Home

Syrië is steeds meer de arena voor de regionale rivalen Israël en Turkije  

Midden-Oosten Tegengestelde belangen in Syrië en onenigheid over Gaza brengen Israël en Turkije steeds meer met elkaar in botsing. Zowel Benjamin Netanyahu als Recep Tayyip Erdogan voert de vijandige retoriek op.

„Laat hen niet winnen”, aldus deze verkiezingsposter van de Israëlische Likud-partij in Tel Aviv. Met ‘hen’ wordt bedoeld: de Iraanse leider Khamenei (links) en de Hezbollah-leider Naim Qassem (rechts), maar ook burgemeester Mamdani van New York en de Turkse president Erdogan.

Het was een van de laatste foto’s van Netanyahu en Erdogan samen: in september 2023, bij de VN-vergadering in New York. De twee leiders zitten ogenschijnlijk ontspannen tegenover elkaar, op een moment dat Israël en Turkije na jaren van spanningen de banden weer proberen aan te halen.

Drie jaar later is de sfeer verre van gemoedelijk. In de aanloop naar de Israëlische parlementsverkiezingen van eind oktober wordt de Turkse president door de Israëlische premier ronduit neergezet als vijand. Op een verkiezingsposter van Netanyahu’s Likud-partij staat Erdogan afgebeeld samen met Hezbollah-leider Naim Qassem, de Iraanse ayatollah Mojtaba Khamenei en burgemeester Zohran Mamdani van New York. „Zij willen dat Netanyahu verliest. Laat hen niet winnen”, luidt de begeleidende tekst.

Mamdani staat in het rijtje omdat hij de Amerikaanse regering opriep om het arrestatiebevel van het Internationaal Strafhof tegen Netanyahu uit te voeren. Erdogan omdat Turkije als een nieuwe regionale vijand wordt gezien, nu Iran door de Israëlisch-Amerikaanse aanvallen is verzwakt. De Israëlische oud-premier Naftali Benett noemde Turkije in februari „het nieuwe Iran”, omdat het – samen met Qatar – zijn regionale invloed zou willen uitbreiden.

Dat Turkije steeds vaker als vijand wordt gepresenteerd in Israël, vormt een duidelijke breuk met het verleden. Jarenlang kwamen de diplomatieke en handelsrelaties alleen bij vlagen onder druk te staan door Turkse kritiek op Israëls behandeling van de Palestijnen. Dat veranderde door de Hamas-aanval van 7 oktober 2023 en de genocide in Gaza. Erdogan steunt Hamas. Verschillende leden van de militante Palestijnse beweging verbleven in Turkije. Erdogan noemde Israël sindsdien een „zionistische terroristische organisatie”, de Israëlische regering een „moorddadig netwerk” en vergeleek Netanyahu meermaals met Hitler.

Kort na het begin van Israëls aanvallen op Gaza, haalden zowel Turkije als Israël zijn ambassadeurs terug. In mei 2024 legde Turkije de handel met Israël aan banden. Hoewel volgens de Turkse autoriteiten de import en export sindsdien is gestaakt, is er nog steeds sprake van indirecte handel via derde landen.

 

Tegengestelde belangen in Syrië

In toenemende mate verplaatst de rivaliteit tussen de twee landen zich naar de Syrische arena. Ahmed al-Sharaa, de leider van Syrië sinds de val van dictator Bashar al-Assad eind 2024, kan rekenen op Turkse militaire en diplomatieke steun. Ankara wil dat zijn zuidelijke buurland gecentraliseerd, stabiel en militair capabel is, terwijl Israël een Syrië wil dat zwak en gefragmenteerd is en geen serieuze militaire macht bezit.

Voor Turkije zijn de ontwikkelingen in Syrië bovendien nauw verbonden met de positie van de Koerden in eigen land en de militante Koerdische PKK. Het ziet de Koerdische YPG, die de kern vormde van de Syrian Democratic Forces (SDF), als een terroristische dreiging en verlengstuk van de PKK. Dat de SDF onlangs aankondigden volledig op te gaan in de Syrische overheid en het leger, is een opsteker voor Ankara. Zelf onderhandelt de Turkse regering sinds 2024 opnieuw over vrede met de PKK, waarmee er een einde moet komen aan een veertig jaar durend conflict. 

Daarnaast hoopt Turkije ook de handel met buurland Syrië uit te breiden, om zo de eigen economie te versterken. Ook streeft de Turkse regering ernaar dat een deel van de nog altijd 2,3 miljoen Syrische vluchtelingen in Turkije terugkeert naar het land van herkomst.

Israël ziet de nieuwe Syrische regering van Al-Sharaa juist als een bedreiging. Sinds de val van Assad heeft Israël zichzelf tot beschermheer van de Syrische druzen uitgeroepen, en hen gebruikt als rechtvaardiging voor militaire interventie.

De Syrische luchtmachtbasis Abu al-Duhur in de provincie Idlib nabij de Turkse grens, een dag na de meest recente Israëlische aanval.

In december 2024 breidde Israël – onder het mom van zijn veiligheid – de bezetting van de Syrische Hoogvlakte van Golan verder uit, door een bufferzone tussen de twee landen in te nemen die wordt gemonitord door VN-Vredesmacht UNDOF. Met honderden luchtaanvallen en grondoperaties in Syrië, waarbij ook burgers zijn gedood, schakelde het bovendien een groot deel van het militaire apparaat uit. 

Spanningen verder opgelopen na aanval

Door de meest recente Israëlische aanval, op 18 augustus, liepen de spanningen met Turkije verder op. Het doelwit was de Syrische luchtmachtbasis Abu al-Duhur in de provincie Idlib, op zeventig kilometer van de Turkse grens. Volgens Netanyahu was de aanval bedoeld als waarschuwing aan Ankara. Israël wil voorkomen dat Turkije er een militaire aanwezigheid opbouwt – de Turken en Syriërs ontkennen dat daar sprake van is.

Ongetwijfeld speelden de Israëlische verkiezingen van eind oktober ook een rol: Netanyahu gedijt bij oorlog en (al dan niet vermeende) bedreigingen van de nationale veiligheid. „Netanyahu sleept Israël mee in een nieuw zinloos conflict”, stelde de Israëlische krant Haaretz in een commentaar.

De Amerikaanse ambassadeur in Turkije Tom Barrack, tevens speciaal gezant voor Syrië en Irak, sprak van een onnodige escalatie van Israël die verkeerd had kunnen uitpakken als Turkije had gereageerd.

Volgens Barrack was er geen sprake van Turkse militaire activiteit op de luchtmachtbasis. In een interview met de Libanees-Australische ondernemer Mario Nawfal zei hij dat Israël mogelijk hoopte Turkije een conflict in te trekken in de aanloop naar de binnenlandse verkiezingen.

Dat was ook de lezing van de Turkse regering, die Netanyahu er in een persverklaring van beschuldigde Turkije bewust als dreiging neer te zetten vanwege de aanstaande verkiezingen.

Onderhandelingen Syrië en Israël

Enkele dagen na de Israëlische aanval op de Syrische luchtmachtbasis kwamen het hoofd van de Mossad, Israëls buitenlandse veiligheidsdienst, en de Syrische minister van Buitenlandse Zaken samen in Jordanië om te praten over de-escalatie en een mogelijk Syrisch-Israëlisch veiligheidsakkoord. Besprekingen daarover werden eerder gestaakt na het begin van de Israëlisch-Amerikaanse oorlog tegen Iran, eind februari.

Syrië blijft in deze gesprekken zijn soevereiniteit benadrukken en dringt aan op Israëlische terugtrekking uit de recent bezette bufferzone en de sinds 1967 bezette – en sinds 1981 geannexeerde – Syrische Hoogvlakte van Golan. Israël wil Turkse militaire activiteit in Syrië voorkomen, net als de aankoop van strategische wapensystemen door Syrië, en blijft hameren op de „veiligheid” van de druzen. 

Syrië dringt aan op Israëlische terugtrekking uit de sinds 1967 bezette – en sinds 1981 geannexeerde – Syrische Hoogvlakte van Golan.

Zoektocht naar bondgenoten 

Behalve in Syrië komt de rivaliteit ook tot uiting in de zoektocht naar bondgenoten in de regio. De afgelopen jaren hoopte Israël op een uitbreiding van de in 2020 gesloten Abraham-akkoorden tussen Israël en de Verenigde Arabische Emiraten, Bahrein, Marokko en Soedan.

Vlak voor 7 oktober 2023 leek een uitbreiding daarvan middels een door de VS bemiddeld akkoord met Saoedi-Arabië nog aanstaande. Sinds Israëls aanvallen op Gaza lijkt daar voorlopig geen sprake van. Tot woede van Netanyahu sloot Saoedi-Arabië in augustus bovendien een nieuw defensieakkoord, het Mekka-pact, met Turkije en Pakistan.

De spanningen tussen Israël en Turkije komen óók tot uiting in de Middellandse Zee. De maritieme samenwerking van Israël met Griekenland en Cyprus, is een doorn in het oog van Turkije. Recent tekenden Israël en Griekenland een defensieovereenkomst ter waarde van 3,1 miljard euro voor een geavanceerd raket- en luchtafweersysteem. 

Turkije en Griekenland hebben al jaren onenigheid over gasboringen en de verdeling van maritieme zones in het oostelijke Middellandse Zeegebied. Daarnaast bezet Turkije sinds 1974 het noorden van Cyprus, waardoor het op gespannen voet staat met de Cypriotische regering in Nicosia.

Directe confrontatie voorkomen

Volgens een nieuw onderzoek van onderzoeksinstituut IstanPol denkt 42 procent van de Turkse bevolking dat een militaire confrontatie tussen Turkije en Israël mogelijk is. Vooralsnog stelt Ankara zich echter bewust terughoudend op, omdat het verdere escalatie in de regio wil voorkomen. Turkije heeft aan de zuid- en oostgrenzen al jaren te maken met instabiliteit vanwege de langdurige oorlogen in Syrië en Irak. De huidige spanningen in Iran zetten de regionale veiligheid verder onder druk.

Ook een deel van Israëls veiligheidsapparaat zit daar niet op te wachten. Na de aanval op de Syrische luchtmachtbasis zeiden anonieme veiligheidsbronnen tegen nieuwszenders Kanaal12 en Kan dat zij een directe confrontatie met Turkije wilden voorkomen.

Israël zal in zijn campagne tegen Turkije bovenal rekening moeten houden met zijn Amerikaanse bondgenoot. Zeker na het gebrek aan successen in de Amerikaans-Israëlische oorlog tegen Iran, is Amerikaanse steun voor een directe confrontatie met NAVO-lid Turkije onwaarschijnlijk.

Midden-Oosten

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next