Home

Een heel jaar niet komen opdagen is zelfs de sociale werkvoorziening te gortig

Een vrouw met ernstige psychische problemen werkt al sinds 2012 bij Pantar. Tot vorig jaar ging dat goed. Maar opeens komt ze niet meer opdagen. Na een jaar is de maat voor Pantar vol. Mag het sociaal ontwikkelbedrijf haar ontslaan, of kan dat niet vanwege haar problematiek?

De zaak

Pantar, een sociaal ontwikkelbedrijf in Amsterdam en Diemen dat mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt werk biedt, heeft al sinds 2012 een vrouw met psychische problemen in dienst. Ze werkt er als medewerker productie en techniek. Eind mei 2025 komt zij van de ene op de andere dag niet meer opdagen. Ze laat niet weten waarom niet. Ze laat helemaal niks van zich horen.

Haar werkbegeleider weet haar één keer telefonisch te bereiken, maar dat leidt er niet toe dat ze weer aan de slag gaat. Pantar probeert vervolgens meerdere keren en op verschillende manieren contact te krijgen, maar slaagt daar niet in. Ook op voor de zekerheid ingeplande afspraken met de bedrijfsarts komt de vrouw niet opdagen.

Pantar dreigt haar loon stop te zetten als ze niet komt en niet laat weten waarom ze niet naar haar werk kan komen. Weer niks. Pantar vraagt de politie langs te gaan. Die treft de vrouw, na forcering van de voordeur, wel in haar woning aan. Het politiebezoek leidt ertoe dat er een dossier van haar komt bij Meldpunt Zorg en Overlast Zuidoost. In september van dat jaar stopt Pantar de betaling van het loon. Ook dat leidt niet tot hervatting van het werk of enig contact met haar werkgever. Na een jaar afwezigheid van de vrouw vraagt Pantar de rechtbank Amsterdam de arbeidsovereenkomst te ontbinden.

De uitspraak: ontslag toegestaan

Ook bij de behandeling van de rechtszaak verschijnt de vrouw niet. Ze voert ook geen verweer. Pantar overtuigt de rechter dat het er veel aan heeft gedaan om de vrouw terug te laten keren op de werkvloer. En ook toont Pantar aan dat het de vrouw duidelijk heeft gemaakt dat er een rechtszaak zou komen en wanneer.

De rechter oordeelt dat van Pantar niet mag worden verwacht dat het een werknemer in dienst houdt die al meer dan een jaar onbereikbaar is en geen werk heeft verricht. De rechter benoemt daarbij wel dat Pantar „een werkgever in een sociale werkomgeving” is en daarom „in grotere mate onbehoorlijk gedrag” moet kunnen „verdragen”. En dat de psychische problemen van de vrouw door het UWV zijn bestempeld als ernstig. Maar Pantar heeft zich geduldig opgesteld, meerdere waarschuwingen gegeven en is pas na drie maanden overgegaan tot een loonstop.

De rechter moet verder nagaan of er een opzegverbod is. Nee, oordeelt ze. Hoewel de vrouw psychische problemen heeft, is niet gebleken dat ze daardoor arbeidsongeschikt is geworden. De problemen bestonden al voor ze aan deze baan begon en zaten haar de eerste dertien jaar niet in de weg. Het zou kunnen dat de plotselinge verandering in haar gedrag komt door een verslechtering van haar psychische gesteldheid, zegt de rechter, maar dat heeft de vrouw niet aangegeven. Ze is immers niet komen opdagen om wat dan ook te verklaren, en ook een arts heeft dat niet kunnen bepalen. Dus is er geen ziekte vastgesteld waardoor ontslag niet mogelijk zou zijn.

Omdat de vrouw wel duidelijk problemen heeft, is haar handelen volgens de rechter niet érnstig verwijtbaar. Daarom moet Pantar een opzegtermijn hanteren en een transitievergoeding betalen.

Het commentaar

Juridisch gezien klopt het, de arbeidsovereenkomst kan worden ontbonden, erkent arbeidsrechtadvocaat Pieter van den Brink van Ten Holter Noordam advocaten. „Maar in dit geval doet het de werkgever ook geen pijn de arbeidsovereenkomst voort te laten bestaan. Kost niks.” Pantar was immers al gestopt met betaling van salaris. En bij een loonstop, legt hij uit, hoef je dat ook niet met terugwerkende kracht te betalen.

Volgens Van den Brink was „vanaf dag één duidelijk dat deze vrouw kwetsbaar is”. En inderdaad heeft de werkgever veel gedaan om contact met haar te krijgen – zo’n loonstop kan al na een paar dagen en nu is dik drie maanden gewacht. Het klopt ook dat de vrouw al psychische problemen had voor ze daar ging werken. Maar toch noemt Van den Brink het rechterlijk oordeel dat onvoldoende is komen vast te staan dat de vrouw wegens ziekte arbeidsongeschikt was, mogelijk wat kort door de bocht. „Het uitblijven van verweer of contact kan juist samenhangen met ernstige psychische problemen.” Hij vraagt zich af of voldoende is onderzocht of de afwezigheid verband hield met de psychische problematiek.

Dat onder andere Meldpunt Zorg en Overlast Zuidoost erbij betrokken is geraakt, had volgens de arbeidsrechtadvocaat voor Pantar aanleiding kunnen zijn contact te zoeken met deze of andere betrokken instanties.

Juist omdat Pantar in het sociale domein opereert, vraagt Van den Brink zich af of niet meer inspanning mocht worden verwacht om contact en beoordeling door een bedrijfsarts tot stand te brengen. „Tegelijkertijd kan een werkgever niet onbeperkt verantwoordelijk blijven wanneer een werknemer niet meewerkt aan beoordeling of re-integratie.”

Van den Brink is benieuwd wat er in een hoger beroep zou gebeuren. „Misschien zegt een rechter dan tegen Pantar: door de loonstop heb je er geen financieel nadeel van, laat de overeenkomst maar in stand. En ik zou als rechter gezegd hebben: neem contact op met zorginstellingen, onderzoek wat hier aan de hand is. Een rechter moet bij wet immers controleren of het ontbindingsverzoek geen verband houdt met arbeidsongeschiktheid, en dat kan de rechter hier niet weten…”

Uitspraak: Rechtbank Amsterdam, 20 oktober 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:10336 

Maak NRC jouw voorkeursbron op Google

Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next