Henri Bontenbal (CDA), Derk Boswijk, staatssecretaris van Defensie, Ruben Brekelmans (VVD) en Jan Paternotte (D66) tijdens de tweede dag van de Algemene Politieke Beschouwingen.
Werken moet lonen, vinden veel partijen. Maar de manier waarop het kabinet dat poogt te bereiken, leidt in het debat tot een boel kritiek. In de Miljoenennota stond een cadeautje voor werkenden: de arbeidskorting gaat omhoog. Dat is een belastingvoordeel voor werkenden, waardoor je netto iets meer loon overhoudt.
De maatregel is vooral bedoeld om de koopkrachtplaatjes op te krikken, geeft premier Jetten toe. „Je wordt ook elk jaar in de zomer geconfronteerd met voorspellingen over de koopkrachtontwikkeling voor het komende jaar. En je moet het ook doen met de knoppen die we hebben.”
Dat de premier zich verontschuldigt, heeft een reden. De arbeidskorting maakt het belastingstelsel ingewikkelder en onoverzichtelijker, terwijl het kabinet nou juist had beloofd om dat stelsel een stuk simpeler te maken.
Henri Bontenbal van het CDA heeft er weinig begrip voor. „Als we elk jaar draaien aan de heffingskorting, wordt het steeds moeilijker om hervormingen door te voeren. Elk jaar wordt er een zwengel aan die knop gegeven. Dat ding wordt steeds lammer en daardoor wordt het ook steeds moeilijker.”
Bij Mirjam Bikker van de ChristenUnie steekt de verhoging van de arbeidskorting als „een graat in de keel”. Volgens Bikker is het belangrijk om te kijken naar de manier waarop mensen zorg en werk verdelen. Mensen die niet werken, zoals mantelzorgers, krijgen géén korting. „Ik zie de gevolgen voor mensen die wel de keuze maken in het verdelen van zorg en werk”, zegt ze. „Er is te snel gekozen voor het altijd weer makkelijk oppompen van de arbeidskorting.”
Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie