Oproep tot rellen In Den Haag werden zaterdag rellen en plunderingen verwacht, na online oproepen afgelopen dagen. Uiteindelijk kwamen er vooral hooligans op af. De harde kern reflecteert. „We vechten het liefst met een tegenstander, en anders met de politie.”
Het is simpel. „Als iemand deze stad sloopt, dan zijn wij het nog altijd zelf.” Mensen van buiten moeten die ambitie niet hebben, die krijgen klappen.
De oude harde kern van ADO Den Haag – correctie, „FC Den Haag” – heeft zich deze zaterdagmiddag onder de terraswarmers op het Plein in Den Haag genesteld – biertje, Irish coffee, jointje erbij, de verslaggever mag gerust aanschuiven. Niet iedereen kan lang blijven, sommigen hebben van „de vrouwtjes” thuis een eindtijd gekregen. Vanaf hier zijn de aangekondigde rellen goed te bekijken, het is alsof we op de tribune zitten.
Het begon met een bericht dat vrijdagmiddag onder ADO-supporters werd verspreid. Daarin stond dat er zaterdag een demonstratie op het Malieveld zou zijn „onder de noemer van het „Franse” Gen Z-protest”. Prima, aldus de schrijver van het bericht, „ook wij zijn het zeker niet eens met alles wat de regering besluit en doet. Protesteren is een recht.”
Maar de oproepen tot vernielingen en plunderingen die daarna op de socials verschenen nopen tot actie. „Wij als harde kern van Den Haag zijn niet tegen gewelddadige acties, sterker nog: het is onze hobby. Wat wij echter niet zullen tolereren, is het plunderen van onze stad, het vernielen van ons cultureel erfgoed of enige andere vorm van vandalisme. Daarom zullen wij zaterdag zelf vanaf 12:00 uur op het Plein aanwezig zijn, voor de bescherming van onze stad of gewoon voor een gezellig drankje.”
Aan de oproep van de supporters is ruim gehoor gegeven, om half 3 staat er al een flinke groep op het Plein. Oud-voorzitter van de supportersvereniging van ADO Den Haag Dennis de Bruijn geeft tekst en uitleg bij het uitzicht. Links naast het terras staan de voetbalsupporters, een man of veertig, vijftig, in het zwart, een enkele vrouw. Ze kletsen, drinken bier. „Hier zitten ook Gen Z’ers tussen, hè? Jongens die zich krom werken voor nop en geen huis kunnen krijgen en de straten onveiliger zien worden.”
Vijf meter naast de groep wordt een kale man door z’n eigen herdershond gebeten, hij krijgt z’n arm niet uit de bek, hoe hard hij ook rukt, De Bruijn kijkt misprijzend. Dat moet wel iemand van Defend Holland zijn, die lopen er ook tussen.
Weer drie meter verderop duwt een voetbalsupporter een presentator en cameraman van SBS6 aan de kant. „Waarom sturen ze ook zo’n meiske?” Maar ziet de verslaggever wel hoe die vent keihard wordt gecorrigeerd door de anderen? Zo hoort het.
Een paar uur geleden stonden bij het standbeeld van Willem van Oranje nog drie mensen te wapperen met prinsenvlaggen en een vlag met zo’n Keltisch teken erop, die heeft een supporter neergehaald en doormidden geknakt, het staat op X. Die extreemrechtse symboliek hoeven ze niet, „we hebben niks met nazi’s.” Nu staan er vier politieagenten met een blikjesraper te praten.
„Zie je hoe gezellig het is?
Dan, uit het niets, schreeuwt iemand iets en rent de hele horde ineens het Plein af, richting het Malieveld. De verslaggever rent mee, Korte Poten door, linksaf naar Korte Voorhout. Twee jongens rennen mee terwijl ze een joint proberen aan te steken. „We hebben een uur gereden”, hijgt de één, „we komen om te vechten.” Op Korte Poten staan zeker tien politiebusjes klaar, afgetrainde ME’ers staan wijdbeens voor het ministerie van Financiën, stokken in de aanslag. Gejoel. Nog meer rennen. Busjes ertussen. Het waterkanon komt aangereden. Een groep politieagenten op mountainbike drijft de supporters uiteen. Geschreeuw. En dan is het weer rustig. Een deel sjokt terug naar het Plein.
Een kennis van De Bruijn strijkt neer op het terras. Samen werken ze aan een boek over vijftig jaar ‘Midden Noord’, de harde kern van de club. Hij wil niet met zijn naam in de krant, hij wil wel vertellen wat hier gebeurt. Vechten is Haags, zegt hij, kerstbomenjacht, wijk tegen wijk, auto’s in de fik, Oud en Nieuw, hooligans, Elsfest op het Malieveld.
De jongens en mannen die vandaag gekomen zijn, „zijn natuurlijk niet vies van vechten”, zegt hij. Hij schetst de scenario’s. Of het protest dooft uit als een nachtkaars. Of het duurt de supporters te lang, ze worden te dronken, iemand gaat provoceren, er wordt gevochten. Liefst met een tegenstander – Extinction Rebellion, Antifa, klotende Marokkaantjes uit Schilderswijk, supporters uit andere steden – maar als die tegenstander niet voorhanden is, dan met de politie.
Waarom? Tja. Het terras peinst. „Ik heb te weinig aandacht gehad toen ik klein was”, zegt een supporter op leeftijd, joint in z’n mond. „Ik zoek aandacht”. En, alhoewel hij niet racistisch is, heeft hij het helemaal gehad met buitenlanders die alles maar krijgen. „Saamhorigheid”, zegt een ander met een biertje. „Ik begon in de jaren tachtig, niemand had werk. Er was niks te doen, behalve voetbal, samen. Iedereen misdroeg zich.” Hij weet nog hoe hij in 1994 de Kijkshop plunderde, hij ging voor de kast met goud, maar hij belandde in de EBI, omdat de gewone cellen vol zaten. Z’n vrouw zat alleen thuis met hun pasgeboren baby. Dat hij hier nu is om de Haagse middenstand tegen plunderen te beschermen, dat is, eeh, ja. Als er geplunderd moet worden in de stad, dan door hen zelf.
De auteur van het boek graaft naar z’n mooiste herinnering. Dat moet FC Den Haag tegen Go Ahead Eagles zijn, de wedstrijd in 1992 in Deventer. Voor FC Den Haag dreigde degradatie, ze gingen er met een enorm grote groep heen. „Het was de hele dag chaos, totale anarchie. Vernielen, provoceren, vechten. En toen moesten we nog verliezen.” 26 mensen raakten gewond, de kranten schreven dat de politie in Deventer volstrekt niet was opgewassen tegen het geweld van de Haagse supporters.
Het gevoel vergeet hij nooit meer. Welk gevoel precies? „Het gevoel dat je… dat je gewoon doet wat je wil.”
Half vijf, de sfeer wordt jolig. Eén gooit een Irish coffee over het notitieboekje van de verslaggever, sorry sorry, onder de parasols hangt een tabak- en wietwalm. Op het Plein doet een vredesactivist een theatrale dans naast een met kruisraketten- en Peace Now-posters uitgedoste bakfiets, een groep supporters begint „kankermongool, kankermongool” te zingen. Zes man bereden politie klettert langs, het terras joelt.
Weer schreeuwt iemand wat, weer gaat de hele groep rennen, inmiddels zijn er veel meer hooligans op de been – op het terras denken ze wel tweehonderd. De fotograaf die met de meute mee rent ziet hoe een groep jongens uit het niets een nietsvermoedende zwarte jongen tegen de vlakte werkt en op hem in begint te schoppen – hij legt het vast en rent er naar toe. Ook hij krijgt een schop. Een eindje verderop beschermen agenten een paar andere zwarte jongens. Busjes drijven de groep uiteen in kleine groepjes, iedereen druipt weer af. Het aantal arrestaties staat op tien.
De auteur van het boek vindt het verhaal van de zwarte jongen vervelend om te horen, hij wil er wat over zeggen. „Bij Midden Noord vinden we dat niemand klappen moet krijgen omdat-ie zwart is.”
Het terras raakt leger, de harde kern is op huis aan. Op de hoek van het Plein staat een uit Zwolle afgereisde jongen met een politieagent te kletsen, hij had gehoopt op meer actie. De agent haalt z’n schouders op.
De auteur van het boek: „Misschien waren de verwachtingen bij de jonkies wat hoog voor vandaag.”
De afgelopen week werden er online verschillende oproepen gedaan voor demonstraties, rellen en plunderingen in Maastricht, Amsterdam, maar ook Huizen en Wageningen. De oproepen leken geïnspireerd op de ongeregeldheden in met name Frankrijk van de afgelopen weken. Ze werden gedaan via Telegram en TikTok, met duidelijk met AI gemaakte posters. Onduidelijk is wie er achter zat of zaten. In de meeste steden bleef het uiteindelijk rustig – zo waren er in Maastricht alleen journalisten, hooligans en een motorclub te zien op het Vrijthof.
Voor Den Haag leken de plannen vooraf al het meest concreet: verzameld zou worden op het Malieveld, vanaf 14 uur. Uiteindelijk waren er daar ook de meeste mensen op de been, maar volgens de politie in Den Haag, die zichtbare en onzichtbare maatregelen had genomen vooraf, zijn grote incidenten uitgebleven. Gedurende de dag werd een noodbevel afgegeven, eerst rond alleen het kernwinkelgebied, later ook rondom het Centraal Station van de stad. Alleen rond 15.00 uur was „de sfeer even grimmig”, aldus de politie. Over het incident waarbij de zwarte jongen werd getrapt, zoals gezien door de NRC-fotograaf, wordt in het persbericht niets gezegd. Een woordvoerder kon zaterdagavond niets zeggen over losse incidenten.
Uiteindelijk zijn er in Den Haag 34 personen aangehouden uit onder meer Amsterdam, Beerta, Lemele, Zwijndrecht en Zwolle – Den Haag als woonplaats wordt niet genoemd. Het overgrote deel van de aangehouden personen was minderjarig, tussen de 15 en 18 jaar.
Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie