Corona-onderzoek Jongeren tussen de 16 en 25 jaar hebben mentaal het meest geleden onder de coronatijd en de coronamaatregelen. Dat duurt nog altijd voort, blijkt uit vijf jaar onderzoek dat deze donderdag wordt gepresenteerd.
Een lege Vismarkt in het centrum van Groningen, tijdens de coronaperiode.
Jongeren tussen de 16 en 25 jaar zijn mentaal het hardst getroffen door de coronapandemie en coronamaatregelen en hebben daar nog altijd last van. Dat gold vooral voor jongeren die tijdens de pandemie op zichzelf woonden, in een stad leefden, niet goed konden rondkomen of voor die tijd al mentale problemen hadden. Eind 2025 was op een aantal punten verbetering te zien, maar de mentale gezondheid en het welzijn keerden niet terug op het niveau van voor de pandemie.
Dat blijkt uit het rapport Welzijn en maatschappelijke weerbaarheid in beeld: vijf jaar onderzoek naar de effecten van de coronapandemie, dat deze donderdag wordt aangeboden aan minister Sophie Hermans (Volksgezondheid, Welzijn en Sport, VVD). Het rapport, opgesteld door onderzoeksinstituut Nivel, RIVM, GGD GHOR Nederland, de 25 GGD’s en ARQ Nationaal Psychotrauma Centrum, is het resultaat van vijf jaar monitoren van het welzijn onder de Nederlandse bevolking, tussen 2021 en 2025. Die monitoring is inmiddels afgeschaald. „In onze data komen jongeren steeds naar boven als groep waar van alles speelt. Ze kregen veel meer last van depressies en angstklachten”, zegt Nivel-onderzoeker en bijzonder hoogleraar Crises, veiligheid en gezondheid Michel Dückers.
Jongeren kregen niet alleen te maken met ziekte en het overlijden van dierbaren, maar ook met langdurige schoolsluitingen, beperking van de groepsgrootte, sluiting van horeca en sportclubs en de avondklok. Dückers: „Dit zijn hele vormende jaren waarin je je identiteit vormt, en dan zie je door overheidsmaatregelen je vrienden niet meer. Dat is zwaar.”
Er waren ook jongeren voor wie school een plek was om uit een onveilige thuissituatie te komen, zegt Dückers, „en nu zaten ze ineens de hele dag thuis ín die onveilige situatie. Hoe groot die groep precies is, weten we niet. De groep waarover je je het meeste zorgen maakt, die krijg je het minst goed in beeld.”
„Zeker. Dat patroon is in 2025 gestabiliseerd, maar niet meer op een lager niveau teruggekomen.”
In rijke, welvarende landen was al voor de coronaperiode sprake van een mentale achteruitgang van de jeugd, zegt Dückers, maar tijdens de pandemie „zette die trend door”. „De pandemie hakte er behoorlijk in. Bij volwassenen zagen we dat niet, daar zagen we een stabieler beeld.”
Of die groeiende mentale problemen wel goed in beeld waren bij het toenmalige kabinet en voldoende werden meegewogen bij de besluitvorming, was tijdens de onlangs afgeronde openbare verhoren van de parlementaire enquêtecommissie Corona een terugkerend thema. Ja, zeiden onder meer de destijds verantwoordelijke bewindslieden zoals onderwijsminister Ingrid van Engelshoven (D66) en zorgminister Hugo de Jonge (CDA). Nee, zeiden bijvoorbeeld Kinderombudsvrouw Margrite Kalverboer, oud-LAKS-voorzitter Nienke Luijckx en de Amsterdamse burgemeester Femke Halsema.
„Tijdens de pandemie was er weinig goede en betrouwbare informatie over wat bij jongeren speelde, en dus speelde die informatie een minder grote rol in het politieke debat. Daar stonden betrouwbare, keiharde gemodelleerde besmettingscijfers tegenover. Dan krijg je automatisch een onevenwichtig gesprek.”
Wat meespeelt, zegt Dückers, is dat we slecht „voorbij de vlam kijken. Bij een crisis focussen we altijd op het acute, op de dreiging die nú speelt. Dat verdient zeker aandacht, maar we weten ook dat er altijd veel vervolgschade is. Die kan soms maanden of jaren duren. Zie bijvoorbeeld de honderdduizend mensen met long covid-klachten.”
Er is over de gevolgen voor het mentaal welzijn veel geleerd van rampen als de vuurwerkramp in Enschede (in 2000) en de brand in Café ’t Hemeltje in Volendam (2001), zegt Dückers. „Maar dat is iets anders dan een langdurige pandemie. Klassieke rampen zoals een explosie of vliegtuigramp gebeuren op één vast moment in de tijd. Bij Covid ging het om een stapeling van momenten. Mensen werden ziek, zagen dierbaren overlijden, werden zelf opgenomen in het ziekenhuis, moesten thuiswerken of konden niet naar school. Miljoenen mensen maakten op een ander moment iets heftigs mee.”
Bij een volgende crisis moet de overheid vanaf het begin het welzijn van de bevolking frequenter monitoren, zegt Dückers. „We hebben dankzij corona nu veel klaarstaan; meetinstrumenten, vragenlijsten, hoe we mensen moeten benaderen. Alles ligt al in de la.”
Het is ook slim om maatregelen, voordat ze worden ingevoerd, eerst voor te leggen aan mensen die erdoor worden geraakt om zo voor meer draagvlak te zorgen, zegt Dückers: „Raadpleeg studenten zo snel mogelijk als je bijvoorbeeld een scholensluiting overweegt. Hoe kijken jullie daarnaar, hebben jullie ideeën hoe we het minder belastend kunnen maken?”
De onderzoekers adviseren in hun rapport ook „het voortdurende leed in een crisis te erkennen in de crisiscommunicatie, ook op lange termijn. Maak ruimte voor ervaringen en emoties van getroffenen. Leg de focus op persoonlijke gevolgen, in plaats van op cijfers, instructies en regels.”
„Die communicatie had empathischer gekund. Laat als beleidsmaker zien dat je begrijpt wat er speelt en dat dat je niet onberoerd laat. Dat je beseft dat je een zware keuze maakt. Inlevingsvermogen hoort erbij.”
„Dat is onderbelicht geweest. Er was heel veel maatschappelijke onvrede onder mensen die vonden dat hun gezichtspunt onvoldoende was meegenomen. Denk bijvoorbeeld aan de demonstraties.”
Tegelijkertijd is het nemen van maatregelen ingewikkeld, benadrukt Dückers, die zelf deelneemt aan scenario-oefeningen voor een eventuele toekomstige pandemie. „Als je dan moet bedenken welke maatregelen je verantwoord vindt, kom je er meteen achter hoe ingewikkeld dat is. Het dwingt echt tot bescheidenheid.”
Praten over zelfdoding kan 24/7 anoniem en gratis via 0800-0113, de landelijke hulplijn van 113 Zelfmoordpreventie, of via chat op www.113.nl.
Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie