Home

Interview Scott Redding: “Ik heb nooit van motorracen gehouden, ik was er alleen erg goed in”

Scott Redding heeft in zijn carrière vrijwel alle hoeken van de internationale motorsportpaddock gezien, van de 125cc en Moto2 tot de MotoGP, WorldSBK en tegenwoordig de British Superbike. Donderdag, voorafgaand aan de British Superbike-ronde op het TT Circuit Assen, sprak Racesport.nl uitgebreid met de uitgesproken Brit over zijn bijzondere carrière, zijn liefde voor ‘old skool’ racen en zijn toekomst in de motorsport.

Je hebt ervaring in de MotoGP-, WorldSBK- en BSB-paddock. In welke paddock voel jij je het meest thuis? “Ze zijn allemaal een thuis voor mij geweest, maar de BSB voelt meer als een nieuw tijdperk van ‘old skool’ racen. Ik zeg altijd dat ik in de verkeerde generatie ben geboren. Ik had eigenlijk in de tijd van Barry Sheene, in de jaren 70, moeten racen. In de BSB is het allemaal wat ruwer. We hebben geen elektronica op de motoren, wat het racen interessanter maakt. Het is wat simpeler. Het gaat niet alleen maar om elektronica en de juiste bandenkeuze. Ook WorldSBK was gaaf, na een periode in de MotoGP waarin het wat strikter was. Het voelde alsof ze daar destijds een karakter nodig hadden en ik kon die rol invullen. Er reden daar heel wat oudere rijders tegen wie ik erg opkeek, zoals Jonathan Rea, Chaz Davies, Eugene Laverty en Leon Camier. En met de MotoGP ben ik vanaf mijn vijftiende opgegroeid en ik kende niets anders. In het begin was het heel erg cool, maar later werd het alsmaar strikter. De rijders gingen meer hun eigen gang. Toen ik begon, raceten we tot middernacht met scooters in de paddock.”

Wat maakt de British Superbike zo interessant voor jou? “De manier van racen in dit kampioenschap, daar hou ik van. Dat is ook beter voor de fans en de fabrikanten. Dit jaar is Ducati iets dominanter, maar Honda heeft de laatste weekenden ook een paar keer gewonnen en ook Yamaha en Bimota doen mee. Dat heb je niet echt in andere kampioenschappen. Daar zijn vaak één of twee motoren dominant. Maar de diversiteit aan circuits en het technisch reglement maken de BSB zo sterk. De BSB heeft niet dezelfde atmosfeer als de MotoGP, maar veel fans zeggen dat ze de BSB-races het leukst vinden om naar te kijken.”

Je hebt geracet in de Grand Prix in de 125cc, Moto2 en MotoGP, maar ook in WorldSBK en BSB. Als het puur gaat om racen op de baan, hoe zou je deze vijf rangschikken? “Dat is een lastige vraag, want in de MotoGP was ik niet competitief genoeg om te ervaren hoe het is om daar vooraan te racen. In alle andere klassen heb ik gewonnen. Moto2 was goed. Daar vocht ik met gelijkwaardig materiaal tegen heel sterke rijders, maar ik moet toch MotoGP op één zetten, want dat is het beste van het beste. Ik racete tegen de beste rijders ter wereld, zoals Valentino Rossi en Jorge Lorenzo. Als ik er nu op terugkijk, was het te gek dat ik op dat niveau kon racen. Dan zet ik Moto2 op twee. Als het puur om het racen gaat, zet ik BSB op drie, daarna WorldSBK en vervolgens de 125cc.”

Je was slechts 15 jaar toen je in 2008 je eerste Grand Prix won, en dan ook nog je thuisrace op Donington Park. Besefte je toen hoe speciaal dat was en herinner je je die race nog? “Ik herinner me die race, maar niet heel goed. Ik besefte toen zeker niet wat ik die dag gepresteerd had, en mijn familie ook niet. Het was nog in een tijdperk zonder social media. Als dat vijf jaar later was gebeurd, dan was ik veel bekender geweest. De avond ervoor had ik nog tot middernacht met scooters geracet en voor allerlei problemen gezorgd, zoals een kind van vijftien jaar dat doet. Ik wist ook niet waar ik me gekwalificeerd had. Dat bleek de eerste rij te zijn. Ik was toen nog met zoveel andere dingen bezig en dat hielp me waarschijnlijk om niet gestrest te zijn. Maar om die race te winnen was geweldig. Ik kom nog steeds mensen tegen die aangeven dat ze mij sinds dat moment volgen en er toen kippenvel van kregen. Het was een speciale dag voor Britse motorsportfans. Maar zelf was je na zo’n prestatie altijd meteen weer bezig met de volgende race.”

In de Moto2 en WorldSBK ben je bijna wereldkampioen geworden. Voelt dat nog onbevredigend of kun je daar ook met trots op terugkijken? “Om kampioen te worden heb je ook geluk nodig. Dat is ook de reden waarom Valentino (Rossi) zoveel kampioenschappen heeft gewonnen. Hij was heel goed en constant, maar had op sommige momenten ook geluk. In Moto2 stond ik ver voor in het WK met nog drie races te gaan. Ik brak nooit iets, maar toen gebeurde dat wel en verloor de titel. En toen ik in de WorldSBK kwam, kende ik de helft van de circuits niet en reed ik tegen rijders met vijf of tien jaar ervaring. Natuurlijk was ik graag wereldkampioen geworden en ik heb daar twee tot drie goede kansen op gehad, maar het mocht niet zo zijn. Ik ben trots op wat ik heb bereikt en hoe ver ik ben gekomen. Ik word regelmatig bekritiseerd omdat ik te veel praat en zeg wat ik denk. Deze mensen weten dan vaak niet wat ik allemaal gewonnen heb. Als je dat wel weet, snap je mij beter. Ik racete tegen de beste rijders ter wereld. Ik heb niets meer te bewijzen.”

Terug naar de BSB. Je won hier tijdens de laatste twee edities, in 2019 en 2025. Voelt het alsof jij dit weekend de favoriet bent? “In Assen zeker. Ik hou van deze plek. Ik heb hier een jaar gewoond en races gewonnen. Mensen verwachten misschien een overwinning, maar het zal zeker niet makkelijk worden. Kyle (Ryde) is dit jaar in goede vorm en heeft hier ook gereden in World Supersport. Het wordt een interessant weekend.”

Je staat tweede in het kampioenschap, met 71 punten achterstand op Ryde. Na Assen staan er nog twee raceweekenden op de kalender. Voelt dit als je laatste kans om je titelaspiraties levend te houden? “Dat weet ik niet zeker, want met de showdown krijgen we nu meer punten in de laatste races van het seizoen. Ik heb de laatste tijd wat pech gehad, terwijl Kyle constant is blijven scoren. Ik zei aan het begin van het jaar al: ik wil mezelf niet de druk opleggen dat ik het kampioenschap moet winnen. Natuurlijk wil ik winnen, maar ik ben ouder en heb vaak genoeg voor titels gevochten om te weten dat het zal gaan zoals het gaat. Mensen kunnen zeggen dat je moet winnen, maar daarmee verandert er niets en wordt het er ook niet beter van.”

Je bent nu 33 jaar. Zie jij jezelf, net als Leon Haslam op zijn 43e, nog steeds in de British Superbike rijden? “Nee, dat denk ik niet. Ik hou niet van de sport, om eerlijk te zijn. Ik heb nooit van motorracen gehouden, ik was er alleen erg goed in. Ik blijf het doen omdat ik er mijn geld mee verdien. Natuurlijk vind ik het racen zelf leuk en hou ik van winnen, maar ik hou er niet zoveel van dat ik er enorm lang mee door wil blijven gaan. Ik heb een tweejarige deal met het team, dus ik blijf volgend jaar ook. Daarna bekijk ik het per jaar. Ik heb een zoon die houdt van motoren. Het zal daarom lastig voor mij worden om helemaal weg te blijven van de sport.”

Maar heb je nog ambities wat betreft waar je nog zou willen racen? “Als ik er – wat ik denk dat genoeg is – geld mee kan verdienen, dan zal ik proberen door te gaan zolang ik dat mentaal ook wil. Ik zal nooit ergens naartoe gaan om maar wat rond te rijden en mijn geld te pakken. Ik wil kunnen winnen. Daarom ben ik ook teruggegaan naar de BSB. Er zijn nog wel verschillende dingen die ik zou willen doen. Ik denk aan de 8 uur van Suzuka, racen in Amerika en ook Daytona. En misschien Bagger-racen. Bij de North West 200 ben ik geweest en dat lijkt me heel tof, maar de familie heeft daar nee tegen gezegd. En dat begrijp ik. De Isle of Man TT wil ik niet, dat is echt een ander verhaal. Soms wil ik graag nog lang doorgaan en op andere momenten weer niet. Ik weet niet of dat komt doordat ik ouder word, omdat ik het al zo lang doe of omdat ik een kind heb.”

Je deed de laatste jaren ook veel aan wielrennen en kon je in wedstrijden zelfs meten met profs. Waarom ben je ermee gestopt? “Ik werd steeds beter, maar het werd ook steeds moeilijker en ik had er meer uren voor nodig. Tegelijkertijd had ik door ons gezin steeds minder tijd. Ik overtrainde mezelf, zodat ik in andere periodes meer thuis kon zijn met het gezin. Op een gegeven moment had ik er geen plezier meer in. Alles was voor mij altijd een competitie en dat is vermoeiend. Ik probeer nu dingen te doen die minder intensief zijn voor het lichaam en waar ik van kan genieten, zoals downhill mountainbiken en BMX’en. Ik vind het leuk om nieuwe dingen te blijven proberen.”



↓Tijdschema en volledige uitslagen British Superbikes Assen↓



09 – British Superbikes Assen 2026
09:00 - 09:25
Moto4 Northern Cup
Eerste vrije training
09:35 - 10:00
British Supersport
Eerste vrije training
10:10 - 10:35
Moto4 British Cup
Eerste vrije training
10:45 - 11:05
BMW F 900 R Cup
Vrije training
11:15 - 12:05
British Superbike
Eerste vrije training
12:15 - 12:40
Benelux Trophy
Eerste kwalificatie
12:50 - 13:10
World Sidecar
Eerste vrije training
13:40 - 14:05
Moto4 Northern Cup
Tweede vrije training
14:15 - 14:45
British Superbike
Tweede vrije training
14:55 - 15:20
British Supersport
Tweede vrije training
15:30 - 15:55
Moto4 British Cup
Tweede vrije training
16:05 - 16:25
British Superbike
Pre-kwalificatie
16:35 - 17:00
BMW F 900 R Cup
Kwalificatie
17:10 - 17:35
Benelux Trophy
Tweede kwalificatie
17:45 - 18:10
World Sidecar
Tweede vrije training


Handige links British Superbikes Assen 2026:

Source: Racesport

Previous

Next