Lawrence Osborne grijpt alles aan om zijn lezers mee te voeren naar Turkije en Egypte, en slaagt daar prima in. De geloofwaardigheid van zijn personages – dat is een ander verhaal.
schrijft voor de Volkskrant over boeken, met name uit het Engelse taalgebied.
Tyler Sedgewick is een 40-jarige privédetective die werkt voor het New Yorkse bureau Cyclops Eye. Hij wordt vooral ingezet voor ‘huwelijkszaken’ – het betrappen van ontrouwe echtgenotes, in opdracht van hun steenrijke mannen.
Tylers slagingspercentage was de afgelopen jaren een weinig indrukwekkende 60 procent en hij is dit type opdrachten eigenlijk zat. Maar dan komt oliemiljardair James Knight vragen of Cyclops Eye zijn dochter Chana kan opsporen, en Tyler weet zijn werkgever te overtuigen dat hij de ideale kandidaat is voor de klus. De dochter in kwestie – vrucht van het huwelijk met een inmiddels overleden Turkse societydame – bevindt zich hoogstwaarschijnlijk in Turkije.
Zijn dochter, zo laat Knight weten, zit in een periode van ‘vagabondage’, van wereldwijd rondzwerven. Op haar 15de heeft hij haar wegens onhandelbaar gedrag naar een strenge kostschool in Californië gestuurd, een ‘therapeutische heropvoedingsinstelling’, maar die heeft haar meer kwaad dan goed gedaan. Ze is er ‘mentaal gewelddadiger’ uit teruggekomen. En nu is ze dus zoek.
Tyler krijgt financieel carte blanche en reist af naar een luxehotel in de Turkse badplaats Bodrum, waar Chana voor het laatst haar creditcard heeft gebruikt. Na enige tijd weet hij haar inderdaad op te sporen. Ze noemt zich nu Aylin. Tyler raakt al snel door haar gefascineerd en besluit Knight nog even niet van de feiten op de hoogte te stellen. Hij wil Chana eerst beter leren kennen en een band met haar opbouwen.
Aldus het uitgangspunt van Lawrence Osbornes roman Kinderen van wolven (Children of Wolves). Osborne (Londen, 1958) leidt een nomadisch leven en woonde onder meer in Polen, Frankrijk, Italië, de VS, Mexico, Thailand en Istanbul. Hij schreef lange artikelen voor The New York Times Magazine, The New Yorker en Condé Nast Traveler en publiceerde een aantal reisboeken, om vervolgens op dikwijls thrillerachtige fictie over te stappen.
Vrijwel al deze elementen zijn terug te lezen in Kinderen van wolven. De roman speelt, naast Bodrum, in Istanbul en (kort) in Caïro. Osborne grijpt alles aan om de plaatselijke omgeving tot leven te wekken en slaagt daar prima in. Met name culinair trekt hij alles (misschien iets te veel) uit de kast. Tyler drinkt geen koffie maar orta kahve of türk kahavesi, geniet van koele beyaz şarap, eet çilbir-eieren bij het ontbijt en muhallebi als dessert. Tussendoor passeren börek, mücver, kataifi en sac-gerechten de revue.
Meestal worden deze begrippen niet nader verklaard, maar dat hoeft ook niet. De lezer wordt meegevoerd naar Turkije en daar gaat het om.
Naarmate Tyler langer in het hotel verblijft, ontdekt hij dat Chana zich heeft omringd door drie vrienden: de nerveuze Diana, kunstoplichter Adam en de slordige Italiaanse erfgenaam Marco. Het blijkt dat de vier elkaar op de eerdergenoemde kostschool hebben leren kennen. De strenge tucht op deze school heeft hun, in elk geval naar hun eigen overtuiging, ernstige psychologische schade toegebracht. ‘We hebben allemaal ouders die zich niet voor ons interesseren’, aldus Adam.
Tot ongeveer halverwege de roman wordt Kinderen van wolven verteld vanuit het perspectief van Tyler. Vanaf dat moment komen ook de leden van de vriendengroep aan het woord. We lezen niet alleen over de felle afkeer die die vier hebben van hun ouders, maar ook over hun minachting voor de Amerikaanse maatschappij. ‘Ze waren het erover eens dat alleen een zieke samenleving hen zo achteloos in een heropvoedingsinstituut had kunnen plaatsen dat weinig meer was dan een concentratiekamp.’
Stap voor stap zijn de vier tot de overtuiging gekomen dat ze alleen door ‘iets groots’ te doen de maatschappij kunnen ‘genezen’. Een heel kleine groep van samenzweerders kan de as van de wereld doen kantelen, zo menen ze. Als voorbeelden denken ze daarbij aan onder meer Gavrilo Princip, die in 1914 in Sarajevo Frans Ferdinand en diens vrouw vermoordde, en ‘Unabomber’ Ted Kaczynski.
Zo komt Osborne bij zijn echte onderwerp, namelijk de innerlijke leegte, de totale morele afstomping van Chana en haar vrienden. Om die reden had hij wat mij betreft nog dieper in de belevingswerelden van zijn personages kunnen duiken. Het gaat hier om vier intelligente en in beginsel zeer sensitieve personen, die in ultieme weelde maar zonder liefde, aandacht en genegenheid zijn opgegroeid. Ze haten hun ouders, maar zijn niet te beroerd op hun kosten een uitgesproken decadent leven te leiden, daarbij niet gehinderd door hun quasilinkse, anarchistische opvattingen.
Het is niet moeilijk te begrijpen hoe deze verbitterde, moreel gefnuikte ‘kinderen van wolven’ tot een gewelddaad kunnen komen. Maar het vergt aanzienlijk meer om geloofwaardig te maken hoe slimme mensen tot de overtuiging kunnen raken dat ze de wereld zullen genezen met een gewelddaad – waarover hier geen spoiler.
Lawrence Osborne: Kinderen van wolven. Uit het Engels vertaald door Peter Abelsen. Prometheus; 224 pagina’s; € 23,99.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant