Thuiswerken Booking.com mag van de rechter het personeel verplichten om 40 procent van de tijd op kantoor te werken. Wat vinden de werkenden in het Amsterdamse bedrijfsverzamelgebouw De Weesper van de uitspraak? „Twee dagen op het werk is toch het minste? Je betaalt ze ook, hè?”
In bedrijfsverzamelgebouw De Weesper
Niklas Suominen (30) moet even nadenken over de vraag of hij begrijpt dat een werkgever wil dat het personeel minimaal twee dagen per week op kantoor werkt. „Nee”, zegt hij dan beslist. „Ik zou een heel goede reden moeten hebben om naar kantoor te komen.”
Suominen werkt in Amsterdam bij het softwarebedrijf Akeneo, net als zijn collega Alexandra Comen (30). Ook zij vindt het een absurd idee dat ze verplicht op kantoor zou moeten werken. „Ik kan me helemaal niet concentreren met al die mensen om me heen. Nee, ik werk thuis, hoor. Of ik ben op pad, bij een beurs of een klant.”
Akeneo zit in kantoorverzamelgebouw De Weesper, waar iedereen donderdag het nieuws heeft gehoord: Booking.com mag zijn 7.000 werknemers van de rechter verplichten om minimaal 40 procent van de week op kantoor te werken. Sommigen, zoals makelaar in kantoorruimtes en Bas van ’t Hoff, moeten er een beetje om lachen. „Natuurlijk mag een werkgever dat! Ik begrijp heus dat mensen een of twee dagen thuis willen werken, maar twee dagen op het werk is toch het minste? Je betaalt ze ook, hè?”, zegt hij grappend.
De Weesper
De Ondernemingsraad van Booking.com dacht er anders over. Die weigerde in te stemmen met de eis van de directie dat iedereen minstens twee dagen per week zou komen. Werknemers zouden dan tijd en geld kwijt zijn aan het reizen en de 40-procent-aanwezigheidsverplichting zou „een negatieve impact op hun verzorgende verantwoordelijkheden of gezondheid hebben”. En dus legde de directie het beleid voor aan de rechter, die woensdag zei: een redelijke eis van Booking. Vooral ook omdat het bedrijf het nieuwe beleid eerst op vrijwillige basis had ingesteld, maar slechts 27 procent van de medewerkers eraan voldeed.
En dan te bedenken dat Booking.com een reusachtig nieuw kantoor heeft van 70.000 vierkante meter in het centrum van Amsterdam. „Eén van de grootste hoofdkantoren van de stad”, zegt Bas van ‘t Hoff, die veel van kantoren weet. Makelaardij Flexas, waar hij werkt, verhuurt namens de eigenaar kantoorruimtes in De Weesper en is ook makelaar voor andere kantoren. „Kijk, als mensen zich niet kunnen concentreren, dan moet je stiltehokjes voor ze maken. Dat doen we hier ook.”
Vóór de coronapandemie waren grote open kantoortuinen in de mode, vertelt Van ’t Hoff. Maar toen velen verplicht thuis moesten werken en online vergaderen gebruikelijk werd, zijn massa’s mensen eraan gewend geraakt. Van de hele Nederlandse beroepsbevolking (9,8 miljoen mensen) werkt bijna de helft ‘soms’ thuis, volgens het CBS, maar in die cijfers zitten ook alle beroepen die niet thuis kúnnen werken, zoals verpleegkundigen, buschauffeurs en horecapersoneel. Van alle mensen met ‘kantoorfuncties’ werken er 1,1 miljoen ‘meestal thuis’. Wie níét in de cijfers zitten, zijn de 650.000 ‘hoogopgeleide internationale kenniswerkers’ die volgens de laatste cijfers (2024) in Nederland werken. Bij Booking.com werken hoofdzakelijk zulke internationale kenniswerkers (thuis).
Guus (24, zijn achternaam is bekend bekend bij de redactie) werkt in De Weesper bij MyWheels, een online deelautobedrijf. Hij moet zorgen dat klanten tevreden blijven en heeft twaalf collega’s. Vier keer per week reist hij met de trein uit Den Bosch naar zijn werk in Amsterdam. „Je hebt kortere lijntjes en je kunt sneller schakelen als je er bent. Ik vind het ook gezellig.” Hij begrijpt wel dat anderen thuis willen werken maar zelf heeft hij er geen behoefte aan.
Werkgevers moeten het ook leuk maken om naar kantoor te gaan, zegt Van ‘t Hoff. Er werken honderden mensen, ruim de helft is Nederlands, vertelt de receptioniste, en de rest is expat. Er is een grote game room beneden waar iedereen die er huurt mag tafeltennissen, biljarten en gamen op een Playstation. Met Koningsdag hadden ze een dj op het terras buiten en ze organiseren events.
Volgens Sander (34, achternaam ook bekend bij de redactie), die sales doet bij softwarebedrijf Voyado en ook werkzaam is in De Weesper, ligt het ook aan het type werk en type mens – of je thuis wilt werken of op kantoor. Softwareontwikkelaars vinden het vaak fijn thuis, zegt hij. Maar verkopers, zoals hij, komen liever onder de mensen. Het is volgens hem ook een „generatieding” – jongere medewerkers lijken sneller overprikkeld te raken dan oudere.
Alexandra Comen en Niklas Suominen vinden thuiswerken veruit het beste, zeggen ze. Afstand is het punt niet – ze wonen op respectievelijk een kwartier en een halfuur fietsen vanaf De Weesper. Maar ze zijn hoofdzakelijk op hun computer bezig en met klanten bellen, vertelt Suominen. En voor sociale contacten hebben ze het kantoor niet nodig. „Het gaat toch om wérk? Niet om vrienden maken.”
Bijeenkomen op kantoor is goed voor de onderlinge verbondenheid, zeggen veel werkgevers. Dat oordeel is de rechter ook toegedaan, blijkt uit het vonnis van woensdag: „Elkaar ontmoeten op kantoor kan bijdragen aan het bevorderen van onderlinge verbinding, opleiding en ontwikkeling en effectieve samenwerking tussen teams en teamleden onderling.”
De vriendin van Suominen werkt bij een bank en moet om heel andere redenen vier dagen per week op kantoor zijn: de gegevens die ze behandelt zijn te vertrouwelijk om vanuit huis te versturen. Zelf, zegt hij, zou hij niet kunnen functioneren met zulke arbeidsomstandigheden.
Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie