Home

Dit zijn de tien mooiste museumwoningen, volgens deze museumdirecteur

Toptien Museumwoningen zijn populair, merkt Jorn Konijn, directeur van het Van Eesteren Museum, omdat ze beleving bieden. „Voor de meeste museumbezoekers is alleen een object niet meer genoeg.”

Villa Müller in Praag

„Iedere keer dat ik op vakantie ben, kijk ik: is hier nog iets?” Een woning om te bezoeken, bedoelt Jorn Konijn (49). Afgelopen zomer, tijdens zijn vakantie naar Wenen en Venetië, reed hij om voor Villa Tugendhat in Brno, Tsjechië. „Een rondleiding moet je maanden van tevoren reserveren.”

Konijn is sinds 2022 directeur van het Van Eesteren Museum, een paviljoen aan de Sloterplas in Amsterdam Nieuw-West met tentoonstellingen over architect en stedenbouwkundige Cornelis van Eesteren, en over het stadsdeel. Van Eesteren (1897-1988) was in de jaren dertig verantwoordelijk voor het Algemeen Uitbreidingsplan, het ontwerp voor de uitbreiding van Amsterdam. Onder meer van Nieuw-West, dat inmiddels zo’n 170.000 inwoners telt. Konijn: „Gezonde steden hebben veel groen nodig, vond hij. Vanuit heel Nieuw-West moest je met je blote voeten door het groen naar de Sloterplas kunnen lopen.”

Op tien minuten lopen van het paviljoen ligt de museumwoning van het Van Eesteren Museum. Museumwoningen worden steeds populairder, zegt Konijn. „Voor de meeste museumbezoekers is alleen een object niet meer genoeg. In een museumwoning stap je een hele nieuwe wereld binnen.”

We zitten op het terras van het museum, want binnen vergadert deze middag het bestuur van woningcorporatie Ymere. Ze vroegen of ze in hun lunchpauze naar de museumwoning mochten. „Het is gewoon een woning in een huizenblok. Maar ja, je wordt er getransporteerd naar de jaren vijftig”, zegt Konijn, die ze een rondleiding heeft gegeven.

Konijn is curator geweest van design- en architectuurbiënnales in China en Brazilië, was hoofdprogrammeur van de Dutch Design Week in Eindhoven en geeft les aan kunstacademie ArtEZ. Momenteel promoveert hij op het werk van architect Aldo van Eyck (1918-1999), „in Amsterdam vooral bekend van de speelplaatsen met ijzeren iglo’s”, en van het Burgerweeshuis in Amsterdam-Zuid, zijn favoriete gebouw. Hij woont er vlakbij.

Jorn Konijn is er overigens „heilig van overtuigd” dat naast het Olympisch Stadion een klein gebouwtje staat dat is ontworpen door Van Eesteren. „Precies dezelfde kleur en compositie als een huis dat hij voor een vriend heeft gebouwd in Nunspeet.” Nog een onderzoekje waard.

J.J.P. Oud, 1928-1930 10 De Kiefhoek, Rotterdam

Jorn Konijn: „J.J.P. Oud was een van de belangrijkste architecten van De Stijl, de kunststroming waarbij alles moest worden teruggebracht naar de absolute essentie. De meesten kennen hem van het Nationaal Monument op de Dam. Museumwoning de Kiefhoek is gewoon een rijtjeshuis, maar dan in De Stijl-stijl. Niks tierlantijnen of frutsels. Maar Oud was niet zo stijlvast. In het interieur zit bijvoorbeeld groen, dat zou [De Stijl-prominent] Theo van Doesburg nooit gebruikt hebben, want niet primair. Na de oorlog ging Oud ook weer plotseling ornamenten gebruiken. Dat kon volgens de minimalistische functionalisten natuurlijk echt niet. De Kiefhoek heeft een slimme, functionalistische plattegrond: er moesten grote gezinnen wonen op een klein oppervlak. Het leuke is: mensen wonen er nog gewoon. Dus Piet en Marie wonen hier en dan is de volgende woning een museumwoning.”

Joop van Stigt, 1975-19769 Huis van Haven, Almere

„In Almere is een rijtjeshuis helemaal teruggebracht in jarenzeventigsfeer. Flowerpower, kleurrijk. Het is een van de eerste woningen van de stad, ontworpen door Joop van Stigt, een leerling van Van Eyck. Dat hebben ze heel leuk gedaan, met bordjes erbij over hoe het toen ging. Over sleutelparty’s, bijvoorbeeld [waarbij je naar bed ging met degene van wie je de huissleutel uit een schaal viste].Het is leuk om te zien hoe Almere al met erfgoed bezig is. Dat kun je je helemaal niet voorstellen bij een stad die pas vijftig jaar bestaat. Ter ere daarvan werd Huis van Haven op 29 november 2025 geopend, en het is open tot 29 november dit jaar. Maar het was zo’n groot succes dat ze gaan proberen een beschermde status te bemachtigen. Volgens mij heeft Almere echt behoefte aan dit soort culturele plekken.”

Piet Blom, 1982-1984 8 Kubuswoning, Rotterdam

„De kubuswoningen in Rotterdam komen uit dezelfde jarenzeventigtraditie. Toen waren veel architecten gefascineerd door het idee van een labyrint of van de [Noord-Afrikaanse] kasba. Architect Piet Blom groeide op in de Jordaan, die je ook labyrintisch kan noemen. Hij ontwierp ook de kubuswoningen in Helmond, maar die in Rotterdam zijn de bekendste. Eén daarvan is een museumwoning. Blom behoort, net als Van Eyck, tot het structuralisme. Als je meer ruimte nodig hebt, koppel je er gewoon een element aan, geloofde hij. En dat kan er ook weer af. Het leven is flexibel.

„Ik ben opgegroeid in een typisch jarenzeventig-rijtjeshuis in Hoorn. In een bloemkoolwijk, zoals zoveel van mijn generatiegenoten. Voortuintje, achtertuintje. Op mijn zeventiende wilde ik daar heel graag weg. Ik voel me meer thuis in de stad. Ik woon nu in een jarendertighuis in Amsterdam-Zuid.”

Eileen Gray en Jean Badovici, 1926-19297 E-1027, Roquebrune-Cap-Martin, Frankrijk

„Eileen Gray ontwierp samen met haar partner Jean Badovici een prachtige villa vlak bij Monaco, met uitzicht op de Middellandse Zee. Le Corbusier, dé modernist van die tijd, was onder de indruk van het ontwerp en zette er een soort mini-huisje naast, een blokhut, maar wel strak. Le Corbusier komt uit Zwitserland, maar hij is voor de villa van Gray gestorven, aan een hartaanval terwijl hij in de zee zwom. Hij is controversieel: aan de ene kant dé grote vernieuwer, maar ook supermasculien. Een beroemd voorbeeld is dat hij in een dwaze bui, in zijn blote kont, muurschilderingen aanbracht op het huis van Gray zonder haar toestemming. Mansplaining in optima forma. Om dit huis te bezoeken is er volgens mij een wachtlijst van een jaar.”

Ludwig Mies van der Rohe, 1928-19306 Villa Tugendhat, Brno, Tsjechië

„De andere grote architect van de jaren twintig en dertig was Ludwig Mies van der Rohe. Die benaderde het vak minder kunstzinnig dan Le Corbusier, maar meer vanuit de techniek. Mies van der Rohe kreeg een zak geld van de industriële familie Tugendhat om een huis te ontwerpen met de laatste technische snufjes. Er is een gigantisch raam dat in de grond kan zakken zodat je in de zon kunt zitten; als het te koud wordt, gooi je het raam weer omhoog. De verwarmingspijpen en luchtkanalen zijn goed te zien, die waren echt onderdeel van het ontwerp. De auto kan je in de garage parkeren, zodat je niet tien meter door de regen hoeft. Mies van der Rohe werkte veel samen met de vrouwelijke interieurarchitect Lilly Reich, die in de architectuurhistorie veel te weinig credits heeft gekregen.”

Christiaan Nielsen en Joop Spruit, 1952 5 Van Eesteren Museumwoning, Amsterdam

„Rond het jaar 2000 stond Nieuw-West als slecht te boek. Er werd veel gesloopt. Een aantal buurtbewoners kwam daartegen in opstand. Zij zijn wandelingen gaan organiseren met het idee: dit is een openluchtmuseum. Er zit een designgedachte achter het stadsdeel, die zich het best laat vertalen in ‘licht, lucht en ruimte’. Die wandelingen zijn de oorsprong van het Van Eesteren Museum. Veel buurtbewoners komen naar ons toe en zeggen: ik woon volgens mij in een Van Eesteren-huis. Maar Van Eesteren heeft hier geen huizen ontworpen. Woningbouwcorporatie De Alliantie heeft in 2015 een woning ter beschikking gesteld aan het museum, die is ingericht met spullen uit de jaren vijftig van buurtbewoners. Nu allemaal duur design, toen gebruiksvoorwerpen voor iedereen. Het meest verbazingwekkend om te zien, is hoe de grote gezinnen op zo weinig vierkante meters konden wonen.”

