Vele honderden Franse middelbare scholen waren dinsdag opnieuw het toneel van protesten of bleven uit voorzorg dicht. Scholieren eisen al weken een oplossing voor het lerarentekort en investeringen in aftandse schoolgebouwen. Zaken die ook in Nederland spelen, maar toch niet vergelijkbaar zijn, zeggen experts.
"Klassen bestaan vaak uit wel 35 of 36 leerlingen, schooldagen zijn extreem zwaar, niet iedereen heeft gelijke kans op een vervolgopleiding", somt de Frans-Nederlandse socioloog Laurent Chambon de klachten van de scholieren op in gesprek met NU.nl. Hij is tegenwoordig leraar in Nederland.
"Frankrijk investeert niet meer in het onderwijs. Veel leraren verdienen weinig en stoppen ermee. En met de schoolgebouwen is van alles mis, tot de toiletten aan toe. Kun je je voorstellen dat je op school niet eens naar het toilet kunt gaan?", foetert hij.
De appgroepen van leraren Frans in Nederland, onder meer verbonden via vakvereniging Levende Talen Frans, staan roodgloeiend. De Franse scholierenprotesten zijn niet alleen reuze-interessant voor de docenten, maar ook geweldig lesmateriaal om Nederlandse leerlingen iets te leren over de Franse cultuur en geschiedenis.
"Het onderwerp leeft onder docenten Frans", zegt Marjolijn Voogel. Zij is als socioloog en schoolboekenmaker verbonden aan de vakvereniging. "De problematiek die we in Nederland hebben op het gebied van kansenongelijkheid heb je in Frankrijk in het groot. Het is niet zo dat het onderwijs op elke school in Frankrijk slecht is geregeld of dat op elke school wordt geprotesteerd. Maar de 'stille' scholen halen het nieuws niet."
"Kort samengevat zijn er zorgen over de financiering van het onderwijs", vertelt Inge Elferink, voorzitter van Levende Talen Frans en vakdidacticus aan de lerarenopleiding in Groningen. "Ook is er een lerarentekort." Een paar jaar geleden zat 67 procent van de vijftienjarigen op een school waarvan de schoolleider aangaf dat een tekort aan leraren het onderwijs belemmerde.
Maar Nederland heeft ook een lerarentekort. Nederlandse scholieren klagen ook over druk. Daarnaast tonen de website Schoolgebouwenschaamte en de hittegolf afgelopen juni aan dat ook Nederlandse scholen een flinke opknapbeurt nodig hebben.
"Nederlandse tieners klagen inderdaad ook. Dat is ook hun taak op die leeftijd. Maar de situatie in Nederland is totaal niet te vergelijken met de Franse", vindt Chambon.
"Ook in Nederland kunnen zaken veel beter, maar Frankrijk is een totaal ander verhaal."
Niek Pas, Frankrijkdeskundige aan de Universiteit van Amsterdam, vindt het "te generaliserend om te zeggen dat de situatie op elke Franse school erbarmelijk is". "Maar hier en daar is de situatie zeker nijpend", zegt hij. Het helpt niet mee dat Frankrijk in 2010 een geboortegolf doormaakte. "Toen werden er iets van 800.000 Fransen geboren, tegen ruim 600.000 nu."
Al die baby's van toen zijn nu ongeveer zestien en zitten in propvolle klassen. "Over twee tot drie jaar zullen de klassen alweer wat leger zijn. Maar dat is niet het enige wat speelt. Het is een optelsom van volle klassen, lesuitval, slechte gebouwen… Een cocktail van problemen."
De demonstraties begonnen op 21 september bij het Lycée Saint-Exupéry in Créteil, een stad bij Parijs waarin bijna een kwart van de inwoners onder de armoedegrens leeft. Het protest sloeg vervolgens over naar andere plekken door heel het land.
De vonk sloeg over terwijl het "al broeide in de maatschappij", vertelt Pas. "Er is heel veel onvrede in Frankrijk. Die is er al langer, kijk maar naar de gelehesjesbeweging in 2018 en protesten tegen pensioenhervormingen. Er hoeft maar iets te gebeuren of het ploft", vervolgt hij.
Chambon vult aan: "Nu waren het de scholieren, maar het zouden morgen de brandweerlieden kunnen zijn en overmorgen de verpleegkundigen."
"Interessant is dat onderwijs in Frankrijk veel centraler is geregeld dan in Nederland", vertelt Voogel. "Bij ons hebben scholen en leraren veel autonomie, maar in Frankrijk behandelt elke leerling in hetzelfde jaar op hetzelfde moment dezelfde lesstof. Het onderwijs is heel gecentraliseerd, of het nu om het onderhoud van toiletpotten gaat of om lesmateriaal."
Ironisch genoeg leidt die centralisering dus niet tot dezelfde omstandigheden en onderwijskwaliteit op elke school. Elferink: "Door een centrale verdeling van leraren staan juist relatief veel nieuwe leraren in de banlieues voor de klas. Dat zijn vaak sociaal zwakkere wijken die juist de ervarenste leraren nodig hebben."
Volgens critici geeft een ander gecentraliseerd systeem, het zogeheten Parcoursup, leerlingen uit chiquere postcodegebieden meer kans op een prestigieuze vervolgopleiding. "En juist doordat het Franse onderwijs zo centralistisch is, is het een enorm log slagschip", zegt Voogel. "Voordat zo'n enorme tanker gedraaid is..."
Maar de vraag is dan ook hóé die tanker gedraaid zou moeten worden. Pas: "De klassieke handreiking bij zulke onrust is ergens een zak geld voor uittrekken, maar de Franse regering staat financieel met haar rug tegen de muur."
"Dat centraal geregelde onderwijs heeft ook wel voordelen, hoor", benadrukt Voogel. "Maar als je het met Nederlandse scholieren bespreekt, is de conclusie misschien wel dat het bij ons toch nog niet zo slecht geregeld is."
Het levert in Nederland in elk geval waardevolle lessen Frans op. Want juist volgens de nieuwe Nederlandse kerndoelen moeten de lessen Frans niet alleen een taalcursus zijn, maar ook een internationaal vergelijkend perspectief bieden. Elferink: "Dit is alvast een perfect onderwerp voor de nieuwe eindexamens Frans over een paar jaar."
Hoe de onvrede onder Franse scholieren zo kon escaleren, zie je in deze video:
Source: Nu.nl algemeen