Voetbal Na jaren van overmacht in de Eredivisie heeft PSV-coach Peter Bosz zijn zinnen gezet op een zegetocht in de Champions League. Maar zijn risicovolle speelstijl levert vooralsnog niet het gewenste resultaat. „Het is niet uit te leggen”.
Sven Mijnans baalt nadat hij een grote kans heeft gemist.
Met de armen over elkaar, de schouders ietsje opgetrokken, staat Peter Bosz te wachten tot het podium vrij is. Het is woensdagavond laat, even voor middernacht, en de trainer van PSV ziet hoe achter de microfoon de coach van de tegenstander het voor hem opneemt. Club Brugge en PSV spelen allebei „crazy”, aldus de Kroatische trainer Ivan Leko. „Casinovoetbal”, noemt hij het.
Critici vinden dat soms „naïef”, weet hij. Zo veel diepgang – het risico is dan dat het verdedigend helemaal open ligt als een tegenstander de bal onderschept. „Maar dat is de keuze: je kunt niet én met zo veel mensen voor de bal spelen, én veel mensen achterin houden.” PSV verliest nu, met 1-2, maar volgens Leko had het net zo goed in 3-1 kunnen eindigen. „Het scheelde weinig.”
Zo nipt is het voor PSV dit hele seizoen al in de Champions League. Maar na de eerste vier wedstrijden is de conclusie ook dat de club uit Eindhoven zichzelf tekort heeft gedaan in de wedstrijden tegen de (op papier) eenvoudigste tegenstanders. PSV staat nu 24ste op de ranglijst, de laatste plek die recht geeft op de volgende ronde. In de komende duels wachten Real Madrid (uit) en Atlético Madrid (thuis)
Bij de start van de Europese campagne, begin september, zei de ervaren Ivan Perisic dat het tijd werd om een „stap vooruit te zetten”. In Nederland had PSV in de voorgaande seizoenen vrijwel het maximale bereikt: drie landstitels op rij, waarvan de laatste met grote overmacht. De uitdaging voor dit seizoen was om die potentie ook te laten zien op het hoogste podium, om aan te haken bij de Europese (sub)top.
Datzelfde zei ook Bosz, in mei vorig jaar, bij het televisieprogramma Rondo op Ziggo Sport. Hij sprak er, heel voorzichtig weliswaar, uit dat PSV de halve finale moest ambiëren. Een maand geleden, in gesprek met onder meer VI, toonde hij nog iets meer lef. Twee keer haalde PSV onder hem de laatste zestien, vorig jaar werd de club al in de groepsfase uitgeschakeld. „Ik wil over die hobbel heen. Ik wil de Champions League winnen.”
Voorlopig lijken dat soort grote dromen ver weg, en is élke Europese tegenstander voor PSV een kolossale opgave. Bij FC Porto werd weliswaar nipt gewonnen, maar na andere wedstrijden overheerste teleurstelling. Tegen Sjachtar Donetsk (1-1) leek, net als tegen Club Brugge, een overwinning haalbaar, uit bij RB Leipzig (1-0) een gelijkspel. Is dat dan een kwestie van domme pech, zoals Brugge-coach Leko suggereerde?
De wedstrijd van woensdag is zeven minuten bezig, als Perisic met een lange trap Sergiño Dest wegstuurt. Een enorme kans, hij staat één-op-één met doelman Yann Sommer, maar die tikt het schot nog net uit de hoek, zoals hij na een dik halfuur spelen opnieuw doet. In de tussentijd heeft ook middenvelder Sven Mijnans een grote kans gekregen uit een ingooi.
Dat geen van die pogingen in het doel eindigt is symptomatisch voor het Europese seizoen van PSV tot nu toe. In de Eredivisie scoort de ploeg, die zich kenmerkt door Bosz’ offensieve, energieke speelstijl, het ene doelpunt na het andere. In de Champions League zijn dat er vooralsnog maar drie. Van de 36 deelnemers scoort alleen hekkensluiter Slovan Bratislava minder.
Terwijl de kansen er volop zijn. In vier duels noteerde PSV opgeteld 66 doelpogingen, waarvan liefst 27 tegen Brugge. Iedereen is na afloop eensgezind in de conclusie dat de productiviteit daarmee onvoldoende is, maar wat is de oorzaak? „Geen idee”, zegt Bosz. „Sergiño gaat alleen op de doelman af, en dan moet ik nu uitleggen waarom die bal er niet ingaat? Dat is niet uit te leggen.”
Een kwartier eerder deed Mijnans wel een poging. Vier minuten na rust had hij een grote kans gekregen om gelijk te maken, nadat Sommer een voorzet recht voor zijn voeten had getikt. De linkerhoek van het doel lag helemaal open, de middenvelder was ervan overtuigd dat hij ging scoren, zei hij na afloop. Mijnans schoot laag en geplaatst. „Maar op miraculeuze wijze krijgt de doelman er een teen tegenaan. Terwijl: als je in de Eredivisie een bal zo inschiet, zit hij wel.”
Carlos Forbs schiet uit een counter de 2-1 binnen voor Club Brugge.
Misschien, oppert hij, zit daarin het verschil. Had hij in een wedstrijd op dit niveau meer risico moeten nemen en de bal hard in de linker bovenhoek moeten jagen. Mijnans merkte dat ook op andere momenten, zegt hij. Als hij in de Eredivisie een man uitkapt, staat hij vaak vrij. Nu dook er meteen een nieuwe tegenstander voor hem op. En daarna nog een.
Even later valt de gelijkmaker alsnog, uit een vergelijkbare kans voor controleur Kodai Sano. Het lijkt een fase waarin PSV de wedstrijd naar zich toetrekt, de thuisploeg staat geregeld met alle tien veldspelers binnen dertig meter van het doel van de tegenstander. „Ik voelde dat we grip hadden”, zegt Bosz na afloop. „Het was een periode waarin Brugge alleen nog maar ballen aan het wegschieten was.”
Het is op zo’n moment dat PSV de controle, heel plotseling, ook weer verliest. Dat duidelijk wordt waarom Brugge op dit moment wel kan aanhaken bij de Europese subtop, en na vier wedstrijden al bijna zeker is van de volgende ronde. Een klein halfuur is er nog te spelen als verdediger Lutsharel Geertruida van achteruit de bal opdrijft en ook linksachter Filip Kostić mee naar voren gaat, zo ver dat hij bijna linksvoor staat.
De actie mislukt, wordt onderschept door de Belgische verdediger Joaquin Seys, die ziet hoe het áchter Kostić helemaal open ligt. Met één pass scheurt hij de verdediging van PSV open en vindt hij de snelle Carlos Forbs, die 1-2 maakt. Dat is „óók het verhaal van deze wedstrijd”, vindt Bosz. In de drang naar voren was de „restverdediging” op een aantal cruciale momenten niet op orde.
Dat lag overigens niet alleen aan Kostić, vindt hij. Ook aan spits Guus Til, die aanvankelijk de positie van de Serviër lijkt over te nemen, maar vervolgens toch weer naar voren stapt. „Dat moet het moment zijn dat Filip afhaakt. Dat moet hij zelf zien, óf hij moet erbij worden geholpen.” Een keuze die spelers op dit podium in een oogwenk moeten maken, weet Bosz. „Dat zit hem in een seconde.”
Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie