeds over.

Met het doordrukken van de nareismaatregel heeft de VVD gegokt en verloren. Zo denkt de ChristenUnie er tenminste over. De partij heeft bij het sluiten van de asieldeal de rest van de coalitie laten weten bij juridische onhoudbaarheid niet te willen heronderhandelen en niet van plan is een voor de VVD gunstige maatregel te accepteren. Maar als de uitspraak van de Raad van State voor Van der Burg negatief uitpakt, kan de VVD opnieuw te maken krijgen met onrust in de achterban en de Kamerfractie.

Het CDA heeft zich steeds pragmatisch opgesteld: de beperking van gezinshereniging werd niet als een fraaie maatregel gezien, maar wel als een nuttige om de druk op de asielopvang te verlichten.

ChristenUnie en D66 hebben hun handtekening onder de asieldeal – inclusief nareisbeperking – gezet, mede omdat ze in ruil daarvoor de spreidingswet hebben bedongen. Die moet betere spreiding van asielzoekers over gemeenten mogelijk maken, desnoods kunnen die daartoe gedwongen worden.

Binnen de VVD-fractie stuitte dat deel van de deal op grote weerstand. De tegenstanders zagen niks in het ‘dwingende karakter’ van de wet. VVD-fractievoorzitter Sophie Hermans bleek niet in staat het morrende deel van haar fractie mee te krijgen over de wet.

Rutte wist begin november tijdens een fractievergadering bezorgde Kamerleden gerust te stellen, hen ervan verzekerend dat hij er alles aan gaat doen om de komst van asielzoekers naar Nederland zoveel mogelijk te beperken. De wet ligt, na Ruttes bezwering van een op handen zijnde kabinetscrisis, bij de adviseringstak van de Raad van State.

Hoe die wet in de praktijk gaat uitpakken, is nog onduidelijk. De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) erkent dat die nodig is om de opvangcrisis structureel op te lossen, maar is kritisch over de „effectiviteit en uitvoerbaarheid” ervan. De belangenbehartiger stelt dat de wet onnodig complex is, onnavolgbaar zelfs.

De wet, stelt de VNG daarnaast, lost de opvangcrisis niet voor het einde van dit jaar op. De verlichting voor de asielopvang komt pas medio 2024.

Vluchtelingen met een verblijfsvergunning mogen gezinsleden laten overkomen naar Nederland. De vluchteling en de nareiziger moeten al voor de vlucht partners geweest zijn (al dan niet getrouwd). Als de vluchteling minderjarig was op het moment van het aanvragen van een verblijfsvergunning mag hij of zij zijn ouders laten overkomen. Eventuele broertjes en zusjes mogen dan ook komen.

De aanvraag moet binnen drie maanden gedaan worden na het verkrijgen van de verblijfsvergunning. De nareiziger kan zich melden bij de Nederlandse ambassade in het land van herkomst.

Er moet wel aan een aantal voorwaarden worden voldaan. Zo moet een vluchteling de (gezins)band met documenten kunnen aantonen. Dit blijkt voor vluchtelingen uit Afrikaanse landen zoals Eritrea regelmatig een probleem. Ook mag de nareiziger geen strafbaar feit of misdrijf hebben gepleegd.

Het aantal nareizigers per statushouder verschilt; de ene laat een aantal gezinsleden overkomen, de ander geen enkel. Volgens Vluchtelingenwerk Nederland komt er gemiddeld één nareiziger per statushouder (vluchteling met een verblijfsvergunning) in Nederland wonen. Uit de meest recente cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek blijkt dat in de maanden december 2021 tot en met november 2022 11.200 nareizigers naar Nederland kwamen.

Door de tijdelijke stop op gezinshereniging, voor vluchtelingen die wel een verblijfsvergunning hebben maar nog geen woning, konden ongeveer 1.780 gezinsleden niet naar Nederland komen. Het werkelijke aantal door de tijdelijke stop getroffen nareizigers zou iets lager kunnen liggen, aldus het ministerie, omdat enkelen in de tussentijd een woning hebben waardoor hun verwanten wel konden komen.

U kunt ons via dit formulier informeren over taalfouten of feitelijke onjuistheden, dat stellen wij zeer op prijs. Berichten over andere zaken worden niet gelezen.

Source: NRC

Previous

Next