Een financiële garantstelling van maar liefst 100 miljoen euro, een evacuatieplan en dreigende sancties. De MotoGP Sports Entertainment Group (MGPSEG) haalt alles uit de kast om de Grand Prix van Qatar komend weekend door te laten gaan. Terwijl Yamaha als enige fabrikant vasthoudt aan zijn besluit om niet af te reizen, lijkt de organisatie erin te slagen de startvelden in alle drie de Grand Prix-klassen grotendeels op peil te houden. Maar tegen welke prijs? De discussie over veiligheid, commerciële belangen en de inmiddels ernstig verstoorde verhouding tussen de organisatie en een groot deel van de paddock is daarmee allerminst voorbij.
De Qatar Airways Grand Prix of Qatar, die van 6 t/m 8 november op het Lusail International Circuit wordt verreden, blijft de gemoederen bezighouden. Ondanks de aanhoudende spanningen in het Midden-Oosten houdt de MotoGP Sports Entertainment Group vast aan het doorgaan van het evenement. Volgens de organisatie bieden de Qatarese autoriteiten voldoende veiligheidsgaranties om het raceweekend verantwoord te laten plaatsvinden.
Volgens de Spaanse sportkrant AS hebben de autoriteiten in Qatar inmiddels een financiële garantie van 100 miljoen euro beschikbaar gesteld. Dit bedrag moet eventuele buitengewone kosten dekken die bij een escalatie van het conflict niet door bestaande verzekeringen worden vergoed. Daarnaast is er een evacuatieplan opgesteld voor het geval de veiligheidssituatie verslechtert en het luchtruim wordt gesloten.
Tegelijkertijd lijkt de MotoGP organisatie haar houding tegenover coureurs en teams die niet willen afreizen te hebben aangescherpt. Volgens AS is tijdens een bijeenkomst met de MotoGP teammanagers in Sepang duidelijk gemaakt dat afwezigheid zonder erkende geldige reden kan leiden tot aanzienlijke financiële en sportieve sancties.
De organisatie zou bovendien hebben aangegeven geen verdere gezamenlijke gesprekken met de coureurs te willen voeren. Het is voortaan aan de teams om eventuele bezwaren van hun rijders te bespreken. Welke sancties daadwerkelijk kunnen worden opgelegd, is nog niet bekend. Volgens diverse bronnen in de paddock behoort zelfs uitsluiting van de resterende Grand Prix weekenden in Portugal en Valencia tot de mogelijke gevolgen voor coureurs die zonder geaccepteerde reden niet aan de start verschijnen.
Yamaha heeft zich in ieder geval niet door de aangekondigde maatregelen laten overtuigen. De Japanse fabrikant houdt vast aan de eigen reisbeperkingen, waardoor zowel het fabrieksteam als Prima Pramac Yamaha MotoGP ontbreekt in Qatar. MGPSEG heeft inmiddels laten weten dat dit besluit contractuele en mogelijk sportieve gevolgen kan hebben. Eventuele sportieve sancties vallen onder de verantwoordelijkheid van de FIM.
Door het wegvallen van de vier Yamaha-machines blijven er van de gebruikelijke 22 MotoGP-startplaatsen maximaal achttien over. Blessures en medische problemen zorgen daarnaast voor de nodige onzekerheid, maar verschillende teams werken aan oplossingen.
Gresini Racing heeft bevestigd dat Fermín Aldeguer na zijn handblessure zijn rentree maakt. Teamgenoot Álex Márquez ontbreekt vanwege een schouderoperatie en wordt naar verwachting vervangen door Iker Lecuona, die de afgelopen twee Grand Prix-weekenden al als vervanger van Aldeguer optrad.
Ook Honda moet waarschijnlijk een beroep doen op een vervanger. Joan Mir kampt opnieuw met gezondheidsproblemen, waaronder problemen met zijn zicht. WorldSBK-coureur Jake Dixon wordt genoemd als zijn vervanger, al ontbreekt vooralsnog een officiële bevestiging van Honda.
Bij Aprilia zijn er eveneens vraagtekens. Jorge Martín hoopt ondanks zijn polsblessure terug te keren, terwijl Raúl Fernández van plan is weer in actie te komen na zijn vingerblessure. Beiden moeten daarvoor wel de vereiste medische toestemming krijgen.
Met de terugkeer van Aldeguer, de mogelijke inzet van Lecuona en Dixon en het herstel van beide Aprilia-coureurs lijkt een MotoGP startveld van ongeveer achttien deelnemers haalbaar. Dat is echter nog geen zekerheid.
Tot dusver richt de publieke discussie zich vooral op de MotoGP teams en hun coureurs. De situatie heeft echter ook gevolgen voor de Moto2 en Moto3.
Ook de teams in deze twee categorieën zijn door de organisatie en IRTA geïnformeerd over de laatste ontwikkelingen en de verstrekte veiligheidsgaranties. Daarbij is hen gevraagd hun verplichtingen tegenover het kampioenschap na te komen en in Qatar aanwezig te zijn. Ook voor deze teams kan afwezigheid zonder geldige reden financiële en mogelijk sportieve gevolgen hebben.
Vooralsnog lijken alle teams in beide klassen aan deze oproep gehoor te geven. Wel reizen sommige teams met een aangepaste personele bezetting af. Net als in de MotoGP hebben verschillende teams hun medewerkers zelf de keuze gelaten om al dan niet naar Qatar te reizen.
Dat betekent dat de startvelden intact blijven, maar dat achter de schermen niet ieder team met de gebruikelijke bezetting kan werken.
De inspanningen van de MotoGP organisatie lijken vooralsnog voldoende om de Grand Prix op de kalender te houden. Daarmee is de discussie over de veiligheid en de manier waarop de organisatie met de bezwaren vanuit de paddock omgaat echter niet beëindigd.
De garantstelling van 100 miljoen euro en het aangekondigde evacuatieplan zijn concrete maatregelen. Tegelijkertijd blijft de vraag hoe een eventuele evacuatie in de praktijk moet verlopen wanneer het luchtruim plotseling wordt gesloten of de veiligheidssituatie verder verslechtert.
Daar komt bij dat dreigen met sancties niet betekent dat de bezwaren van coureurs en teamleden zijn verdwenen. Yamaha heeft met zijn besluit om thuis te blijven al laten zien dat de veiligheidsbeoordeling van een fabrikant wezenlijk kan verschillen van die van de kampioenschapsorganisatie.
De financiële belangen zijn zonder twijfel groot. Het afgelasten van een Grand Prix brengt aanzienlijke kosten en mogelijke contractuele consequenties met zich mee. Bovendien heeft de organisatie te maken met afspraken met lokale autoriteiten, commerciële partners, televisiezenders en sponsors.
Dat maakt de situatie ingewikkeld. Maar juist daardoor dringt zich een andere vraag op: hoeveel schade kan het vasthouden aan deze Grand Prix op langere termijn veroorzaken?
Want naast de directe financiële gevolgen speelt ook de reputatie van het kampioenschap een belangrijke rol. De MotoGP-organisatie benadrukt dat veiligheid haar hoogste prioriteit heeft, maar de combinatie van financiële garanties, dreigende sancties en de druk om onder alle omstandigheden aanwezig te zijn, roept binnen en buiten de paddock vragen op.
Het gaat daarbij niet uitsluitend om de coureurs. Ook monteurs, engineers, hospitalitymedewerkers, fotografen, journalisten en andere betrokkenen moeten voor het evenement naar Qatar reizen. Mensen die niet allemaal dezelfde mogelijkheden hebben om zelf te bepalen of zij dat risico willen nemen.
Uit de reacties die wij de afgelopen dagen vanuit de motorsportwereld en onder liefhebbers hebben ontvangen, blijkt weinig begrip voor de harde opstelling van de organisatie. Dat is uiteraard geen representatieve peiling, maar het geeft wel aan dat de gekozen koers ook buiten de paddock op weerstand stuit.
Daarbij past de kanttekening dat buitenstaanders niet over alle veiligheidsinformatie, contractuele afspraken en financiële details beschikken. De organisatie zal haar besluit ongetwijfeld op meer baseren dan alleen commerciële belangen. Maar juist dan is heldere communicatie over de veiligheidsafweging en de positie van de betrokkenen essentieel.
De MotoGP Sports Entertainment Group lijkt erin te slagen om met 100 miljoen euro aan garanties, een evacuatieplan en de dreiging van sancties de Grand Prix van Qatar door te laten gaan. Of daarmee ook het vertrouwen van de paddock wordt behouden, is een heel andere vraag. Het schrappen van één Grand Prix en het terugbrengen van het seizoen van 22 naar 21 raceweekenden zou ongetwijfeld een forse financiële tegenvaller betekenen. Maar de mogelijke reputatieschade van de huidige aanpak kan op langere termijn weleens veel groter blijken. Want hoe hoog de financiële garanties ook zijn, de veiligheid en het vertrouwen van de mensen die het kampioenschap mogelijk maken, laten zich niet met geld afdwingen. Zelfs niet met de 100 miljoen euro uit Qatar als garantie.
De MotoGP Sports Entertainment Group lijkt erin te slagen om met 100 miljoen euro aan garanties, een evacuatieplan en de dreiging van sancties de Grand Prix van Qatar door te laten gaan. Of daarmee ook het vertrouwen van de paddock wordt behouden, is een heel andere vraag. Het schrappen van één Grand Prix en het terugbrengen van het seizoen van 22 naar 21 raceweekenden zou ongetwijfeld een forse financiële tegenvaller betekenen. Maar de mogelijke reputatieschade van de huidige aanpak kan op langere termijn weleens veel groter blijken. Want hoe hoog de financiële garanties ook zijn, de veiligheid en het vertrouwen van de mensen die het kampioenschap mogelijk maken, laten zich niet met geld afdwingen. Zelfs niet met de 100 miljoen euro uit Qatar als garantie.
Source: Racesport