Home

Onderzoeksjournalist Julie Brown: ‘Ik geloof er geen snars van dat Epstein zichzelf om het leven heeft gebracht’

Journalistiek De Amerikaanse onderzoeksjournalist Julie Brown (65) ontving een speciale Pulitzer-onderscheiding voor haar baanbrekende onderzoek naar zedendelinquent Jeffrey Epstein. Haar artikelenreeks in de Miami Herald werd lang niet op waarde geschat. „Ik grap weleens: journalisten nemen mijn werk niet serieus, Epstein deed dat wél.”

Julie Brown.

Julie Brown, onderzoeksjournalist van de Amerikaanse krant Miami Herald is net terug van een vakantie in Italië, maar echt uitgerust is ze niet. „Ik kreeg covid en was dagen tot niets in staat. Voor het eerst sinds lange tijd heb ik niet gewerkt.”

Brown, bekend van haar artikelenreeks Perversion of Justice over zedendelinquent Jeffrey Epstein, vond het „confronterend”, vertelt ze tijdens een Zoom-gesprek vanuit haar huis in Florida. Als workaholic wist ze niet wat ze met zichzelf aan moest. „Ik ga all the way om mysteries op te lossen. Waarheidsvinding zit in mijn dna. Dus het was vreemd om niet te werken. Toen ben ik mezelf vragen gaan stellen. Hoe kijk ik, net 65 geworden, terug op mijn leven? Zorg ik goed voor mezelf? Waar word ik gelukkig van?”

En?

Ze zucht. „Ik kwam tot de conclusie dat ik een wereldverbeteraar ben die slecht voor zichzelf zorgt. Mijn onderzoek naar Epstein heeft me jarenlang opgeslokt. Pas recent is die zaak in wat rustiger vaarwater gekomen, al weet je nooit hoelang dat duurt. Maar goed, ik kon de vragen die ik mezelf stelde niet goed beantwoorden. Ik word gelukkig van mijn twee kinderen, maar verder? Misschien wordt het tijd dat ik een paar hobby’s ga beoefenen.”

Waar komt die drang tot wereldverbetering vandaan?

„Dat zal mijn spirituele kant zijn. Ik ben niet religieus, ik ga bijvoorbeeld nooit naar de kerk, maar ik geloof wel dat God over mijn schouder meekijkt. Dat móét wel, anders was ik nooit zo ver gekomen.”

CV Julie K. Brown

Julie Brown (1961) groeide op in Philadelphia, Pennsylvania, met haar alleenstaande moeder en een broer en zus.

Op haar zestiende ging ze uit huis. Ze werkte onder andere bij de Walmart tot ze genoeg gespaard had om journalistiek te kunnen studeren. Na een tijd bij de Philadelphia Daily News stapte ze in 2000 over naar de Miami Herald. Daar deed ze onder meer langdurig onderzoek naar misbruik in het gevangenissysteem van Florida en later, vanaf 2016, naar de zaak-Epstein. Door de artikelen van Brown kwam Epsteins grootschalige – en door zijn machtige netwerk toegedekte – misbruik van jonge vrouwen opnieuw onder de aandacht.

Het boek Perversion of Justice, haar persoonlijke verslag van het onderzoek dat ze deed, verscheen in 2021. Er is momenteel een miniserie in de maak gebaseerd op het boek.

In uw boek Perversion of Justice: The Jeffrey Epstein Story (2021) beschrijft u uw jeugd in een eenoudergezin met uw broer en zus. Toen uw moeder de energierekening niet kon betalen, verdween al het meubilair uit het huis.

„Het was winter, ijskoud. De gaskraan werd niet dichtgedraaid, maar iemand kwam wel langs voor het meubilair. In die tijd was het taboe, een alleenstaande moeder. Ik werd ermee gepest. Ach, er is zo veel gebeurd in mijn jeugd. Na een brand bij ons thuis heb ik nog een tijd bij vrienden en familie op de bank geslapen, en op mijn zestiende ben ik op mezelf gaan wonen. Ik werkte in supermarktketen Walmart, moest elk dubbeltje omdraaien. Het had weinig gescheeld of ik had daar mijn hele leven gewerkt.”

Wat maakte dat het anders liep?

„Net als mijn moeder ben ik een survivor. ‘Alleen de sterksten overleven’, prentte zij haar kinderen in. Ze was geen moeder die ons handje vasthield. Ik moest het grotendeels op innerlijke kracht doen. En met wat hulp van een paar oudere vrienden.”

Uw moeder leeft niet meer?

„Ze is overleden rond de tijd dat The Herald mijn artikelen over Epstein publiceerde. Helaas is de impact ervan nooit tot haar doorgedrongen, omdat ze aan dementie leed. Zelfs bij míj duurde het even voordat ik het doorhad. Ik had niet verwacht dat mijn verhalen zó veel teweeg zouden brengen.”

In haar reeks artikelen uit 2018 onthulde Brown hoe aanklager Alex Acosta vanaf 2007 een geheime deal voor Epstein had geritseld. Epstein erkende in 2008 dat hij minderjarigen seksueel had uitgebuit, en betaalde enkelen schadevergoeding. In ruil daarvoor kreeg hij een lichte straf. Dertien maanden zat hij in de gevangenis, maar overdag mocht hij de gevangenis verlaten en ‘gewoon’ naar kantoor.

Kort na Epsteins nieuwe arrestatie in juli 2019 nam Acosta, die inmiddels minister van Arbeid in de regering-Trump was, ontslag. Epstein werd in augustus van dat jaar dood aangetroffen in zijn cel. Zijn handlanger Ghislaine Maxwell werd in 2022 tot twintig jaar cel veroordeeld.

Democraten in het Congres organiseerden afgelopen mei een informele hoorzitting, waar meerdere slachtoffers hun verhaal vertelden. Het is moeilijk te bewijzen, maar die hoorzitting was er zonder Browns onderzoek waarschijnlijk niet gekomen. Een ander effect van haar onderzoek is dat steeds weer nieuwe documenten uit het Epstein-dossier worden vrijgegeven.

Voor haar onderzoeksartikelen kreeg Brown op 29 oktober dit jaar een prestigieuze Pulitzer-onderscheiding. Volgens de jury onthulde ze met haar „baanbrekende verslaggeving” hoe Epstein systematisch misbruik maakte van jonge vrouwen en hoe het justitieapparaat – net als zijn netwerk van machtige mensen – hem beschermde. „Haar werk, en de vrijgave van de Epstein-dossiers door de overheid, heeft nog steeds wereldwijde impact”, aldus het juryrapport.

Op 12 november neemt Brown ook de John Chancellor Award for Excellence in Journalism van Columbia University in ontvangst. Zakenblad Forbes schaarde haar afgelopen zomer onder de vijftig meest invloedrijke vrouwen van boven de vijftig in de VS. Ook werd dit jaar een miniserie aangekondigd, gebaseerd op haar boek. Actrice Laura Dern neemt de rol van Brown op zich.

Ik begreep dat u huilde toen u hoorde dat u een Pulitzer-onderscheiding zou krijgen.

„Ik lijd aan het imposter syndrome. Alsof ik de eer die mij ten deel valt niet verdien. En achter die tranen zat ook iets van opluchting, want sinds de publicatie van mijn onderzoek naar Epstein werd er twijfel gezaaid. Was mijn onderzoek écht wel zo onderscheidend? ‘We wisten al lang dat Epstein minderjarigen misbruikte.’ Natuurlijk wisten we dat! Maar ik heb met veel bloed, zweet en tranen onderzocht hóé hij dat zo lang ongestraft heeft kunnen doen. Hoe hij slachtoffers het zwijgen oplegde. Ik heb het criminele netwerk blootgelegd dat zijn misbruik mogelijk maakte. Of daar een begin mee gemaakt, in elk geval.”

Waren het ook tranen van vermoeidheid? Door het onderzoek heeft u jaren nauwelijks geslapen, heeft u wel eens verteld.

Ze knikt. „Ik stond ermee op en ging ermee naar bed. Soms klapte ik midden in de nacht mijn computer open om een idee uit te werken. Dat doet wat met je lichaam en geest. Ik heb een jaar vrij genomen om les te geven aan Temple University in Philadelphia, waar ik in de jaren tachtig journalistiek studeerde. Zo kon ik de verhalen van slachtoffers, die me niet loslieten, wat meer op afstand houden.”

Vooral de dood van Virginia Giuffre hakte er diep in. Giuffre, een van de bekendste slachtoffers van Epstein, schikte in 2022 in een misbruikzaak met Epsteins vriend, de toenmalige Britse prins Andrew. In 2025 kwam zij door zelfdoding om het leven. „Het deed zó’n pijn. Ik heb van nabij gezien hoe verwoestend deze tragedie voor haar was. Hoeveel strijd Virginia tegen hogere machten heeft geleverd. Ik verbaas me er vaak over dat mensen zich niet in de slachtoffers van Epstein kunnen verplaatsen. Dat ze niet begrijpen wat grooming, manipulatie en exploitatie inhoudt.”

De wereld is er sinds uw Epstein-reeks niet echt mooier op geworden.

