Het groeiende aantal mensen met dementie en de hoopvolle ontwikkelingen in onderzoek en innovatie wereldwijd maken het belangrijker dan ooit om te investeren in dementieonderzoek. Bezuinigen is dan niet de juiste weg.
Alzheimer Nederland maakt zich zorgen over de toekomst van de dementie-aanpak in Nederland. Uit de voortgangsbrief van de Nationale Dementiestrategie, die minister Mirjam Sterk van Langdurige Zorg, Jeugd en Sport op 12 oktober naar de Tweede Kamer stuurde, blijkt dat het jaarlijkse budget voor dementieonderzoek met 9 miljoen euro wordt gekort.
Daarnaast is de organisatie teleurgesteld over de terughoudendheid bij de inzet van bloedtesten om de ziekte van Alzheimer vast te stellen, waardoor mensen onnodig lang in onzekerheid verkeren. Ten slotte mist Alzheimer Nederland de vertaling van de behaalde doelen naar wat dat daadwerkelijk voor de persoon met dementie en diens naaste betekent.
Over de auteur
Wiesje van der Flier is directeur-bestuurder bij Alzheimer Nederland.
Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.
Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.
Stel je voor: je werkt hard, hebt thuiswonende kinderen en merkt steeds vaker dat je dingen niet meer kunt die voorheen vanzelf gingen. Je bent steeds vaker moe, hebt moeite met initiatief nemen of je weet totaal niet meer waarvoor je een apparaat moet gebruiken. Je gaat naar de huisarts, maar die denkt aan de overgang, een burn-out of depressie.
Na een paar jaar komt het steeds vaker voor dat je het even niet meer weet. Je directe omgeving dringt er opnieuw op aan dat je naar de huisarts gaat. Als er dan na jaren eindelijk de diagnose Alzheimer wordt gesteld, is dat een harde boodschap. Juist bij jonge mensen kan een bloedtest het tijdig en accuraat stellen van de diagnose verbeteren.
Daarom is het onbegrijpelijk dat de minister van Langdurige Zorg, Jeugd en Sport nu 9 miljoen euro bezuinigt op onderzoek naar dementie. Wereldwijd zien we dat de vooruitgang in medicijnontwikkeling steeds sneller gaat. Niet eerder was het veld zo hoopvol. De eerste twee medicijnen zijn op de markt en, belangrijker nog, er is een goed gevulde pijplijn met meer dan 150 medicijnen in onderzoek. Juist dit is het moment om fors in te zetten op wetenschappelijk onderzoek naar nieuwe aangrijpingspunten voor behandeling.
Het ministerie verwijst naar Europese investeringen in breder hersenonderzoek, maar die nemen de noodzaak van gerichte Nederlandse investeringen in dementieonderzoek niet weg. Juist door in Nederlands onderzoek te investeren, zijn Nederlandse onderzoekers vervolgens in staat om ook op het Europese onderzoekstoneel een betekenisvolle bijdrage te leveren. Dat komt niet vanzelf.
Alzheimer Nederland ziet in de voortgangsbrief veel terug van wat de Nationale Dementiestrategie de afgelopen jaren heeft bereikt. Er is veel in beweging gezet om de zorg voor mensen met dementie te verbeteren. Zo hebben meer instanties zoals bibliotheken, politieagenten en buurtwerkers geleerd hoe ze goed moeten omgaan met mensen met dementie. Ook zijn er meer ontmoetingsplekken gekomen waar mensen met dementie een zinvolle dagbesteding krijgen. Mooie resultaten!
Tegelijkertijd mist Alzheimer Nederland in de voortgangsbrief wat dit daadwerkelijk betekent voor mensen met dementie en hun naasten. Voelen mensen zich beter ondersteund om langer met kwaliteit van leven thuis te blijven wonen? Vinden de mantelzorgers dat ook? Kortom, faciliteert de overheid dit voldoende? De aangekondigde ketenaanpak dementie biedt kansen, maar zonder duidelijke doelstellingen blijft het lastig om te beoordelen of de inspanningen voldoende zijn.
Bloedtesten bieden perspectief op toegankelijke, accurate diagnostiek van de ziekte van Alzheimer. Ze zijn ook minder belastend dan een ruggenprik of PET-scan. Alzheimer Nederland ziet dan ook graag dat de ontwikkeling van innovatieve diagnostiek voortvarend wordt opgepakt, met aandacht voor wetenschappelijke onderbouwing, kwaliteit en toegankelijkheid. Nu duurt het vaak lang voordat de diagnose Alzheimer wordt gesteld; met behulp van biomarkers kan sneller duidelijk worden wat de onderliggende oorzaak van symptomen is.
Het aantal mensen met dementie – in 2050 zal dat meer dan een half miljoen zijn – en de hoopvolle ontwikkelingen in onderzoek en innovatie wereldwijd maken het belangrijker dan ooit om te investeren in dementieonderzoek, een dementievriendelijke samenleving en kwaliteit van leven voor mensen met dementie en hun naasten.
De Nationale Dementiestrategie zorgt voor samenhang, afstemming en gerichte monitoring van de resultaten voor mensen met dementie. Onze oproep aan de minister is om te blijven investeren en nú de juiste keuzes te maken, zodat meer mensen sneller een diagnose kunnen krijgen en medicijnen sneller worden ontwikkeld. En de ziekte uiteindelijk behandelbaar wordt.
Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant