Home

Indonesische president Joko Widodo betuigt spijt voor mensenrechtenschendingen in afgelopen decennia

N.B. Het kan zijn dat elementen ontbreken aan deze printversie.

De Indonesische president Joko Widodo heeft woensdag tijdens een toespraak in de hoofdstad Jakarta spijt betuigd voor een groot aantal „ernstige mensenrechtenschendingen” die in het land hebben plaatsgevonden. Dat melden internationale persbureaus. Als een van de schendingen noemde hij de massamoorden in 1965 en 1966, waarbij naar schatting een half miljoen communistische Indonesiërs om het leven kwamen.

Widodo laat „met een zuiver en oprecht geweten” weten „ten zeerste” te betreuren dat de massamoorden hebben plaatsgevonden. Met zijn spijtbetuigingen reageert Widodo op een recent gepubliceerd rapport over mensenrechtenschendingen in de afgelopen decennia in Indonesië. Hij had voor onderzoek hiernaar afgelopen jaar een onafhankelijke commissie ingesteld.

De tussen oktober 1965 en maart 1966 vermoorde Indonesiërs waren onder meer leden van de PKI, destijds de grootste niet-regerende communistische partij ter wereld, en van vakbonden en organisaties voor boeren, vrouwen en jongeren. Deze waren verbonden met de PKI. De moorden volgden op beschuldigingen van Soeharto, destijds generaal-majoor van het nationale leger en later president, aan het adres van de communisten voor een in 1965 mislukte staatsgreep. In 1967 nam hij de macht over van Soekarno, de eerste president van Indonesië.

Widodo betuigde tijdens zijn toespraak ook spijt voor elf andere schendingen, die plaatsvonden in de periode tussen 1965 en 2003, waaronder de studentenprotesten tegen Soeharto eind jaren negentig. Naast studenten vielen er veel slachtoffers uit de Chinese minderheidsgemeenschap. Widodo, de zevende president van Indonesië, beloofde eerherstel aan de slachtoffers van die protesten, maar gaf geen verdere details over de invulling daarvan.

U kunt ons via dit formulier informeren over taalfouten of feitelijke onjuistheden, dat stellen wij zeer op prijs. Berichten over andere zaken worden niet gelezen.

Source: NRC

Previous

Next