Home

Fernando Alonso slaat terecht alarm over F1, maar de geschiedenis lijkt zich te herhalen

Tijdens de Grand Prix van Spanje concludeerde hij dat F1 “zo niet door kan gaan”. Veel collega-coureurs op de grid hopen dat Alonso nog een jaar toevoegt aan zijn lange carrière, maar er zijn geen eenvoudige oplossingen voor de twee grootste problemen

Toen Fernando Alonso donderdag in Madrid plaatsnam op de bank voor de FIA-persconferentie, waren de vragen al makkelijk te voorspellen.

Iedereen wist dat de tweevoudig Formule 1-kampioen gevraagd zou worden hoe bijzonder het was om weer in Spanje te racen, wat hij van de Madring vond en, onvermijdelijk, wanneer we duidelijkheid over zijn toekomst konden verwachten.

Het antwoord op die laatste vraag was: “Niet snel.” De vervolgvraag over wat de vertraging precies veroorzaakte, wuifde de Spanjaard lachend weg: “Omdat ik denk dat het leuk is, toch?”

Niet veel later herhaalde de 45-jarige dat het vooral afhangt van plezier: de reglementen zijn zelfs belangrijker dan het competitieve beeld van Aston Martin, al moet gezegd worden dat die laatste factor logischerwijs ook invloed heeft op zijn plezier.

Toen Autosport Alonso vroeg naar zijn huidige kijk op de reglementen voor 2027 – inclusief de kleine aanpassing aan de brandstofdoorstroming – bleek zijn antwoord enigszins cryptisch, vooral het laatste deel ervan.

“Ik denk dat het een stap in de goede richting is”, antwoordde hij. “Of het genoeg is… deze auto’s zullen het altijd belonen door de batterijen op te laden in de snelste bochten en aan het einde van de rechte stukken, omdat dat de optimale rondetijd oplevert.

“Door deze power units moet je op een bepaald punt in de ronde de batterijen opladen, en je zult de batterijen opladen op de meest problematische plekken voor het plezier. Dat zal in de snelle bochten en aan het einde van de rechte stukken zijn. Dat gaat in tegen elke input van de coureur of het opzoeken van de limieten van de auto.

“Maar op een bepaalde manier heb ik nog steeds enige hoop dat de regels voor volgend jaar nog eens aangepast moeten worden, dat dit niet de definitieve versie is.”

Het huidige contract van Alonso loopt af aan het einde van het F1-seizoen 2026.

Foto door: Andy Hone/ LAT Images via Getty Images

Die laatste woorden waren cryptisch, want wat bedoelde Alonso precies: aanpassingen vóór de start van volgend jaar, of verdere wijzigingen gedurende 2027 als het racen nog steeds niet goed genoeg zou blijken?

Toen ik Alonso die vraag stelde terwijl we de persconferentieruimte verlieten, maakte hij duidelijk dat hij de eerste optie bedoelde – verdere wijzigingen vóór de start van 2027 – en voegde hij eraan toe terwijl hij een hand op mijn schouder legde: “Het leven zit vol verrassingen, maat!”

Het is het soort zin dat zo op een wandtegeltje kan, een klein stukje huis-tuin-en-keukenwijsheid.

Later op die mediadag kwamen opmerkingen van FIA-president Mohammed Ben Sulayem op het New Economy Forum naar buiten. Hij zei onder meer dat hij niet wilde dat Alonso op deze manier met F1 zou stoppen, dat hij er alles aan wilde doen om Aston Martin en Honda te helpen, en dat er in mei al “juridische acties” waren ondernomen.

Dat laatste klonk nogal dramatisch, maar bij navraag bleek het simpelweg te verwijzen naar de extra bestedingsmogelijkheden onder de ADUO-regels – Additional Development and Upgrade Opportunities – voor een fabrikant die meer dan 10% achterloopt.

Ben Sulayem liet het groter klinken dan het in werkelijkheid was.

Hetzelfde kan misschien gezegd worden over ‘alles doen om Honda te helpen’. Bij navraag lijkt dit te verwijzen naar aanvullende wijzigingen aan ADUO, maar ook dat is volkomen logisch en is niet uitsluitend op Alonso gericht. Iedereen in de paddock kan zien dat het ADUO-systeem momenteel niet werkt zoals oorspronkelijk bedoeld.

Honda heeft een slechte start gemaakt als partner van Aston Martin in de motorenproductie.

De fabrikant met de beste power unit krijgt een token voor verdere ontwikkeling, terwijl Red Bull-Ford aan de elektrische kant van zijn PU moet werken, maar omdat het de sterkste verbrandingsmotor heeft, niet de mogelijkheid krijgt om dat te doen. Dus ja, ADUO moet veranderen en als die gesprekken toch plaatsvinden, kunnen ze misschien ook een mogelijkheid bieden om Honda meer hulp te geven.

Er zijn echter twee belangrijke kanttekeningen. Ten eerste zal de power unit uit Sakura, zelfs als Honda een helpende hand krijgt, niet plotseling aanzienlijk beter worden. Hoofdingenieur Shintaro Orihara erkende dat ook tijdens een recent interview met Autosport: het doel is om in 2028 weer een “topconcurrent” te zijn, maar de weg daarheen zal moeilijk zijn en tijd kosten.

Extra hulp is geen wondermiddel.

In dat opzicht lijkt de geschiedenis zich te herhalen, waarbij Honda mogelijk succes boekt zodra Alonso niet langer in een auto met Honda-motor rijdt. Want ja, met de faciliteiten in Silverstone, Adrian Newey en de fabrieksovereenkomst met Honda lijken alle ingrediënten voor succes op langere termijn er nog steeds te zijn. Het kost simpelweg meer tijd dan verwacht, en op een bepaalde manier is dat tekenend voor Alonso’s F1-carrière: helaas te vaak op de verkeerde plaats op het verkeerde moment, waardoor zijn twee wereldtitels zijn ware talent niet weerspiegelen.

Maar het competitieve beeld is slechts één ding, want zei Alonso niet dat plezier achter het stuur nog belangrijker is dan dat?

In dat opzicht heeft Alonso gevoel voor oneliners. Eerder dit jaar noemde hij de snelle bochten van Silverstone “laadstations”, en in Madrid ging hij nog een stap verder toen de nieuwe kombocht - La Monumental - ter sprake kwam.

“Het kan niet zo zijn dat Michael [Alonso's PR] sneller is dan Max Verstappen als hij meer batterij heeft, omdat bocht 12 zo’n ongelooflijke bocht is dat Max Verstappen daar het verschil moet maken ten opzichte van Michael, en op dit moment kunnen we dat niet”, zei hij.

“Maar Formule 1 of autosport in het algemeen zou moeten zijn dat als Michael in bocht 12 moediger is dan ik, hij sneller gaat. Als ik meer kwaliteiten heb, ga ik sneller dan hij, zo zou de kwalificatie moeten zijn. Nu hangt het alleen af van hoeveel batterij ik heb.”

Verstappen en Alonso behoren tot de grootste critici van de reglementen voor 2026.

Foto door: Sam Bloxham / Motorsport Images

Misschien moeten we eigenlijk proberen uit te zoeken of Michael Clayton echt sneller zou zijn dan Max Verstappen, aangezien dat waarschijnlijk interessanter zou zijn om naar te kijken dan de daadwerkelijke ‘race’ in Madrid… maar dat doet er hier helemaal niet toe.

Alonso heeft onlangs verder gesproken met F1-CEO Stefano Domenicali en ook met Ben Sulayem, maar ook hier komt de echte oplossing waarschijnlijk te laat. De verhouding tussen de verbrandingsmotor en het elektrische vermogen wordt volgend jaar aangepast naar 58-42, voordat die in 2028 naar een 60-40-verdeling gaat.

Ja, dat verbetert de situatie, maar nee, het is nog steeds niet wat F1 in Alonso’s ogen zou moeten zijn. Hij ervoer wat F1 echt zou moeten zijn voorafgaand aan de Spaanse GP, toen hij in Barcelona met meerdere auto’s reed, waaronder de McLaren MP4/4 en zijn eigen McLaren uit 2007.

“Het was voor mij tot nu toe de beste dag van het jaar! Ik reed in auto’s zonder batterijen, zonder iets. Ik deed er gewoon brandstof in, banden, veel geluid, veel video’s, oordoppen, dus ja, geweldig”, zei de veteraan met een recordaantal van 439 Grands Prix-starts.

Dat is F1 zoals Alonso die het liefst zou zien, maar helaas ook een Formule 1 die de komende jaren onhaalbaar lijkt. Zelfs als er voor 2027 verdere aanpassingen komen om de pijn te verzachten, zal het nog steeds bij lange na niet in de buurt komen van Alonso’s ideaalbeeld.

Het goede nieuws van dit seizoen is dat iedereen – F1, de FIA, alle betrokken partijen – een les heeft geleerd, zoals Domenicali in april ook aangaf tijdens een uitgebreid interview met deze website.

Voor de volgende cyclus zullen de fabrikanten minder invloed hebben en zal de verbrandingsmotor opnieuw een prominentere rol spelen. Les geleerd, maar onder normale omstandigheden zal het tot 2030 of 2031 duren voordat die les in de praktijk kan worden gebracht.

Domenicali gaf toe dat autofabrikanten een te grote invloed hadden op de regelgeving voor 2026.

Foto door: Motorsport Network

In dat opzicht geldt op beide fronten hetzelfde – het competitieve beeld en de reglementen: er komen betere tijden aan, maar het zal nog jaren duren voordat die dingen echt werkelijkheid worden. En dus zal hij, ongeacht wat Alonso beslist, waarschijnlijk niet volledig van de voordelen kunnen profiteren.

Dat gezegd hebbende, hopen veel van zijn collega-coureurs dat hij er nog een jaar aan vastplakt, zoals Verstappen afgelopen zaterdag ook zei: “Uiteindelijk moet Fernando dat voor zichzelf beslissen. Natuurlijk zou ik hem graag zien doorgaan, maar uiteindelijk komt het neer op: ‘Kun je competitief zijn met het team en geniet je ervan?’ Want als het alleen maar een bron van frustratie is, dan denk ik dat het op een gegeven moment niet vol te houden is.

“Ik zou hem graag zien doorgaan en ik denk dat iedereen er zo over denkt, maar het is aan hem en dat is ook het mooie – dat hij als wereldkampioen zelf kan beslissen wanneer hij wil stoppen.”

In werkelijkheid denkt bijna iedereen in de paddock dat Alonso er nog een jaar aan vastplakt en dat het zich nog niet publiekelijk vastleggen deels een spel is om de druk op te voeren, idealiter om het kampioenschap als geheel te verbeteren.

Omdat veel van die dingen tijd kosten, kan Alonso F1 niet verlaten met de serie in de vorm waarin hij die graag zou zien. Maar na zo’n rijke carrière verdient de Spanjaard op zijn minst de kans om af te zwaaien met een jaar dat iets minder pijnlijk is dan 2026.

Het is 20 jaar geleden dat Alonso zijn laatste F1-titel won.

Foto door: Sutton Images

Wat zou jij graag willen zien op Motorsport.com?

- Het Motorsport.com-team

Source: Motorsport

Previous

Next