is economieredacteur en commentator van de Volkskrant.
De Republikeinse politici hadden president Trump al veel eerder kunnen lozen. Dat deden ze niet. Nu zien ze hun eigen macht in gevaar komen.
De eerste zondebok is snel gevonden. Daags na de voor de Republikeinen desastreus verlopen Amerikaanse verkiezingen ligt het hoofd van defensieminister Pete Hegseth al op het hakblok. De nogal ongeschikte baas van het ministerie van oorlog, zoals hij het Pentagon graag noemt, kan simpel verantwoordelijk worden gehouden voor de totaal verkeerd uitgepakte aanval op Iran – de belangrijkste oorzaak van de grote verkiezingsnederlaag.
Amerikaanse media melden dat een eventuele afzettingsprocedure, gestart door de Republikeinse volksvertegenwoordiger Thomas Massie, door meerdere Republikeinen zal worden gesteund.
In het Volkskrant Commentaar wordt het standpunt van de krant verwoord. Het komt tot stand na een discussie tussen de commentatoren en de hoofdredactie.
Daarmee is een van de favoriete verdedigingslinies van president Donald Trump opgeworpen: het is de schuld van een ander. Zijn zakelijk imperium, zijn tv-imago en zijn politieke carrière zijn gebouwd op een aanschakeling van ontslagen. Hoewel deze serviele spierballenman Trumps favoriete type is, kan ook Hegseth zo geofferd worden.
De grote vraag is of het daarbij blijft. Gaat de Republikeinse partij verder scheuren? En zo ja: hoe groot is dan het brokstuk met Trump erop? Wordt dit, zo hopen mensen die graag willen dat alles weer normaal wordt, het einde van het Maga-populisme?
De afgelopen tien jaar is met enige regelmaat het einde van Trump voorspeld. Of het nou grab-em-by-the-pussy in 2015 was, of het bewijs voor Russische verkiezingshulp in 2019, of de Capitoolbestorming in 2021, steeds wisten veel politieke analisten het zeker. Hier kon hij niet mee wegkomen.
Dus wel. Hoewel sommigen van zijn partijgenoten zich bij deze gebeurtenissen eventjes ongemakkelijk op hun zetel zaten en zich tijdelijk van Trump distantieerden, draaiden zij snel bij. De keuze voor de macht was aantrekkelijker of profijtelijker dan de keuze voor het recht of de moraal.
Maar deze test is anders. Nu zien de Republikeinse politici hun eigen macht in gevaar komen. Wie zit er nog veilig op het pluche als zelfs Mississippi naar de Democraten kan gaan? En wat te doen als dat zo overduidelijk komt door de corruptie, oorlog, importtarieven, balzaal en andere missers van deze president?
Bij Trumps vorige nederlaag, de presidentsverkiezingen van 2020, was dat ongemak er nog niet. Het verschil tussen Democraten en Republikeinen was veel kleiner, en Trump wist de uitslag met succes in twijfel te trekken. En natúúrlijk was het allemaal niet zijn schuld. De Republikeinen hadden, met steun aan de impeachment na de presidentiële poging tot staatsgreep, Trump kunnen lozen. Dat deden zij niet.
Zal hun opportunisme nu anders uitpakken?
Dat zal draaien om electorale berekening. Dinsdag stapte zo’n 8 procent van de kiezers van de Republikeinen over op de Democraten – dat waren onafhankelijken, latino’s en jonge mannen die de prijs van een volle benzinetank toch belangrijker vonden dan het manosfeer-machismo waarmee Trump hen twee jaar geleden voor zich won. Maar de harde Maga-kern is nog niet verdwenen, en de geconditioneerde haat tegen de Democraten ook niet. Het trumpisme is nog steeds de belangrijkste stroming onder de Republikeinen, al zullen die zich misschien een slimmere, minder narcistische aanvoerder wensen.
Niemand weet hoe dit gaat lopen. Maar het zou al mooi zijn als deze verkiezingsuitslag ook aan de rechterkant van Amerika politici oplevert die zich, hoe opportunistisch ook, wat meer om de Amerikanen bekommeren dan om zichzelf.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant