Home

Geldgebrek blijft gigantisch in strijd tegen gevolgen van klimaatverandering

Ontwikkelingslanden komen nog altijd honderden miljarden tekort om zich te beschermen tegen de gevolgen van klimaatverandering. Rijke landen hebben beloofd de komende jaren meer bij te dragen, maar voorlopig is dat een druppel op een gloeiende plaat.

Nu de gevolgen van klimaatverandering steeds groter worden, gaat de bescherming daartegen ook meer geld kosten. Denk aan toenemende droogte die ervoor zorgt dat landen moeten investeren in extra drinkwatervoorraden of in nieuwe vormen van landbouw. Of aan zeespiegelstijging die het nodig maakt om hogere dijken te bouwen.

Ontwikkelingslanden hebben jaarlijks zo'n 300 miljard dollar (270 miljard euro) nodig voor zulke klimaatadaptatie. In 2024 hebben industrielanden daar ongeveer 30 miljard dollar aan bijgedragen, blijkt woensdag uit een jaarlijks rapport van het VN-milieuprogramma. Dat is iets meer dan vorig jaar, maar dus lang niet genoeg om arme landen daadwerkelijk weerbaar te maken tegen de gevolgen van klimaatverandering.

Volgens het Parijsakkoord zijn rijke landen verplicht om ontwikkelingslanden klimaathulp te geven. Voor een deel kan dat ook via investeringen van bedrijven, maar zij steken hun geld meestal niet in klimaatadaptatie. Een dijk kan in tegenstelling tot een zonnepark namelijk geen winst opleveren.

Daarom wordt voor de financiering van adaptatiemaatregelen vooral gekeken naar giften of goedkope leningen. Vijf jaar geleden beloofden rijke landen op de VN-klimaattop in Glasgow om hun bijdrage aan klimaatadaptatie in arme landen te verdubbelen.

Het betekende dat vanaf 2025 ongeveer 40 miljard dollar per jaar naar ontwikkelingslanden moest gaan. Omdat de officiële cijfers met vertraging binnenkomen, is volgend jaar pas duidelijk of dat doel is behaald.

Klimaatonderzoeker Pieter Pauw, die meewerkte aan het VN-rapport, denkt dat het onwaarschijnlijk is. Verschillende landen, waaronder Nederland, Duitsland en de Verenigde Staten, hebben de afgelopen jaren juist flink bezuinigd op ontwikkelings- en klimaathulp.

"Dat is voorsorteren op problemen", zegt Pauw. Niet alleen omdat landen dan veel schade kunnen ondervinden door klimaatrampen, maar ook omdat het zal zorgen voor nieuwe spanningen tussen landen.

Dat bleek een aantal jaar geleden, toen rijke landen een eerdere belofte over steun aan arme landen niet waren nagekomen. Het leidde tot wrevel op meerdere klimaattoppen. Europese landen willen snellere klimaatactie, maar ontwikkelingslanden gaan daar niet in mee als rijke landen hun beloftes over klimaatsteun niet nakomen.

Inmiddels ligt er alweer een nieuw doel: vorig jaar werd op de klimaattop in Brazilië afgesproken de financiering voor klimaatadaptatie de komende tien jaar te verdrievoudigen. Maar die afspraak bleef vaag: er werd geen duidelijk bedrag afgesproken en het blijft onduidelijk wie er allemaal zouden moeten bijdragen.

Afhankelijk van de gebruikte rekenmethode moet er 85 tot 120 miljard dollar aan financiering voor klimaatadaptatie komen in 2035, schrijven de VN-onderzoekers. Een stuk meer dan nu, maar nog altijd niet genoeg om de kosten van 300 miljard dollar per jaar te dekken.

"Ik denk dat het heel moeilijk wordt om dat gat te dichten", zegt Pauw. "Er zijn wel mogelijkheden, maar dan moeten we verder kijken dan alleen internationale financiering."

Afrikaanse landen hebben gevraagd om formele onderhandelingen over de invulling van het nieuwe financieringsdoel, tijdens de VN-klimaattop die volgende week van start gaat in het Turkse Antalya. Maar het is de vraag of rijke landen daarin willen meegaan.

Eurocommissaris Wopke Hoekstra zei vorige week tegen Bloomberg dat onderhandelingen over nieuwe klimaathulp wat hem betreft kansloos zijn. "Ten minste, voor zover wij dat geld zouden moeten bijdragen."

De EU pleit er al jaren voor meer landen te laten meebetalen aan de internationale klimaathulp. China en Saoedi-Arabië staan formeel bijvoorbeeld nog te boek als ontwikkelingsland, maar zouden volgens Hoekstra best een duit in het zakje kunnen doen. In toenemende mate gebeurt dat ook, blijkt uit het VN-rapport. Maar dat telt vooralsnog niet mee voor de wereldwijde doelen.

Barbara Rosen Jacobson, die de onderhandelingen volgt voor hulporganisatie Prosper Global, verwacht dat de Turkse klimaattop zal beginnen met geruzie. "Er is van beide kanten te veel ongenoegen", zegt ze.

Het zou ervoor kunnen zorgen dat de klimaattop met een flinke vertraging van start gaat. Dat zou niet voor het eerst zijn: ook in 2024 en 2022 was er ruzie over welke onderwerpen op de agenda zouden komen. En ook toen ging dat voor een belangrijk deel over geld.

Source: Nu.nl economisch

Previous

Next