Coalitievorming Zweden Hoewel de Sociaal-democraten bij de parlementsverkiezingen in Zweden de grootste zijn geworden – de laatste stemmen worden nog geteld – is het allerminst zeker dat ze ook kunnen regeren. Er is teveel gedoe aan de linkerflank en veel hangt ook af van de opstelling van de neo-liberale Centrumpartij.
De leider van de Zweedse Sociaal-democraten, Magdalena Andersson, moet na de verkiezingen eerst kijken welke meerderheid ze kan vormen.
Een afgetekende winnaar van de parlementsverkiezingen in Zweden is er niet, een duidelijke verliezer wel: de radicaal-rechtse Zweden Democraten van partijleider Jimmie Akesson moeten voor het eerst in zestien jaar hun verlies incasseren.
Zondag werden de Sociaal-democraten net als in 2022 de grootste partij, maar ze behaalden wel het slechtste resultaat in honderd jaar. Inmiddels is 95 procent van de stemmen geteld. Daaruit blijkt dat het centrum-linkse blok een kleine voorsprong heeft met 176 zetels tegenover 173 voor de rechtse partijen. De stemmen uit het buitenland zijn nog niet meegenomen, pas vanaf woensdag worden de poststemmen geteld.
Hoewel ze ruim 2 procentpunt minder stemmen kregen dan vier jaar geleden (van ruim 30 naar ruim 28 procent), is de winst van de Sociaal-democraten geen verrassing. De overige linkse partijen hebben het beter gedaan dan vier jaar geleden.
De uitslag in Zweden is vergelijkbaar met die in Denemarken en Noorwegen. In Denemarken won de sociaaldemocratische Socialdemokratiet dit voorjaar eveneens de parlementsverkiezingen, zij het met het slechtste resultaat in 120 jaar. In Noorwegen won vorig jaar de Arbeiderspartij. Die partij kreeg wel meer stemmen, maar de partij werd op de hielen gezeten door de rechts-populistische Vooruitgangspartij. In Noorwegen werd een ‘tuttifrutticoalitie’ gevormd met vier andere linkse partijen. Denemarken kreeg na een lange formatieperiode een centrum-linkse coalitie.
Wat de drie landen ook gemeen hebben is dat migratie niet het belangrijkste onderwerp was tijdens de verkiezingen, maar de welvaartsstaat. In Zweden staat die steeds meer onder druk door vergaande privatisering in onderwijs en zorg, waarbij er weinig tot geen vermogensbelastingen worden geheven. „Een miljardairsbelasting treft geen arme mensen”, „Het geld moet terug naar de klaslokalen” en „Het salaris moet zowel de kosten voor voedsel als de huur dekken” waren enkele van de slogans waarmee de Sociaal-democraten de verkiezingen ingingen. Ook in Denemarken en Noorwegen was bij de verkiezingen veel aandacht voor huisvesting en zorg.
Of er in Zweden ook een linkse coalitie komt is de vraag. De leider van de Sociaal-democraten, Magdalena Andersson, moet eerst kijken welke meerderheid ze kan vormen. Een tuttifrutticoalitie zoals in Noorwegen lijkt in Zweden ingewikkeld. Zo wil de Centrumpartij dat de Linkse Partij alleen een gedoogrol krijgt, terwijl de Linkse Partij juist regeringsdeelname opeist. Als Andersson geen regering kan vormen, krijgt de huidige premier Ulf Kristersson van de conservatieve Gematigden de kans om net als vier jaar geleden een regering te vormen.
De Centrumpartij speelt een erg belangrijke rol in de formatie, legt historicus Kjell Östberg uit: „Die partij is op economisch vlak een van de meest uitgesproken neoliberale partijen, maar op andere vlakken – zoals migratie en andere maatschappelijke kwesties – staan ze meer aan de linkerkant. Er is dus een basis voor een centrum-linkse alliantie, maar de prijs die de Sociaal-democraten moeten betalen om de Centrumpartij voor zich te winnen, is dat ze hun plannen flink moeten aanpassen aan een neoliberaal programma. Dat betekent dat ze het terugbrengen van privatisering van onderwijs en zorg moeten laten vallen of afzwakken.” Linkse partijen als de Groene Partij en de Linkse Partij gaan daar niet mee akkoord.
De anti-immigratiepartij Zweden Democraten is ook voorbij gestreefd door de Gematigden van huidig premier Kristersson, omdat ze uiteindelijk te hardvochtig werden bevonden op migratiepolitiek – de Sociaal-democraten zijn eveneens voor een streng grensbeleid en zullen naar verwachting alleen de strenge randjes van het huidige migratiebeleid afhalen. De Zweden Democraten bepleitten het inperken van de rechten van vluchtelingen en migranten door moskeeën te sluiten en er waren ‘tienerdeportaties’ waarbij jongeren werden uitgezet, omdat hun ouders nog geen permanente verblijfsvergunning hadden, ook al waren ze opgegroeid in Zweden. Dat viel slecht bij veel Zweden.
„De Zweden Democraten hebben geprobeerd zichzelf te transformeren tot een meer radicaal-rechtse partij, waarbij ze meedoen aan het democratische spel en zich voldoende representatief opstellen om kiezers aan te trekken. Ik denk wel dat het plafond voor Zweden Democraten aan stemmen zo langzamerhand is bereikt, voorlopig dan”, zegt Jens Rydgren, auteur van meerdere boeken over de opkomst van radicaal- en extreemrechts.
Ook op buitenlands beleid vielen ze uit de toon. De partij staat nu weliswaar achter Oekraïne, maar wist vier jaar geleden nog niet of ze een voorkeur had voor de Russische president Poetin of de Amerikaanse president Biden. Met de toenemende geopolitieke spanningen en een Zweeds NAVO-lidmaatschap, koos de kiezer ook voor een stabieler buitenlandbeleid.
Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie