N.B. Het kan zijn dat elementen ontbreken aan deze printversie.
ZAP In de documentaire Even vergeten schetst maakster Kim Smeekes het leven van Korsakovpatiënten in verpleeghuis Markenhof. De centrale vraag: wat is mededogen? Iemand zijn vrijheid geven, of tegen zichzelf beschermen?
‘Ineens was ik hier. Weet u er wat van?” Het lijkt wel een dystopische sciencefictionfilm. Je woont in het bos op de Veluwe, in wat van een afstand net vakantiehuizen lijken. Maar hoe je er precies terechtkwam, weet je niet. Of hoe lang je daar eigenlijk al bent. Jaren, maanden? Geen van de bewoners weet dat van zichzelf. Maar je mag niet weg. Dat staat vast. En je mag geen bier.
Documentairemaakster Kim Smeekes bezocht tien jaar geleden voor een item van het programma Spuiten en Slikken verpleeghuis Markenhof, waar Korsakovpatiënten wonen en behandeld worden. De reportage duurde destijds maar vijf minuten, maar het maakte indruk op Smeekes. Tien jaar later kwam ze terug en zag ze er dezelfde mensen zitten, die nog altijd dezelfde dingen zeiden. In haar documentaire Even vergeten, schetst ze het leven van de bewoners.
De wereld van Korsakovpatiënten is, zoals de voice-over zegt, een „opzichzelfstaand universum waarin de tijd op een andere manier bestaat”. Korsakov ontwikkel je door een vitamine B1-tekort, haast altijd ligt er een alcoholverslaving aan ten grondslag. Het tekort beschadigt je hersenen en daarmee je geheugen, en het besef van tijd en ruimte. Herinneringen vervagen „tot troebele overblijfselen van wat ooit een leven was”. De gaten vul je op met nieuwe verhalen.
De ene Korsakovpatiënt is de andere niet, de stadia verschillen enorm. Sommigen zijn eenzaam. Een van de twee hoofdpersonen, Christina, heeft nauwelijks nog contact met haar vier kinderen.
Anderen, zoals ex-militair Kenny, hebben meer geluk. Zijn dochter Daniëla had een tijd minder contact, maar komt nu op bezoek omdat ze ziet hoe hij ervan opknapt. „Ik wil liever dat hij zich goed voelt, en hoe ik me dan voel wil ik inderdaad opzij zetten.” Nu is hij een aimabele versie van zichzelf, toen hij nog dronk was dat niet altijd het geval.
Het grootste deel van de documentaire volgen we Kenny die wordt overgeplaatst naar een andere afdeling met meer beperkingen, ondanks zijn expliciete wens naar huis te gaan. Want dat is naast Korsakov wat werkelijk alle patiënten gemeen hebben. Ze willen naar huis. Weg. Vrij zijn.
Het is pijnlijk, mensen tegen hun zin opsluiten, maar voor hun eigen bestwil. Mogen mensen zichzelf niet kapotmaken met hun alcoholverslaving als ze dat willen? Zit je daar vooral omdat familie niet wil dat je jezelf de dood in drinkt? Wat is mededogen: iemand zijn vrijheid geven of iemand tegen zichzelf beschermen? Dat soort vragen sudderen onder de oppervlakte, maar er is vaak geen eenvoudig antwoord op.
De verzorgers hebben het er ook moeilijk mee. Guido, Kenny’s begeleider aan het begin van de documentaire, verzucht voorafgaand aan de overplaatsing naar de strengere afdeling dat zijn goede band met Kenny nu wel kapot zal zijn. „Ik vind het heel spannend. Ik mag Kenny heel graag.”
Kenny wordt inderdaad kwaad. Guido probeert hem ervan te overtuigen het te zien als een nieuw begin, niet als straf. „Jij ziet het als opsluiten maar dat ís het niet.” „Ja natuurlijk, ik word van m’n vrijheid beroofd!” Kenny heeft een punt. Guido: „Denk je dat ik het niet lastig vind?”
De documentaire hinkt op twee gedachten. Enerzijds is het een persoonlijk portret van Kenny, anderzijds een illustratie van het fenomeen Korsakov. Smeekes keek niet zozeer naar het maatschappelijk systeem achter Korsakov en naar de behandeling ervan, maar naar de persoonlijke impact van de ziekte. Het knappe is dat zowel het perspectief van Kenny serieus wordt genomen, als dat van de verzorgers en Daniëla. Je begrijpt ze allemaal. Het leidt geen twijfel dat Kenny inderdaad niet op zichzelf kan wonen. Dat is de treurige waarheid. Maar dat hij weg wil, begrijp je ook o zo goed.
NieuwsbriefNRC Kijktips
Wat moet je deze week kijken? Tips voor boeiende programma’s, series en films
U kunt ons via dit formulier informeren over taalfouten of feitelijke onjuistheden, dat stellen wij zeer op prijs. Berichten over andere zaken worden niet gelezen.
Source: NRC