Functioneringsgesprekken zijn de hel. In de documentaire De Manager, die nu in de bioscoop draait, kan iedereen dat zien. Japke-d. Bouma kreeg er buikpijn van. „We gaan stoppen met dit toneelstuk.”
Best gek, maar deze maand was ik bij drie uitverkochte filmavondjes. Of nou ja, dát is op zich niet zo gek. Maar wel als dat gebeurt met een film over functioneringsgesprekken. Op kantoor.
Al die mensen die ook naar Matt Damon hadden kunnen gaan. Of op de bank hadden kunnen blijven zitten met hun katten. Maar nee. Ze gingen naar een film over het érgste op je werk. Ik gaf er een lezing bij. Ook dat nog.
En toch snapte ik het wel. Want het is een geweldige film. Het is ‘De manager – hoe vind je zelf dat het gaat?’ van Maartje Bakers. Iedereen die ooit werk had, werk zoekt, of werk heeft, zou hem moeten zien. Nergens zie je zo genadeloos in beeld hoe ongemakkelijk het is om baas te zijn, én om er eentje te hebben.
En dan is er nog het naakte, rauwe kantoorleven dat vol in de bek wordt gekeken. De flexplek, de doos met tissues, het fietsbureau, de treurige stiltecellen die eruitzien als doodskisten – alsof je naar je éígen leven zit te kijken. Naar je éígen functioneringsgesprek.
Pijnlijk.
Even voor de duidelijkheid: alles in deze film is echt. Bakers kreeg van iedereen toestemming om dit uit te zenden. We zien overigens alleen de managers in beeld, maar horen wel de twee kanten van alle gesprekken. Het is ongelooflijk hoe ze dat voor elkaar kreeg.
Want we zitten overal bij. Het zenuwachtige gelach om grapjes die niet leuk zijn. De pijnlijke stiltes. Het afschuifgedrag als er een ‘target’ niet gehaald is. Een man die ‘al heel lang geen enkele ontwikkelwens’ meer heeft. Iemand die wordt ontslagen. Iemand met PTSS. De vraag: „Ken je dit van vroeger?’ Ik had na afloop buikpijn.
Wat me het meest opviel aan de gesprekken: het is een toneelstuk. Managers tonen empathie, maar we zien ook in de film hoe ze daarop getraind worden. Het is voor velen een script dat ze volgen. Nep.
Empathie en psychologie worden bovendien vooral gebruikt om werknemers beter te laten presteren. „Een gelukkige werknemer presteert 37 procent hoger”, kweelt een trainer in de film. „Dat is huge!” Ja, en echt onzin. Er bestaat geen enkel betrouwbaar onderzoek met dergelijke conclusies. Er is zelfs onderzoek waaruit blijkt dat ongelukkige mensen béter verkopen. Maar het is bovenal pervers: zorg dat mensen gelukkig zijn, want dan kan je ze nóg meer uitzuigen.
In de film vraagt een manager: ‘Hoe is het met zoonlief? Je had een paniekaanval, laatst.’ Maar vervolgens zegt hij ook dat deze werknemer z’n mails te langzaam afhandelt. En dat binnenkort wordt besloten of zijn contract wordt verlengd.
De film toont daarmee feilloos het failliet van het empathische, ‘nieuwe’ leiderschap dat momenteel in de mode is. Want wat is empathie waard als er vervolgens genadeloos moet worden afgerekend? Wat is empathisch, ‘mensgericht leiderschap’ (jeuk) überhaupt waard, als het is aangeleerd? Na afloop dacht ik: waarom doen we dit nog? Er zijn alleen maar verliezers.
De ondergeschikte die de schijn moet ophouden dat hij alles onder controle heeft, de manager die in een spagaat zit met z’n gevoel in een afrekencultuur. De manager die overigens ook zélf weer een manager heeft, aan wie hij verantwoording moet afleggen – iedereen zit vast in dit systeem.
Ik miste nog wel iets. Een gesprek dat positief was. Een gesprek met: ‘we zijn hartstikke blij met jou en hopen dat je nog lang blijft’. Het zou dus kunnen dat deze film de uitzonderingen laat zien, en dat er ergens een wereld is waarin prettige functioneringsgesprekken wél bestaan.
Maar als ik op grond van déze film iets zou moeten concluderen, zou ik zeggen: we stoppen met deze gesprekken. Helemaal klaar mee. We laten managers alleen nog maar beslissen over prestaties en werk, en laten de empathie over aan de psycholoog, de bedrijfsarts en de ‘inzetbaarheidscoach’.
En oh ja, we gaan stoppen met die vreselijke trainingen en ‘leiderschapstrajecten’. „Zijn de trainers in de film ook echt?’, mailde iemand na afloop. Ja, die zijn ook echt. Sjezis, wat een geleuter komt daaruit. Ik kon het zelf ook amper geloven.
„Mensgericht leiderschap met de knop op geven.” „De lastige balans tussen steunen en sturen”, „de givability”, „de veilige cirkel”, ‘het durven loslaten en durven begrenzen’, ‘een stukje spelen en dingetjes doorbreken’. Alsof dát iets gaat oplossen.
En nee, ook niet naar aanleiding van deze film je trainingsbureau gaan zitten aanprijzen op LinkedIn, zoals ik zie gebeuren. Niet, gewoon niet. Echt wegwezen met je bord voor je kop. Allemaal. Die laag kan er alvast uit.
Nee, het is tijd om hiermee te stoppen. Reken ook maar eens uit wat het ons zou besparen als we al die uren gaan inzetten voor nuttiger zaken, zoals het onderhoud van bruggen (!), kinderen leren lezen of afval op straat opruimen. En we worden er nog gelukkiger van ook.
Filmmaakster Maartje Bakers stelt voor dat we allemaal in opstand komen. En gaan staken en protesteren. Prima idee. Want de enige ándere oplossing die ik zie, is eigen baas worden zonder personeel, of de staatsloterij winnen. Of allebei.
Dat zijn best weinig opties.
Heb je een vraag van de week, taboe, of ‘kwestie’ voor deze rubriek? Mail dan naar japkeddenktmee@nrc.nl
Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie