is chef van de politieke redactie.
Onder aanvoering van de VVD wordt van het box 3-debat een potsierlijke vertoning gemaakt.
In het Volkskrant Commentaar wordt het standpunt van de krant verwoord. Het komt tot stand na een discussie tussen de commentatoren en de hoofdredactie.
De historici die later gaan oordelen over Nederlands eerste experiment met een minderheidskabinet kunnen één conclusie alvast noteren: het werkt niet als de deelnemende regeringspartijen zo weinig hun best doen om uit te stralen dat ze het tenminste onderling eens zijn.
Vijf dagen bedenktijd hadden de fracties van D66, VVD en CDA om te beslissen hoe ze zouden reageren op de moties met ideeën van de oppositiepartijen om de patstelling over de vermogensrendementsheffing te doorbreken. Aan het eind van het liedje stemden D66 en CDA vóór het voorstel van de ChristenUnie om te beginnen met het aanpakken van de ‘schenkingen op papier’, de perverse leenconstructies waarmee vermogende families de erfbelasting kunnen ontwijken.
Dat had vanuit de coalitie een mooi gebaar kunnen worden richting het meedenkende deel van de oppositie, ware het niet dat de VVD tegenstemde. Daardoor wekte die partij eens te meer de indruk dat plat politiek eigenbelang belangrijker wordt geacht dan de pogingen om een hardnekkig hoofdpijndossier met vereende krachten uit het moeras te trekken.
Het past in een patroon waarmee de VVD van het hele ‘box 3-debat’ een potsierlijke vertoning heeft gemaakt. Het is al bijna vergeten, maar in de Eerste Kamer ligt nog altijd een panklaar wetsvoorstel om gewoon vermogensaanwasbelasting te gaan heffen. Jaarlijks fiscaal afrekenen over de in dat jaar geboekte winst op vermogen, dus. Dat werd eerder dit jaar door de Tweede Kamer goedgekeurd. Weliswaar met tegenzin, want veel partijen hebben er moeite mee dat ook ‘papieren’ winsten op beleggingen dan worden belast, maar verder uitstel zou de staatskas jaarlijks honderden miljoenen aan gemiste belastingopbrengsten kosten.
Sindsdien is het de VVD die het verzet aanvoert en uit alle macht probeert om alsnog met spoed over te gaan tot vermogenswinstbelasting: pas fiscaal afrekenen als de winst verzilverd is.
De gevolgen zijn genoegzaam bekend. Vermogenswinstbelasting is vooral gunstig voor (zeer) vermogende beleggers. Door uitstel van de verkoop van hun aandelen boeken zij uiteindelijk meer rendement over hun vermogensaanwas, die anders jaarlijks zou zijn belast. Mensen met minder grote vermogens, die relatief meer sparen dan beleggen, betalen in zo’n stelsel effectief een hoger belastingtarief dan mensen met grotere vermogens.
Nu staat het iedere partij vrij om zich naar believen hard te maken voor een doelgroep naar keuze, maar het wordt wel ingewikkeld nu ook de rekening voor de samenleving op tafel ligt: de nadelige gevolgen voor de schatkist kunnen in de jaren tot en met 2035 oplopen tot bijna 20 miljard euro. De noodzaak om die rekening te dekken, leidt tot de huidige wanhopige zoektocht om dan maar elders meer vermogensbelasting op te halen. Bijvoorbeeld, opnieuw, bij de minder grote vermogens, zoals in het recentste kabinetsvoorstel. Zo wordt het er niet beter op.
Tel daarbij op dat het kabinet tegelijkertijd de inkomstenbelasting voor alle werkenden structureel met zo’n 8 miljard euro verhoogt, en de vraag dringt zich op of het niet tijd wordt dat ten minste twee van de drie regeringspartijen hardop erkennen dat de prioriteiten in de belastingheffing inmiddels helemaal de verkeerde kant opgaan.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant