Twaalf jaar na haar zeer persoonlijke voorstelling Liefhebben maakt theatermaker Laura van Dolron een vervolg. De Volkskrant volgt haar op haar zoektocht naar verhalen over liefde en rouw, die bij voorkeur ook van onbekenden komen.
is media- en cultuurverslaggever van de Volkskrant.
Theatermaker Laura van Dolron staat eind augustus bovenaan de trap van de ‘theatertoren’, een tent op palen op theaterfestival de Parade in Utrecht. Beneden staan de bezoekers al voor haar in de rij. Ze spiedt op een lijstje op haar telefoon en praat intussen op hoog tempo tegen haar geliefde Mark Kulsdom, die vanavond de techniek doet bij haar voorstelling.
‘Ik ga straks niet met de Duitsers beginnen, ik begin met die opwaartse spiraal, met ‘meer is meer’: want daarmee kom ik er lekker in. En o ja, dat stukje over mijn flirtende opa en oma moet er echt in.’
Dan, tegen de verslaggever: ‘Het kan ook zijn dat ik zo meteen besluit iets totaal anders te doen, hoor, dat ik lekker ga freestylen.’
Het materiaal dat ze vanavond gebruikt, kent Van Dolron van binnen en van buiten, want het komt uit haar eerdere voorstelling Liefhebben, uit 2014. Die zeer persoonlijke show heeft als een rode draad door Dolrons optredende leven gelopen. Ze greep er al eerder op terug in andere voorstellingen, en er kwam in 2016 het mooi vormgegeven boekje Liefhebben uit voort, een everseller die intussen toe is aan de elfde druk. Nu komt er een nieuwe voorstelling met dezelfde naam. Liefhebben II gaat 15 oktober in première, we volgden Dolron sinds augustus tijdens het maakproces.
Van Dolron, zelfbenoemd stand-upfilosoof, had het in 2014, zoals de titel doet vermoeden, over liefde. Maar het ging in die voorstelling uiteindelijk ook veel over dood en rouw: ‘Als je op zoek gaat naar de liefde, kom je de dood steeds tegen. Die twee zijn heel vaak bij elkaar in de buurt.’ Van Dolron (in 2014 vijf maanden zwanger) had daarvoor een kindje verloren, en die gebeurtenis speelde een centrale rol in de voorstelling. Die had een inmiddels voor haar kenmerkende vorm: een mix van persoonlijke, ontroerende maar vaak ook geestige anekdotes, afgewisseld met bespiegelingen over rouw, liefde, vriendschap.
Van Dolron is daar veel om geprezen, ook in de Volkskrant, en won aan het begin van haar carrière onder meer de Charlotte Köhlerprijs, de Eric Vosprijs en de Guido de Moorprijs. Vast element in de tekst van Liefhebben is het zinnetje waarmee ze de heel uiteenlopende verhaaltjes steeds afsluit: ‘Dat is liefde.’
Op de Utrechtse Parade vertelt ze zo’n scène uit Liefhebben I nog eens opnieuw:
‘Mijn opa maakte een cirkel met zijn voet, gooide zijn armen in de lucht en zei: ‘Wat komt daar voor leuk vrouwtje binnen?’ Alsof hij mijn oma nog nooit had gezien! Flirten tot de laatste snik. Dat is liefde.’
Mijn oma keek vurig om, maakte een zwierig gebaar met haar schouders, zei ‘puh’ en trippelde koket naar de keuken. Alsof ze niks van hem wilde weten. Na zestig jaar huwelijk! Hard to get spelen tot het einde. Dat is liefde.’
Twaalf jaar later zal haar voorstelling dus opnieuw over de liefde gaan, maar nu zal een totaal veranderde Van Dolron die opvoeren. Ze is niet alleen twaalf jaar ouder (op de Parade zegt ze tegen het publiek: ‘Ik ben 50, zou je niet zeggen hè? Ik ook niet’), ze is moeder van twee dochters, ging door een pijnlijke scheiding, worstelt met het co-oudersschap. Van Dolron wil met een nieuwe blik naar de liefde kijken: ‘Niet door een roze bril, maar zoekend naar liefde, naar bewijsvoering dat liefde bestaat. Om mezelf te troosten, om de mensen in de zaal te troosten en te kijken naar wat er veranderd is tussen toen en nu.’
Die voorbeelden van liefde zoekt ze bij voorkeur ook buiten haar eigen leven, bij onbekenden die zich op de een of andere manier steeds bij haar aandienen, en die ze een rol laat spelen tijdens het maakproces van haar nieuwe voorstelling. Ze spreekt tijdens dat proces voortdurend af met mensen die ze hun eigen verhaal laat vertellen over liefde of rouw.
Deze weken belt ze meermalen enthousiast op om te vertellen over de bijzondere sessies die ze had met studenten van de Hogeschool van Amsterdam, een jongen die zijn moeder heeft verloren die nooit voor hem heeft gezorgd, een vrouw van 34 die afscheid wil nemen van het kindje dat ze nooit gaat krijgen.
Van Dolron: ‘Ik hou helemaal niet van het isolement van het repetitielokaal, dat vind ik ook niet passen bij liefhebben. Rouwen en liefhebben doe je samen. Ik geloof dat wat ik doe met taal, dat veel meer mensen dat kunnen, als ze het zichzelf zouden toestaan. Als mensen echt over leven en dood spreken, dan wordt taal heel mooi.
‘Ik denk weleens aan alle speeches voor begrafenissen die in laatjes liggen en waarmee nooit meer iets wordt gedaan. Wat een berg interessant materiaal moet dat zijn. Op het moment waarop je zo’n speech moet schrijven, ben je gewoon nog in totale shock, dus dan kun je helemaal niet verbaal eens even goed tot de kern komen. Ik denk dat er nog zo veel mooie taal verscholen ligt.’
Zo gaat dat in de praktijk: na een voorstelling spreekt iemand uit het publiek haar aan met een eigen verhaal over liefde of rouw, of ze krijgt een mailtje, en voor je het weet staat Van Dolron op een dinsdagmiddag in een sfeervol appartement in een galerijflat in Utrecht. Hier wonen Max Clement (33) en Emilie Brackel (27) samen met hun hondjes Charlie en Bonnie.
Clement werkt al elf jaar op de Parade als hoofd van de kassa, daar raakte hij in gesprek met Van Dolron na een voorstelling. Hij verloor zijn vader op jonge leeftijd, zijn vriendin Brackel haar lievelingsoom. Daar gaan ze vandaag met Van Dolron woorden voor proberen te vinden.
Intussen hijst de meegekomen Vlaamse muzikant Emma Demeyere (22) haar keyboard op een strijkplank in de volle woonkamer. Demeyere stuurde een appje, of ze stage mocht komen lopen. Ze heeft op de Parade al een rol gespeeld, omdat Van Dolron haar uitnodigde een paar van haar oudere gedichten op muziek te zetten en te zingen in de voorstelling. Van Dolron: ‘Zij is een beetje aan komen waaien. En zo komen er steeds allemaal mensen bij in het proces. Dat is die opwaartse spiraal waar ik het in de voorstelling over heb: meer is meer!’
Emilie Brackel heeft al iets geschreven en leest dat voor. Demeyere speelt mee op haar toetsen, de hondjes liggen in de zon op het kleed.
‘Ik was een maand en twee dagen 8 jaar oud. En mijn lievelingsoom werd geschept door een trein. Zelf gekozen.’
Later: ‘Op kerstavond 2014 was ik 15 jaar. En die dag betekende mijn kantelpunt de afgrond uit. Die kwam vol enthousiasme op mij afgelopen. Charlie. Een klein, zwart krullenbolletje. Helemaal van mij. Ik had weer een reden om op te staan. Om veilig thuis te komen. Om goed voor mezelf te zorgen, zodat ik voor haar kon zorgen.’
Van Dolron heeft geluisterd en zet Emilie aan het werk: ‘Ik vind het heel mooi, dat vergeet ik bijna te zeggen. Maar ik heb nog wel een paar plekken waar ruimte zit. Hoe oud was je toen je hond kwam? En kun je dat net zo precies zeggen als die een maand en twee dagen dat je 8 jaar was? Waarom was het je lievelingsoom? Wat zou je nog tegen je oom willen zeggen?’
Of er elementen uit deze sessie terug gaan komen in de voorstelling is nu nog niet helemaal duidelijk, Van Dolron is nog volop aan het schrijven. Wat wel al zeker is: Demeyere gaat met haar keyboard mee op tournee. Emilie Brackel mag Van Dolron ‘in het licht zetten’: zij doet licht en geluid tijdens de voorstelling, ook al heeft ze dat nog nooit eerder gedaan.
De honden van Clement en Brackel zullen tijdens de première in de kleedkamer zitten, samen met Van Dolrons dochters, die geen zin hebben om de ‘saaie’ voorstelling te bekijken (Van Dolron: ‘Dat is ook liefde: dat ze dat durven te zeggen tegen hun moeder.’). Maar ze willen wel graag buigen na afloop, hopelijk samen met de honden.
En verder laat Van Dolron zich inspireren door alles wat ze de afgelopen weken bij dit soort ontmoetingen heeft gehoord. Ze is elke keer weer opgetogen over wat er kan gebeuren, als je de ruimte geeft aan een mens met verdriet. En dat dat ook, verrassend genoeg, vrolijk of grappig kan zijn. Dan ontstaat een van de kenmerkende onderdelen van Van Dolrons voorstellingen: lachen door je tranen heen.
Laura van Dolron, Liefhebben II, première 15/10 in Frascati, Amsterdam, daarna tour.
Laura van Dolron: Liefhebben. ISVW Uitgevers; 128 pagina’s; € 14.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant