Home

Boxhoppen is niet per se voordelig nu er een nieuw systeem aankomt

Vermogensheffing De politiek wil vermogen anders gaan belasten en neigt naar een heffing op vermogenswinst. Daarmee komt een einde aan de onzekerheid over de belastingheffing in box 3. Al jaren vragen veel beleggers zich al of „boxhoppen” voor hen interessant is.

Spaargeld, aandelen of een belegging in vakantiewoningen – om het rendement op hun kapitaal optimaal te houden, is de fiscale behandeling ervan voor vermogenden een bron van zorg.

Elk najaar bemerkt Peter Beets, expert vermogensplanning bij ABN Amro MeesPierson, weer veel emotie en chagrijn bij zijn klanten over box 3. Na Prinsjesdag, als het kabinet zijn belastingplannen voor komend jaar heeft aangekondigd, vragen zij zich af of het tijd is hun beleggingen naar een aparte besloten vennootschap te verhuizen. Ook dit jaar weer, vertelt Beets. „Ik heb de laatste tijd veel presentaties gegeven. Die zaaltjes zaten vol en er was maar één ding waar mensen het over wilden hebben. Veel mensen zaten op de lijn dat ze de bv in gaan.”

Dat hoort hij ook als hij een op een met zijn klanten praat. Klant ben je bij dit onderdeel van de bank overigens pas met 1 miljoen euro aan ‘vrij vermogen’ voor sparen of beleggen. „Gemiddeld heb ik vijf tot acht gesprekken per week, en in de helft daarvan gaat het hierover. De rest van de gesprekken heeft een ander onderwerp, maar ook dan komt op een gegeven moment toch altijd de vraag op of het beter is het vermogen in een bv aan te houden.”

Heffing uitstellen

Schuiven met vermogen – waar zoveel mensen over nadenken – heet ook wel boxhoppen. Het is dé uitwijkmogelijkheid voor vermogenden die weg willen uit box 3 van de inkomstenbelasting, waarin de fiscus inkomen uit sparen en beleggen belast. Als beleggingen in een bv zitten, moet bij verkoop ervan vennootschapsbelasting worden betaald over de gerealiseerde winst, 19 tot 25,8 procent. Ook wordt dan bij uitkering nog een extra heffing opgelegd van 24,5 tot 31 procent. Opgeteld zijn deze belastingen hoger dan de heffing van 36 procent over het rendement in box 3, maar een bv geeft wel de zekerheid dat alleen echte winsten worden belast, niet een door de overheid bepaald rendement.

Dat is anders in box 3, waar een zogenoemd forfaitair tarief geldt. Voor beleggingen, zoals in aandelen of verhuurde woningen, geldt een fictieve opbrengst van 6 procent, waarover 36 procent belasting wordt geheven. Stan Stevens, belastingadviseur en hoogleraar in Tilburg: „Het forfaitaire tarief is vaak hoger dan het rendement dat mensen in de praktijk maken. Als je een relatief laag rendement hebt, is het fiscaal goedkoper om via een bv te beleggen. Een tijdlang zag ik dat dit veel gebeurde.”

Stevens voegt toe dat dit vooral gold vóór invoering van de zogeheten tegenbewijsregeling, die vorig jaar het parlement passeerde. Daarmee kunnen belastingplichtigen geld terugvragen als ze aantonen dat het echte rendement op al hun beleggingen samen lager uitvalt dan de fictieve berekening. Een probleem van die nieuwe regeling is dat ook ‘papieren’ winsten meetellen. Als aandelen in waarde zijn gestegen, telt dat als belastbare winst, ook al heeft een belegger ze niet verkocht.

De overheid wilde dit principe in een nieuw stelsel voor box 3 verder doorvoeren door een vermogensaanwasbelasting te introduceren. Dan had het fictieve rendement plaatsgemaakt voor het echte rendement inclusief papieren winsten. Dit leidde tot veel onrust, omdat zo’n heffing beleggers zou kunnen dwingen beleggingen te verkopen om met de fiscus te kunnen afrekenen.

Bij een vermogensaanwasbelasting groeit het vermogen iets minder snel doordat de winst elk jaar wordt afgeroomd. Omdat het belegde bedrag dat rendeert dan iets kleiner is dan zonder de heffing, valt de beleggingswinst het jaar erop iets kleiner uit. Voor beleggingen in een bv geldt dit allemaal niet. Verkoop ervan – en daarmee de belastingheffing – worden uitgesteld tot een zelfgekozen moment.

Bv oprichten: privacy verliezen

Vermogen verhuizen is volledig legaal, benadrukt Stevens. „Je mag gewoon een bv oprichten en ervoor kiezen om vermogen zo aan te houden. Er is geen enkele wettelijke bepaling die dat bestrijdt of als doel heeft dat tegen te gaan.”

Toch is deze ontwijkmogelijkheid in de praktijk niet zo aantrekkelijk, aldus Robert Mantel, expertisemanager fiscaliteit bij ING private banking. „In het gunstigste geval is de heffing 38,85 procent. Voor grote vermogens gaat het naar 48,8 procent. Dat is dus niet altijd voordeliger.”

Daarnaast zijn er oprichtingskosten van een bv en jaarlijkse kosten voor het opmaken van een jaarrekening. Ten slotte verlies je privacy. Mantel: „Omdat de jaarstukken met daarin informatie over het vermogen dan opeens in het register van de Kamer van Koophandel moeten worden gepubliceerd. De onzekerheid rond box 3 roept veel vragen op, maar wij zien niet dat klanten massaal andere routes kiezen.”