Ernest Groosman en Lotte Stam-Beese, 19564 Huis Polman, Nagele

„Toen de Noordoostpolder werd ontwikkeld, is bedacht dat er tien dorpen moesten komen. De meeste werden naar traditionele principes ingericht, maar het dorp Nagele werd door een groep modernisten ontworpen. Zo is Nagele het enige dorp dat helemaal is gebouwd volgens de principes van Het Nieuwe Bouwen. Gerrit Rietveld heeft een prachtig rijtje woningen gemaakt. Er staat een geweldige kerk van Jaap Bakema. Museumwoning Huis Polman, onderdeel van een hofje dat is ontworpen door Ernest Groosman en Lotte Stam-Beese, is vernoemd naar de eerste bewoners en helemaal ingericht zoals in de jaren vijftig. Het ging in 2020 open om het dorp nieuw leven in te blazen. Je bent dan wel in the middle of nowhere waar weinig te beleven is. Het is een geweldig dorpje, maar dat vinden alleen modernisme-freaks leuk.”

Herman Hertzberger, 1970-19713 Diagoonwoning, Delft

„Als reactie op het modernisme en functionalisme kwamen in de jaren zestig en zeventig architecten op die de menselijke maat centraal stelden. Aldo van Eyck is daarvan een bekende, en Herman Hertzberger. Die ontwierp bijvoorbeeld de studentenflat op de Weesperstraat in Amsterdam en het kantoor van Centraal Beheer in Apeldoorn. Of het Muziekcentrum Vredenburg in Utrecht; daar is alleen de grote zaal nog van over. In de Delftse wijk Buitenhof staat van hem een blok van acht Diagoonwoningen, waarvan je er een kunt bezoeken. Echt jaren zeventig, met zitkuil en blokken gasbeton. Leuk, levendig, prettig. Met allemaal kleine intieme hoekjes. Hertzberger schrijft dat twee geliefden elkaar op zulke plekken kunnen ontmoeten. Nou, daar dachten de modernisten natuurlijk nooit over na; daar was geen plek voor liefde en romantiek, voor hen was het leven een halve fabriek.”

Gerrit Rietveld en Truus Schröder, 1924 2 Rietveld-Schröderhuis, Utrecht

De Minstroom – Utrecht, Foto Daniel Niessen- Langs de oevers van de minstroom in Utrecht is er een wandelroute in de natuur, terwijl het toch midden in de stad is. Op de foto het Rietveld Schröderhuis, komt terug in het stuk.

„Dit is natuurlijk echt een classic. Zo revolutionair. Ik denk weleens: dat moet in die tijd toch zo’n enorme schok zijn geweest. Zelfs nu, als je door die straat loopt, denk je: hoe hebben ze dit voor elkaar gekregen? Het is ongelooflijk inventief qua ruimtegebruik, met allemaal verschillende schotten en schuiven. Je hebt het gevoel dat alles met elkaar verbonden is, het is niet eenvoudigweg etage 1, etage 2. Gerrit Rietveld ontwierp dit huis voor Truus Schröder, maar zij keek mee met elke beslissing. Daarmee is Schröder een van de eerste vrouwelijke architecten van Nederland. Ze hadden een relatie, maar decennialang mocht niemand dat weten. Pas in de laatste jaren van zijn leven, na de dood van zijn vrouw, trok Rietveld bij haar in.”

Adolf Loos, 1928-19301 Villa Müller, Praag

„Jaaaa, deze is geweldig. Adolf Loos is bekend geworden van het essay Ornament en misdaad. Dus hij vond dat iedere onnodige versiering een misdaad is. Hij geloofde dat de expressie van een woning zat in materiaalgebruik. Hij gebruikte bijvoorbeeld vaak marmer en hout. En heel anders dan wat je bij Le Corbusier ziet, met al dat wit. De etages van Villa Müller lopen heel erg door elkaar, het zit heel labyrintisch in elkaar, maar het is allemaal heel strak gedaan. Vanaf het dakterras kijk je uit over Praag.

De villa werd gebouwd voor de familie Müller, rijke industriëlen. Meneer Müller stierf in 1951 aan een koolmonoxidevergiftiging toen hij de kachel aanstak in de kelder. Een paar jaar later confisqueerde de staat de villa. Mevrouw Müller kreeg slechts twee kamers tot haar beschikking, in die enorme villa! Tragisch verhaal. Pas na haar dood in 1968 werd de woning een monument. Ik heb er eens een documentaire gefilmd over een hoogleraar architectuur van de TU Delft, Max Risselada. We hebben daarvoor zijn twaalf favoriete gebouwen bezocht. We kregen de sleutels en mochten er een hele maandag, als ze eigenlijk gesloten zijn, filmen. Dus we hadden de hele villa voor onszelf.”

Maak NRC jouw voorkeursbron op Google

Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie

Architectuur

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next