Home

Recycleridder

N.B. Het kan zijn dat elementen ontbreken aan deze printversie.

Ooit werd ik op heterdaad betrapt toen ik een envelop met een plakbandje bij het oud papier gooide. „Zo”, zei de collega in kwestie, „dus jij laat dat er gewoon opzitten? Was jij soms ook degene die dít in de bak wierp?” Ze zwaaide dreigend met een bubbeltjesplasticenvelop. Ik ontkende, en maakte me uit de voeten. Nooit zag ik daarna nog een plakbandsnipper over het hoofd.

Eenzelfde ongemak voelde ik afgelopen week bij het nieuws dat theezakjes en koffiepads eindelijk bij het gft mogen. En ik maar denken dat dat al jaren geleden besloten was. Sterker nog: als ik er in de recyclebak bij NRC per ongeluk toch eentje bij het restafval wierp, schroomde ik niet om tussen het vuil te tasten en mijn fout te herstellen. Touwtje eraf, labeltje eraf, en de rest: hoppa, tussen de bananenschillen. Earl Grey voor de wormen. Maar nu bleek ik, recycleridder die ik ben, al jarenlang in overtreding. Groen doen is minder eenvoudig dan het lijkt.

Dat ervoer ook D66-politicus Jan Paternotte, nadat hij onlangs de Veluwezoom bezocht had met een boswachter. „Iedere dode eik waar we langslopen is een herinnering aan de stikstofproblematiek”, schreef hij onder de foto die hij online plaatste. Ietwat onhandig: de boom op de foto was geen eik maar een beuk – niet dood maar simpelweg kaal vanwege de winter. Arme Jan: in de dagen erna kreeg hij heel stikstofsceptisch Twitter over zich heen. In plaats van als een fractievoorzitter met gebrekkige bomenkennis werd hij weggezet als moedwillige leugenaar. Zo deed zijn pleidooi meer kwaad dan goed. (Wat maar bewijst dat iedere politicus naast kennis van de grondwet en een goed moreel kompas ook een Heukels’ Flora zou moeten hebben.) Gretig kopieerden de twitteraars elkaars mopjes over eikels onder beuken. Ook herkauwen is een vorm van recyclen.

Een groen lichtpuntje deze week vormde het gat in de ozonlaag, dat – mede door het recyclen van oude cfk-rijke koelkasten – de laatste jaren steeds kleiner wordt. Volgens VN-wetenschappers zal de ozonlaag over twintig jaar op de meeste plekken weer net zo ongeschonden ogen als in de jaren tachtig. Het doet me denken aan het adagium waarmee ik jarenlang mijn huis schoonmaakte: maak er eerst een flinke rotzooi van, zodat het opruimen daarna extra indrukwekkend lijkt. Overigens staat in het VN-rapport ook dat de ozonlaag in de lagere regionen van de stratosfeer nog geen tekenen van herstel vertoont, en dat het op Antarctica nog minstens tot 2066 duurt voordat het gat verdwenen is. Hoe groter de troep, des te langer je moet puinruimen.

Intussen is het de kunst om op de lichtpuntjes te blijven focussen. Of zoals huispakstylist en haarlakadept Roy Donders zingt in zijn nummer ‘Ga voor Goud’: „La la la la la / Ik geef je harde krullen en een kleur die nooit verdwijnt / Ik spuit voor jou een gat in de ozonlaag / Zodat de zon hier altijd schijnt”.

NieuwsbriefNRC Wetenschap

Op de hoogte van kleine ontdekkingen, wilde theorieën, onverwachte inzichten en alles daar tussenin

U kunt ons via dit formulier informeren over taalfouten of feitelijke onjuistheden, dat stellen wij zeer op prijs. Berichten over andere zaken worden niet gelezen.

Source: NRC

Previous

Next