Cijfers van de Kamer van Koophandel lijken hem gelijk te geven. Directeur Daniël Chafiâ van Adhocdata, leverancier van informatie uit het handelsregister, gaat ervan uit dat voor dit doel opgerichte bv’s worden ingeschreven onder de code voor „activiteiten van geldmarkt- en niet-geldmarktbeleggingsfondsen”. Hij ziet dit jaar geen „significante stijging” van de nieuwe inschrijvingen. Ook eerder was dat niet zo: vanaf 2018 werden gemiddeld per maand vijftig tot zeventig bv’s met deze code opgericht.

Een andere code waaronder bv’s voor dit doel in het handelsregister staan, is „overige financiële dienstverlening”, merkt Chafiâ op. Daarvoor is de voorbije jaren evenmin een duidelijk toename te zien in nieuwe inschrijvingen.

Vermogenswinstbelasting

Hoewel de Tweede Kamer al akkoord is met invoering van de vermogensaanwasbelasting lijkt de politiek alsnog te kiezen voor vermogenswinstbelasting. Die laatste wordt pas geheven bij verkoop, vergelijkbaar met de vennootschapsbelasting die een bv betaalt over de verkoopwinst. Hiermee trekt de politiek „de angel uit het thema”, denkt Arjan van der Linde. Hij werkt als fiscaal econoom bij General Electric, post regelmatig op LinkedIn over fiscale onderwerpen en heeft een website met een rekentool waarmee mensen kunnen uitrekenen hoeveel een vermogensaanwasbelasting hun zou kosten.

Volgens Van der Linde zullen er geen boxhoppers overblijven als die vermogenswinstbelasting er komt. „Dan is het niet meer zinvol om vermogen in een eigen bv te stoppen; de gecombineerde belastingdruk van de bv en box 2 is een stuk hoger dan in box 3. Overigens is boxhoppen vooral iets waar mensen over praten en niet iets wat ze echt doen”, zegt hij.

Het nieuwe systeem is er alleen nog niet, merkt Beets van ABN Amro MeesPierson op. Het is namelijk nog onzeker hoe de overgang van stelsel wordt geregeld. Een belangrijk punt daarbij is de beginwaarde die beleggingen krijgen. Neem iemand die een beleggingsportefeuille heeft die door een slecht beursjaar in 2027 zakt van 1 miljoen euro naar 700.000 euro. „Als 700.000 euro de beginwaarde wordt, zal later herstel naar 1 miljoen mogelijk als 300.000 euro winst worden gezien. Zolang je niet verkoopt, is er niets aan de hand. Maar stel dat je wel verkoopt, dan krijg je een aanslag op een winst die helemaal geen winst is. Dat is natuurlijk heel zuur. Ik kan mij dus voorstellen dat mensen volgend jaar besluiten de waarde vast te klikken. En hoe klik je die vast? Door het vermogen nu in te brengen in de bv.”

Daar komt bij dat de kans groot is dat de overheid blijft schuiven met tarieven en drempelbedragen in box 3. Voor 2027 wil het kabinet bijvoorbeeld het fictieve rendement op beleggingen verhogen van 6 naar 7,87 procent. Daarnaast zou het onbelaste drempelbedrag moeten dalen, waardoor veel mensen die nooit belasting over vermogen betaalden, te maken krijgen met een heffing.

Naar box 1

Om de onzekerheid van box 3 weg te nemen, zijn er ook wegen die niet langs een bv leiden. Zo is er de optie vermogen te verplaatsen naar box 1 om extra pensioen op te bouwen. Sinds de invoering van het nieuwe pensioenstelsel in 2023 zijn de mogelijkheden verruimd om zo zelf te sparen voor de oude dag. De premie telt dan ook nog eens als aftrekpost voor de inkomstenbelasting.

Beets: „Het kapitaal waarmee je voor je pensioen spaart, valt tijdens de opbouw niet in box 3, zodat het kan doorgroeien zonder jaarlijkse box-3-heffing. Tegen de tijd dat de uitkeringen komen, zal er wellicht tegen lagere tarieven over kunnen worden afgerekend. Dat is ook een groot fiscaal voordeel.”

Een andere mogelijkheid om uit box 3 te komen, is aankoop van een huis in het buitenland. Vooral mensen die een verhuurde woning of een recreatiewoning hadden, kijken hiernaar, vertelt Stef Goossens, een collega van Mantel bij ING. „Dat is zeker een trend die we zien. Volgens mij wordt nu in Spanje een recordaantal huizen verkocht aan Nederlanders.”

Hij maakt wel meteen een kanttekening. „Je krijgt in veel gevallen een belastingvrijstelling voor box 3 hier in Nederland, maar dan heb je natuurlijk wel te maken met de belastingregels in dat buitenland.”

Uiteindelijk resteert dan de optie om te verhuizen naar het buitenland en het Nederlandse belastingstelsel te laten voor wat het is, concludeert Beets. „Mensen praten ook wel over emigratie. Dat blijft vooral bij praten. Als ik eerlijk ben, zie ik mensen niet weggaan alleen vanwege box 3. Nog niet.”

Maak NRC jouw voorkeursbron op Google

Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie

Overheidsfinanciën

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next