Racisme In Zuidwijk, de Rotterdamse buurt waar vorige week een 51-jarige man overleed bij een hardhandige arrestatie, overheerst het gevoel dat er sprake was van discriminatie. „Iedereen van kleur heeft verhalen over confrontaties met de politie.”
Stille tocht, afgelopen maandag in Zuidwijk, voor Alfredo Goeloe, die overleed bij zijn aanhouding.
‘Als ik in de auto stap, zet ik mijn pet af.”
„Oh, zeker, mijn zonnebril ook.”
„Ja! Nooit met zonnebril rijden!”
„Tasje ook af. Ik doe alles af voor ik ga rijden. Haha.”
A. Oguz (37) en D. Ibrahim (40) staan voor de snoepwinkel in het Rotterdamse Zuidwijk. Klanten lopen in en uit, voor iedereen hebben de mannen een vriendelijk woord. Ze vertellen over de specifieke blik die zij waarnemen bij Rotterdamse agenten. Rotterdammers van kleur liggen onder een vergrootglas van de politie. Niet van allemaal, zegt Ibrahim. „Er zijn ook heel goeie gasten bij.” En hij wil als ondernemer absoluut geen gedoe, vandaar dat ze alleen hun achternaam in de krant vermeld willen zien. Maar, zegt hij, zeker als je in de auto stapt, doe je je best geen reden te geven voor een stopteken.
Een paar dagen eerder overleed de 51-jarige Alfredo Goeloe, na aanhouding door de politie omdat hij geen identiteitsbewijs bij zich had. Hij verzette zich. De politie dacht ten onrechte dat hij op een gestolen fatbike reed. Over zijn dood wordt veel gesproken in de wijk. Het gevoel dat hij verdacht werd van de diefstal vanwege zijn donkere huidskleur overheerst. Dat geluid was ook al te horen tijdens een stille tocht op maandag.
Donderdag werd er in Rotterdamse raad gedebatteerd over de aanhouding met dodelijke afloop. Verschillende raadsleden zeiden dat gebeurtenissen als deze het gevoel voedt dat uiterlijk een rol speelt bij politieoptreden. Of dat bij Alfredo Goeloe het geval was, is onbekend. De Rijksrecherche doet onafhankelijk onderzoek en meldde vrijdag dat de patholoog de doodsoorzaak „op dit moment” nog niet heeft kunnen vaststellen. Wel bevestigt het OM op vrijdag dat hij meer dan de toegestane hoeveelheid drugs op zak had. Burgemeester Carola Schouten benadrukte in het raadsdebat dat iedereen in de stad gelijk moeten worden behandeld, en zei dat de gebeurtenis ook „grote impact” heeft op de politieorganisatie.
Tuurlijk, zegt een 33-jarige man op weg naar de supermarkt in Zuidwijk. „Iedereen van kleur heeft verhalen over confrontaties met de politie.” Hoe minder je op een witte Nederlander lijkt, legt hij uit, hoe meer verhalen je hebt. Vanwege zijn eigen ervaringen met de politie wil hij niet met zijn naam in de krant.
Een man met dreadlocks, een Marokkaanse man, of simpelweg iemand die ze niet aanstaat, houden ze staande, zegt Jerniël Petrionilia (27) die met een vriend staat te praten op straat. Het gebeurt hem geregeld, vertelt hij. „Ik vraag altijd naar de reden. Dan zeggen ze dat ze de bevoegdheid hebben om het te doen. Ik werk altijd mee, ik heb geen keus. Verstand op nul en er mee dealen. Maar het voelt alsof ze hun macht misbruiken.”
Ik heb wel altijd het gevoel bekeken te worden door de politie als ik langsrij of -loop, zegt Gloire Antonia (28), de vriend. „Dan denk ik: gaan ze me stoppen of niet?”
Het is een gegeven dat witte mensen niet kennen, legt Judi Mesman, hoogleraar op het gebied van sociale (on)rechtvaardigheid aan de Universiteit Leiden uit. Ze zag reacties op de berichtgeving rondom Alfredo Goeloe als: ‘Ik ben ook wel eens aangehouden. Als je je niet verzet, is er niets aan de hand.’ Mesman: „Ik denk dan, jij bent vast niet zwart.”
„Er zijn redenen om aan te nemen dat de politie anders reageert op een verdachte van kleur dan op witte verdachten. Er zijn allerlei onderzoeken en experimenten gedaan die dat uitwijzen; in Amerika maar ook in Duitsland, dichterbij Nederland. Bijvoorbeeld een Duits experiment waarbij agenten wél moesten schieten op een fictief persoon die een pistool tevoorschijn haalt en niet als iemand een portemonnee uit zijn zak pakte. Het bleek dat als de persoon met de portemonnee zwart was, er vaker werd geschoten.”
Ibrahim vertelt over een voorval op z’n eenentwintigste, dat zijn beeld van de politie zou bepalen. Om acht uur ’s morgens stond hij bij de bushalte op weg naar werk in zijn woonplaats Amsterdam. Een ouder echtpaar stopt en vraagt de weg. In het bushokje hing een plattegrond van de stad, het echtpaar stapt uit. ‘Dus ik wijs aan: u bent nu hier. En u moet daar naar toe, en dan rijdt u zo en zo.”
Een politieauto stopt, vertelt hij. „Twee agenten stapten uit. De ene zette mij met mijn handen tegen het bushokje. De andere agent vraagt aan het echtpaar: valt hij jullie lastig? Ze zeiden: nee, nee, nee, hij was ons aan het helpen. Toen lieten ze me los, stapten in de auto en reden weg. Geen sorry. Niets. Het echtpaar stond te trillen. ‘We vinden dit zo naar’, zeiden ze.”
De man van 33 vertelt op een bankje in Zuidwijk over een heftig voorval in Rotterdam een paar jaar geleden. Met twee vrienden had hij het kostuumspel Dungeons & Dragons gespeeld. Hij droeg zijn ridderkostuum nog en had een plastic zwaard in zijn hand, toen ze buiten op de trap van een kerk zaten na te praten.
„Iemand heeft de politie gebeld. Er kwamen drie busjes aanrijden met politiemensen. Het leek alsof ze dachten dat we een terreuraanslag aan het plegen waren.” Hij deed zijn handen in de lucht, identiteitsbewijs in de hand. „Ik deed precies wat ze zeiden, probeerde uit te leggen dat ik met nog twee nerds een spelletje hadden gespeeld.”
Zij zagen een agressieve, donkere jongen, vertelt hij. „Die was ik niet. Het leek alsof ze wílden dat ik agressief zou reageren. Ze hadden de hand op de knuppel. Ik denk dat ze wel doorkregen dat er niets aan de hand was. Ze hadden kunnen zeggen: vergissing. Het spijt ons. Maar dat gebeurde niet.” Kort daarna kreeg hij een brief: verstoring van de openbare orde. Boete van 750 euro.
Jerniël Petrionilia en Gloire Antonia vertellen jongeren in hun omgeving dat ze kalm moeten blijven en meewerken, ook als het vervelend is. Hun ouders hadden hen niet specifiek gewaarschuwd. „Het is ervaring”, zegt Petrionilia. „Als je hard reageert, geef je ze gas. Als je rustig blijft, is het sneller voorbij.”
De 33-jarige man van het Dungeons & Dragonsspel geeft les op een middelbare school. Hij hoeft zijn leerlingen niet te vertellen dat de politie extra op hen let, zegt hij. „Dat weten ze.” Hij zegt wel: „Zorg dat het niet nodig is dat ze met z’n zevenen op je gaan zitten. Ik vertel hen ook dat ze zo min mogelijk met de politie te maken moeten krijgen.” Zelf wil hij door zijn ervaringen anoniem blijven, zijn naam is bekend bij de redactie.
Onderzoek is niet eenduidig over de vraag of het goed is als kinderen worden voorbereid op vooroordelen en discriminatie, zegt Mesman. „Een boodschap als: ‘het bestaat nu eenmaal, je moet er mee omgaan’, kan ervoor zorgen dat ze de wereld als vijandig gaan zien.”
Na een racistisch incident, maakt het wel uit hoe de omgeving erop reageert, zegt Mesman. Een empathische, troostende reactie heeft meestal een positiever effect dan ‘daar word je hard van’. Als je bespreekt wat zo’n ervaring met een kind of jongere doet, maak je duidelijk dat racisme bestaat en dat je kunt leren om ermee om te gaan.
Oguz zegt tegen zijn zestienjarige zoon dat hij zijn capuchon moet afzetten als hij op zijn fatbike zit. „Anders houden ze je aan. En altijd netjes en beleefd zijn tegen een agent, want we hebben ze nodig.”
Mesman begrijpt heel goed dat ouders dit hun kinderen adviseren. „Je hoofdzorg is dat je kind niet hardhandig behandeld wordt of in elkaar geslagen wordt of zelfs erger. Maar het pakt natuurlijk niet de oorzaak aan, nu zijn het degenen die gediscrimineerd worden die zich gaan aanpassen.”
Ibrahim wil zijn kinderen niet vertellen wat ze wel of niet moeten doen als ze politie zien. „Dan zou ik ze het gevoel geven dat ze anders zijn dan anderen. Ik probeer ze gewoon zo goed mogelijk op te voeden. Zodat ze zich goed gedragen. Ze zijn Nederlanders, ik ben Nederlander. Ik zing vaker liedjes van André Hazes dan jij.”
„Ik eet meer frikadellen”, zegt Oguz.
Ze lachen.
De 33-jarige man zegt dat hem opvalt dat witte Nederlanders geen idee hebben wat mensen van kleur meemaken. Mesman zegt dat ook: „Veel witte mensen hebben een blinde vlek omdat het hen niet overkomt.” Ze vertelt over Verdacht, een prachtige maar pijnlijke documentaire over etnisch profileren. „Er zit een wat oudere man in en die zegt: ‘Nou, vroeger was het erger; nu gebeurt het me maar een keer in de week’.”
Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie