is voetbalverslaggever van de Volkskrant.
Marianne Vos hoort bij de inventaris van het wielrennen. Hoe de sport ook vernieuwt, welke snufjes ze ook bedenken, welke evenementen ze ook uitvinden en hoe de sport voor vrouwen ook is gegroeid in de afgelopen decennia, Vos is, om even bij inventaris te blijven, de pontificaal in de kamer geplaatste bank die je nooit aan de straat zet, die zo lekker zit en boven elke twijfel verheven is. Liever nieuw bekleden dan weggooien.
Ze doet mee en ze blijft winnen, met een zekere regelmaat in elk geval. Ze won zoveel door de jaren heen dat het soms niet meer opviel. Oh ja, Marianne Vos. De waardering neemt in zo’n geval gaandeweg een beetje af, omdat het gewoon is, totdat zo iemand een bepaalde leeftijd bereikt en winnen weer als heel bijzonder wordt ervaren.
Aan de andere kant van de wereld greep ze haar vijftiende wereldtitel, behaald in vier disciplines. Over veelzijdigheid gesproken. Het waren prachtige beelden vanuit Nannup, in Australië, bij het WK gravel, met scherprechters als Brockman Climb, Ellis Creek Summit en Folly Climb. De mens op de fiets door de natuur, over gravel, door prut, over de lanen, kronkelend door eeuwig zingende bossen, in de regen, met valpartijen en lekke banden. Met bij de mannen zelfs even een kangoeroe op het parcours.
Vos won haar eerste wereldtitel in 2006. Ze was de beste in het veld, in gewone prut of op gravel, op de weg en op de baan, en bewees zich opnieuw als alleskunner. En dan is haar vader Henk overleden dit jaar, haar eeuwige metgezel, die vaak met de camper meetrok op avontuur. Natuurlijk mist ze hem en liet ze na afloop ook tranen. Ze is 39.
In hetzelfde weekeinde stopte Bauke Mollema, die onopvallend afscheid nam in de Ronde van Lombardije, het monument dat hij eens won. Nee, hij viel niet meer zo op tegen het eind van zijn loopbaan, maar op eveneens 39-jarige leeftijd was hij nog steeds een behoorlijke renner, beroemd om zijn vermogen om pijn te lijden en om het verzamelen van een puik palmares.
In een heel andere tak van sport vielen Ronaldo en Messi weer op, samen 80 jaar oud, verdeeld over 41 jaren voor Ronaldo en 39 voor Messi. Het zij gezegd, de een, Ronaldo, is niet meer altijd goed genoeg voor de nationale ploeg van Portugal. Hij maakte zich belachelijk door zichzelf op gelijke hoogte te stellen met Maradona en Pelé toen de bondscoach hem te lang warm liet lopen. Maar ja, dat is bij al dat succes een kwaal die hoort bij een bepaalde leeftijd; dat het zicht op de werkelijkheid soms ietwat vertroebelt.
Messi nam op tijd afscheid, omdat hij besefte dat het nooit meer wordt zoals het is geweest. De Argentijnen konden geen genoeg van hem krijgen en zijn teamgenoten zongen na afloop van zijn laatste interland voor hem, om hem op andere gedachten te brengen. Hoe dan ook, het sportieve leven van al die ‘oudjes’ is hoopgevend. Leef gezond, blijf plezier houden in wat je doet. 80 is het nieuwe 60, 60 het nieuwe 45 en 40 het nieuwe 30. Dat laatste wist u natuurlijk allang, maar het is leuk als af en toe iemand het bewijs levert.
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Geen column meer missen?
Volg uw favoriete columnisten via de app.