Warning: Undefined variable $groupdata in /var/www/html/index.php on line 161

Deprecated: Creation of dynamic property Smarty_Internal_Template::$compiled is deprecated in /var/www/html/lib/smarty-3.1.30/libs/sysplugins/smarty_internal_template.php on line 612
Als je uit Oost-Europa komt, wordt er bijna dagelijks getwijfeld aan je ‘Europeesheid’

Home


Deprecated: Creation of dynamic property Smarty_Internal_Extension_Handler::$_updateScope is deprecated in /var/www/html/lib/smarty-3.1.30/libs/sysplugins/smarty_internal_extension_handler.php on line 111

Opinie: Als je uit Oost-Europa komt, wordt er bijna dagelijks getwijfeld aan je ‘Europeesheid’

Racisme tegen witte mensen? Wie de uitspraken over Oost-Europeanen hoort, moet helaas concluderen dat deze tegenwoordig tot de weinige ‘sociaal aanvaardbare’ vormen van racisme in Europa behoren.

Ik ben in Oost-Europa opgegroeid als een overtuigd antiracist en dacht altijd dat het idee dat er racisme kon bestaan tegen witte mensen zowel vals als gevaarlijk was. Tenminste, totdat ik aan het begin van deze eeuw naar Nederland verhuisde om er te studeren. Hier kwam ik er al snel achter dat negatieve stereotypen over Oost-Europeanen – stereotypen die aan hen minder waarde toekenden en daarom dienen te worden aangemerkt als racistisch – hier tamelijk algemeen zijn, net als in aangrenzende West-Europese landen.

Zoals een verdediger van het Zwitserse nationale voetbalelftal het een paar jaar geleden zo treffend uitdrukte: ‘Als mijn teamgenoten een fout maken, is dat omdat ze hun dag niet hebben. Als ik een fout maak, zeggen mensen dat het is omdat ik Albanees ben.’

Over de auteur

Ferenc Laczó is universitair docent Europese geschiedenis aan de Universiteit Maastricht.

Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.

Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.

Stereotypen

Begin een gesprek over wat mensen over Oost-Europa weten – iets wat ik regelmatig doe bij het begin van de colleges die ik in Nederland geef, sinds ik universitair hoofddocent ben geworden – en dergelijke stereotypen komen bijna onmiddellijk naar boven. Ik heb studenten uitspraken horen doen als ‘Oost-Europeanen zijn notoir corrupt’, ‘Oost-Europeanen zijn vooral goed in zwaar lichamelijk werk’ en zelfs: ‘Oost-Europeanen zijn bijzonder gewelddadig.’

Als ik kijk naar hoe vaak ik ze door de jaren heen ben tegengekomen, lijken zulke anti-Oost-Europese uitspraken tegenwoordig tot de weinige ‘sociaal aanvaardbare’ vormen van racisme in Europa te behoren.

Ik vind het bijna genant om het zelfs maar ter sprake te brengen. Vergeleken bij de openlijke haat, discriminatie en het lichamelijk geweld dat andere mensen in landen in zowel West- als Oost-Europa ervaren, lijken onze vaak subtiele ervaringen misschien onbeduidend.

Arbeidsmarkt

Ze leiden echter tot hardnekkige discriminatie op de in naam gezamenlijke Europese arbeidsmarkt – iets waarover veel West-Europeanen nog steeds in zalige onwetendheid lijken te verkeren. Op politiek niveau heeft dat ook geleid tot kortzichtig EU-beleid omtrent de uitbreiding van de EU of zelfs, tamelijk onthullend, toetreding tot de EU, vanuit een houding van onbetwiste superioriteit, in plaats van vanuit de hoop op het creëren van iets nieuws, iets wat passender is, samen met de inwoners van de Oost-Europese landen waar het om gaat.

Toch, hoewel de term door hen niet vaak wordt gebruikt om zichzelf te identificeren, moet het raciaal definiëren van Oost-Europeanen als nogal dubbelzinnig worden aangemerkt. Ten slotte is Oost-Europa dat deel van Europa dat ofwel wordt aanvaard, ofwel buitengesloten, afhankelijk van de context en het moment. Neem alleen al de Oekraïners, de mensen van de meest vergeten hedendaagse grote Europese natie die opeens de grootste helden en meest tragische slachtoffers van Europees verzet tegen imperialistische agressie zijn geworden.

Desalniettemin heb ik door de jaren heen dergelijke uitspraken bijgehouden omdat in mijn functieomschrijving staat dat ik Oost-Europa moet integreren in bredere discussies over Europa – en simpelweg omdat ik het als mijn morele plicht beschouw om schadelijke stereotypen te bestrijden en ruimte te scheppen voor gelijkwaardiger ontmoetingen binnen wat wij zo hooggestemd het Europese project noemen.

Dieper probleem

Gedurende jaren waarin ik een dergelijke op logisch redeneren gebaseerde integratie probeerde te bereiken en daarin vaak niet slaagde, ben ik ook gaan beseffen dat er een dieper probleem ligt.

Mijn colleges over Oost-Europa worden doorgaans gevolgd door geïnteresseerde studenten uit West-Europese landen. De meesten van hen waren blijkbaar tot dan toe blootgesteld aan vijftien jaar onderwijs zonder dat hun gevraagd was om na te denken over het feit dat er ook nog dit ‘andere Europa’ was (nog zo’n al te suggestieve alledaagse uitdrukking, natuurlijk), met landen die allemaal hun eigen fascinerende cultuur en historisch bepaalde waarden en overtuigingen hebben en allemaal overeenkomen met, maar ook duidelijk verschillen van West-Europa.

Die enorme kloof in het onderwijs in grote delen van West-Europa is een bepalende reden waarom Oost-Europa meestal negatief wordt gedefinieerd, ook in een tweede betekenis, namelijk door wat eraan ontbreekt om net als West-Europa te zijn. Sommige clichés die ik steeds weer hoor tijdens zulke inleidende discussies zijn dat Oost-Europa ‘niet zo ontwikkeld is’, ‘niet zo democratisch’ en dat de mensen daar ‘minder tolerant zijn’, enzovoort.

Feitelijk onjuist

Mijn probleem met dergelijke uitspraken is niet dat ze – uiteraard – feitelijk onjuist zijn, maar meer dat degenen die ze bezigen steeds aan het vergelijken en contrasteren zijn om tot een gemakkelijk oordeel te komen. Dat wil zeggen dat in dergelijke gevallen mijn anderszins goed opgeleide studenten geen enkele moeite doen om te onderzoeken waarom West-Europa sociaaleconomisch verder ontwikkeld is en wat nog steeds zijn ongelijke relatie met Oost-Europa bepaalt.

Om nog maar te zwijgen over de vraag of West-Europeanen werkelijk die grote apostels van de vrede zijn geweest bij het bereiken van hun huidige positie in de wereld. We zouden zelfs kunnen stellen dat op die momenten hun onwetendheid zich openbaart in hun veronderstelling dat Oost-Europeanen de echte onwetenden zijn.

Aan het eind van zulke nogal ontmoedigende eerste discussies vertel ik mijn studenten dat hun docent zelf ook uit Oost-Europa komt. Daarna vraag ik ze om na te denken over hoe zij hun eigen uitspraken zouden ervaren als zij ook uit Oost-Europa kwamen. Gelukkig kan ik melden dat jonge West-Europeanen tegenwoordig makkelijk kunnen schakelen en veel begripvoller kunnen worden – en dat is precies waar het leerproces echt kan beginnen. Sommigen zeiden zelfs, zelf zichtbaar verbaasd, dat ze dan woedend zouden zijn.

Plotselinge empathie

Deze terugkerende ervaringen van plotselinge empathie en intellectuele openstelling hebben mij genoeg hoop gegeven om door te zetten op dit moeilijke gebied en te proberen West-Europeanen op een analytische, voldoende complexe en genuanceerde manier over Oost-Europa te vertellen.

Niet in het minst als tegengif voor alle negatieve stereotypen, schadelijke clichés en regelrechte racistische onzin waarvan hun samenlevingen nog steeds doordrenkt zijn, ondanks het feit dat zij nu al zo’n twintig jaar in een Europese Unie leven waarin vrijwel de helft van de lidstaten tot Oost-Europa kan worden gerekend.

Na ruim tien jaar in een West-Europees land te hebben gewoond als docent van inmiddels middelbare leeftijd, heb ik mij ook met tegenzin neergelegd bij het feit dat machtsverhoudingen alleen maar in kleine stapjes kunnen veranderen – en dat er, als je uit Oost-Europa komt, nog steeds bijna dagelijks aan je ‘Europeesheid’ kan worden getwijfeld.

Misschien strijden mensen als ik daarom zo hard voor ons recht op gelijke behandeling, omdat iemand met meer macht anders nogal achteloos kan stellen dat als ik een fout maak, dat niet alleen maar komt doordat ik gewoon mijn dag niet heb.

Vertaling: Leo Reijnen

Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next