„Hartverscheurend, ik heb er geen ander woord voor. Ik heb als meisje de opkomst van de Amerikaanse burgerrechtenbeweging meegemaakt. Ook in die tijd maakten mensen fouten, hadden ze soms kwaad in de zin, maar nu lijkt het invoelingsvermogen een dieptepunt te hebben bereikt. Menselijk lijden in andere landen? Amerikanen halen er hun schouders over op. Al die hatelijkheden en bedreigingen… het is niet het Amerika waarin ik ben opgegroeid. Of het Amerika van mijn beginjaren in de journalistiek.”

Maakt dat uw werk moeilijker?

„Heel lang kreeg ik alleen al van de gedáchte dat de Verenigde Staten zich op die manier ontwikkelen buikpijn. Bóós was ik, gefrustreerd. Maar zo langzamerhand heb ik er vrede mee gekregen dat ik de wereld niet kan veranderen. Ik kan mensen niet dwingen om zich heen te kijken. Ze wíllen het niet. Liever liken ze van alles op sociale media dan een doorwrocht artikel te lezen. Hopelijk worden Amerikanen op een dag wakker, en beseffen ze dat ze niet op een eiland leven.”

U windt zich op Substack op over hoe nieuwsmedia over Epstein berichten.

„Ik geloof er geen snars van dat Epstein zichzelf om het leven heeft gebracht! Eén gevangenisbewaarder beweerde dat hij Epstein ‘zag hangen’. Dezelfde bewaarder die werd aangeklaagd omdat hij sliep toen Epstein zijn laatste adem uitblies. Minstens één forensisch patholoog, de zeer ervaren Michael Baden, ingehuurd door de broer van Epstein, zet vraagtekens bij de conclusie ‘zelfdoding’ van de lijkschouwer in New York. Dit is een van de meest besproken doden in jaren. Waarom is zijn dood niet tot op de bodem uitgezocht door de FBI en het ministerie van Justitie? Systematisch, zoals ik het zelf ook jaren heb gedaan: wie liep dat cellencomplex in en uit, tot op de seconde. The New York Times heeft dat bijvoorbeeld niet gedaan, ze kwamen met een gesimplificeerd verhaal.”

In uw boek schrijft u dat sommige nieuwsorganisaties meer interesse hebben voor de verhalen van ‘de man in de boardroom’ dan die van slachtoffers in de marge.

„Dat is zo, maar het is óók zo dat kranten als The New York Times, maar ook mijn eigen krant, zwaar onder druk staan van de regering-Trump. Die probeert media het zwijgen op te leggen door hun licenties in te trekken, rechtszaken aan te spannen of journalisten het Witte Huis uit te trappen. Dat is een bedreiging voor de democratie, want juist in deze tijd zijn journalisten hard nodig om die overeind te houden. Zonder journalisten wordt er geen onderzoek gedaan naar burgemeesters en gemeenteraadsleden die zichzelf verrijken ten koste van de gewone burger. Die burgers hebben vaak niet door hoeveel er op het spel staat.”

U schreef op Substack ook over de getuigen en klokkenluiders die onder soms mysterieuze omstandigheden overlijden. Zoals recent de Britse zakenman die de Amerikaanse minister van Handel, Howard Lutnick, beschuldigde van banden met Jeffrey Epstein.

„Ik weet niet of die sterfgevallen met elkaar te maken hebben, maar je moet die mogelijkheid wel onderzoeken. Als we zaken onder het tapijt blijven vegen, zullen we het antwoord nooit te weten komen.”

Er is geen concreet bewijs, schrijft u in uw boek, dat president Trump zich aan minderjarigen heeft vergrepen.

„Er is geen concreet bewijs dat Trump betrokken was bij Epsteins organisatie voor seksuele uitbuiting, maar er zijn ook geen aanwijzingen dat de autoriteiten onderzoek hebben gedaan naar de ruim twee dozijn verklaringen van vrouwen en meisjes die beweren dat Trump hen seksueel heeft misbruikt. Onlangs brachten Democraten in het Huis van Afgevaardigden een schokkend rapport naar buiten, waarin staat dat een voormalige deelneemster aan de Miss Zwitserland-verkiezing heeft verklaard dat ze op brute wijze door Trump is verkracht, op een moment dat Epstein bij hem was tijdens een evenement. Twee andere vrouwen beweren dat ze dertien of veertien jaar waren toen ze door Epstein aan Trump werden voorgesteld, die hen vervolgens aanrandde. Er zijn dus tal van beschuldigingen, al is er weinig bewijsmateriaal in de vorm van getuigen of documentatie. Dat wil niet zeggen dat hun verhalen niet waar zijn, het betekent alleen dat niemand het nodig vond om ze grondig te onderzoeken.”

Woede kanaliseren

Brown heeft nog steeds contact met door Epstein misbruikte vrouwen, die ze traceerde door niet-weggelakte details uit dossiers te koppelen aan sociale media-accounts. Of door een overtuigend pleidooi te houden bij hun advocaat. Ze ging te werk als een rechercheur bij een cold case, zegt ze, en bereidde zich met therapeuten voor op gesprekken met slachtoffers om te voorkomen dat die opnieuw getraumatiseerd raakten.

Een goede onderzoeksjournalist moet zich boos maken over wat hij of zij oprakelt, vindt Brown. „Ik was wóédend als ik ontdekte dat een overheidsfunctionaris tegen Epstein aanschurkte, in plaats van diens slachtoffers te beschermen. Verbluffend veel mensen raakten met hem bevriend nadát bekend werd dat hij minderjarigen misbruikte.”

Maar belangrijk is ook, zegt Brown, dat die woede op een productieve manier gekanaliseerd wordt: om de waarheid boven tafel te krijgen. „Als ik een spoor had bleef ik dat volgen, ervoor vechten tot ik bijna niet meer kon.”

Veel van de slachtoffers groeiden net als u op in armoede in eenoudergezinnen. Deelde u wel eens iets over uw eigen leven met hen?

„Zelden. Hooguit zei ik dat ik vroeger ‘ook een sleutelkind’ was. Maar mijn ervaringen hielpen me wel om me in hen te verplaatsen. Aan het begin van mijn loopbaan heb ik veel over criminelen en drugsverslaafden geschreven. Die verhalen, maar ook mijn eigen levensverhaal, vormden de bouwstenen voor wat ik later over Epstein zou schrijven.”

U zei eerder dat uw onderzoek naar Epstein niet altijd op waarde werd geschat. Wie u wél op waarde schatte was Epstein. „She is going to start trouble”, mailde hij aan zijn advocaat.

Ze veert op. „Bizar, niet? Ik maak daar weleens grappen over: journalisten nemen mijn werk niet serieus, Epstein deed dat wél.”

Hoe kwam u daar achter?

„Een collega vertelde dat hij mijn naam in de Epstein-files was tegengekomen. Zo kwam ik er ook achter dat Epstein na publicatie van mijn reeks aan journalist Michael Wolff heeft gevraagd of het hem zou helpen als hij zich door mij liet interviewen. Hij ging ervan uit dat hij me kon manipuleren, zoals hij iedereen manipuleerde. Komisch.”

Wat maakt u daaruit op?

„Epstein was een heel intelligente, sluwe man. Hij kon mensen goed doorgronden en manipuleren. Deed zijn huiswerk. Ik twijfel er niet over dat hij een detective heeft ingeschakeld om van alles over mij te weten te komen. Hij had ook interesse voor journalistiek, en heeft begin deze eeuw nog geprobeerd met een consortium een aantal bladen te kopen, waaronder New York Magazine.”

Na uw onthullingen werd er vaker door onbekenden op de deur geklopt. Heeft u ooit voor uw leven gevreesd?

„Dat niet, maar heb je wel eens van de Sunday creepies gehoord? De tegenzin die mensen kunnen ervaren vlak voor de start van een nieuwe werkweek. Nou, zoiets had ik met Epstein: de Epstein creepies.”

Veel is nog onduidelijk over de zaak. Waar zou de aandacht op dit moment naar moeten uitgaan?

„Naar de corrupte mensen die hem hebben geholpen om de omvang van zijn misdaden te verdoezelen en zijn straf te ontlopen. Overheidsfunctionarissen, aanklagers. Het vergt veel onderzoek, maar het is van groot belang, want als die mensen hem toen hadden vervolgd en opgesloten, dan had hij veel minder levens verwoest. Hoe kon Epstein wegkomen met zijn misdaden? Die vraag staat nog steeds fier overeind.”

U heeft zich zó in dit verhaal vastgebeten dat u niet weet wat u gelukkig maakt. Zou u het opnieuw doen?

„O ja, zonder twijfel. Ik prijs mezelf gelukkig dat ik die kans heb gekregen. Sommige mensen werken keihard tot hun dood, zonder het verschil te kunnen maken. ‘Je moet het verschil in mensenlevens maken, al is het er maar één’, zeg ik tegen mijn kinderen. Dat ik die mogelijkheid kreeg, heeft me door moeilijke momenten in mijn carrière geholpen.”

Maar nu wordt het wel tijd voor een hobby.

Ze lacht. „Iets verzamelen misschien? Maar wat? Ik héb al zo veel rotzooi. Ik zou graag nog een boek over Epstein schrijven, maar mijn agent vindt dat een slecht idee. ‘Niemand is nog geïnteresseerd in boeken over Epstein’, zei ze.”

Zou het?

„Ik betwijfel het.”

Maak NRC jouw voorkeursbron op Google

Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next