Het aandeel Nederlandse studenten dat een deel van hun studietijd in het buitenland doorbrengt, neemt na een coronadip weer toe. Spanje is de populairste studiebestemming voor Erasmus+-studenten, gevolgd door Duitsland en het Verenigd Koninkrijk.
is datajournalist van de Volkskrant en analyseert en schrijft over het nieuws in cijfers.
Bijna 18 procent van de universiteitsstudenten en 17 procent van de hbo-studenten die in het studiejaar 2024-2025 afstudeerden, ging voor drie maanden of langer naar het buitenland. Dit blijkt uit nieuwe cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).
Tijdens de coronapandemie gingen studenten door de reisbeperkingen veel minder vaak voor hun studie naar het buitenland. In 2019 ging nog 24 procent van de studenten voor een kwartaal of langer naar een ander land. Sinds 2022 loopt het aandeel studenten dat in het buitenland studeert weer op, maar het ligt nog niet op het niveau van voor de pandemie.
Naast de studenten die minimaal drie maanden van huis zijn, verblijft nog eens ruim 5 procent voor een kortere periode in het buitenland. Daarmee heeft bijna een kwart van de vorig jaar geslaagde studenten een deel van hun studie in het buitenland gevolgd.
Via het Europese Erasmus+-programma kunnen studenten een beurs krijgen om tijdelijk in het buitenland te studeren of stage te lopen. Spanje is in dit programma verreweg het meest in trek; daarvoor koos tussen 2014 en 2024 bijna 17 procent van de studenten. Bij studenten die een volledige studie in het buitenland doen, is het beeld anders: daar stond Belgiƫ in 2021 volgens de meest recente cijfers op de eerste plaats, gevolgd door het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant