Ionica Smeets Als twintiger las wiskundige en hoogleraar wetenschapscommunicatie Ionica Smeets (46) The Pharmacist’s Mate (2001) van Amy Fusselman. ,,De gelaagdheid van lichtheid merken we vaak niet op.”
„Dit boek lag al jaren op me te wachten om te worden herlezen. Ik doe de laatste tijd veel boeken weg, maar The Pharmacist’s Mate van Amy Fusselman is gebleven. Haar boek gaat over een vrouw die probeert zwanger te worden via een ivf-traject. Tegelijkertijd overlijdt haar vader en leest ze de dagboekfragmenten terug die hij tijdens de Tweede Wereldoorlog schreef, toen hij als scheepsarts werkte.
Haar verhaal en zijn dagboekfragmenten wisselen elkaar af. Zo komt er in het boek een contrast terug: het hoofdpersonage is zowel bezig met nieuw leven als met de dood van haar vader.
Ik heb dit boek gelezen in mijn studententijd, toen ik begin twintig was. Ik kocht het op de uitverkooptafel van de V&D in Delft. Daar liep ik vaak langs als student, op zoek naar goedkope boeken. Op de achterflap ging het over inseminatie, de hardrockband AC/DC en over het heelal en ik weet nog dat ik dacht: Oké, let’s go!
Wat me tijdens het lezen meteen aansprak, was het thema van de dood en de vraag hoe je je op een goede manier kunt verhouden tot de dood. Ik was daar toen veel mee bezig, al weet ik niet precies waarom. Daarnaast vond ik interessant hoe het boek met tijd en ruimte speelt. De hoofdpersoon leest in het verhaal een boek over tijd, hoe we de tijd als lineair ervaren en hoe bepalend dat is voor de manier waarop we naar het leven kijken. De hoofdstukken zijn chronologisch genummerd, totdat ze in hoofdstuk 42 bedenkt: dat moet ik niet doen. Alle hoofdstukken heten vanaf dan hoofdstuk 1.
Ik weet ook nog dat ik het op die leeftijd fascinerend vond hoe vanzelfsprekend seks in dat boek ter sprake kwam. Fusselman schrijft bijvoorbeeld over de pornografie die haar man kijkt. Ze bespreekt dat ook met hem. Voor mij was het heel nieuw dat iemand zo open en terloops over seks praatte. In mijn studentenhuis in Delft wist je dat iedereen porno keek, maar ik had het er met niemand over, ook niet met vriendjes. Zij sprak daarentegen gewoon met haar partner over een pornovideo waarin een man met vijf vrouwen was en hoe dat werkte.
De dood intrigeert me nog steeds, zeker nu ik mijn fascinatie daarvoor van mijn jongere zelf probeer te begrijpen bij herlezing van dit boek. Wat me nu meer dan ooit trof, was de lichtheid waarmee het boek over de dood spreekt. De gelaagdheid van zwaarte zien we heel vaak, maar de gelaagdheid van lichtheid vaak niet.
Je kunt het boek makkelijk kunt afdoen als luchtig, zonder veel diepgang. De hoofdpersoon maakt immers veel grapjes. Ze is voortdurend bezig met de zin ‘Mijn vader is dood’, die in haar hoofd blijft nagalmen. Op een gegeven moment denkt ze zelfs dat ze haar kind zo zou kunnen noemen: ‘Mijnvaderisdood’. Ze stelt zich voor dat ze zegt: ‘Ik moet Mijnvaderisdood bij de ijshockeybaan ophalen.’ Voor mij laat dat heel goed zien hoe rouw werkt. Juist in die luchtige opmerkingen zit zoveel pijn. Dat zie ik nu sterker dan toen.”
In de rubriek ‘Teruglezen’ vertellen boekenliefhebbers over een werk dat in het verleden veel indruk op hen heeft gemaakt.
Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie