Home

Al 80 jaar elke zomer Shakespeare in het bos van Diever en het publiek krijgt er maar geen genoeg van

Zomervoorstelling Het Shakespearetheater Diever bestaat 80 jaar. Het duizendkoppige publiek laat zich met plezier het bos in sturen, tijdelijk het Woud van Arden geheten. Veel bezoekers komen elk jaar terug, net als de acteurs en vrijwilligers. Wat is het geheim van dit openluchttheater?

Scène uit de voorstelling ‘As You Like It’ in het Woud van Arden, ofwel het bos bij Diever nabij het Drents-Friese Wold.

Het is druk in het bos bij Diever. Nu eens niet in het normaal zo populaire Drents-Friese Wold, maar in dat ándere bos, gebouwd uit houten balken en verlicht door groene schijnwerpers. Het Woud van Arden: decor van Shakespeare-komedie As You Like It.

Kijk, daar loopt Orlando, jongste zoon van wijlen Sir Rowland de Bois. Z’n broer Olivier heeft het op hem gemunt, net als hertog Frederick in hoogsteigen persoon. Zelf doet Orlando geen vlieg kwaad, maar buiten het bos is hij zijn leven niet zeker. En daar, onder die eik, loopt Ganymedes met zijn zus. Of, pssst, éígenlijk zijn het Rosalinde en haar nichtje Celia, maar die eerste is verbannen omdat ze de dochter is van de door Frederick afgezette ex-hertog en verkleedt zich nu voor de veiligheid als jongeman.

En het duizendkoppige publiek? Dat laat zich met plezier het bos in sturen. Zelfs de regen, halverwege de voorstelling, kan niemand deren: los van ponchogeritsel klinkt vooral luid gelach. De acteurs én de toeschouwers hebben het naar hun zin, net als bij vroegere Shakespeare-voorstellingen vindt er volop interactie plaats. Als Adam, de bediende van Orlando, dreigt te sterven van uitputting worden er vanuit het publiek gretig dekens en kussentjes toegeworpen. Klaagt Rosalinde over honger? Prompt krijgt ze een bus Pringles aangereikt. De meeste aanwezigen komen jaar in, jaar uit naar de zomervoorstelling – ze kennen het klappen van de zweep.

Vrijwel op de dag af tachtig jaar geleden vond exact op deze plek de allereerste voorstelling plaats, vertelt Peter Sloot, bestuursvoorzitter van het Shakespearetheater, in de pauze. „Op 31 augustus 1946 – destijds nog Koninginnedag, de verjaardag van toenmalig koningin Wilhelmina.” Sindsdien is het vaste prik: elk jaar Shakespeare. Aanvankelijk alleen in de zomer, tegenwoordig jaarrond. Tien jaar geleden herrees naast het openluchtpodium het Globetheater: een replica van het houten, bolvormige theater in Londen waar vanaf eind 16de eeuw de stukken van Sir William werden opgevoerd. „Daar voeren we nu, naast andere stukken zoals Romeo en Julia en een Shakespeare-jeugdvoorstelling, al tien jaar elke winter Midzomernachtdroom op”, aldus zeventiger Sloot, die zelf een elfje speelt in het stuk. „We beginnen op Soldaat van Oranje te lijken.”

Maar het zomerstuk trekt steevast het meeste publiek: van de ruim dertig voorstellingen is het merendeel vaak al vóór de try-out volgeboekt. Het was de nieuwe, theaterminnende dorpshuisarts Dirk Broekema die in 1946 de allereerste voorstelling regisseerde. Op de website van het Shakespearetheater staat dat hij Diever „meer gunde dan alleen een brink en een schaapskooi”, maar zijn komst had een zware aanloop. Broekema’s voorganger, Sebastiaan van Nooten, was begin 1945 gedeporteerd naar concentratiekamp Neuengamme nadat hij gewonde piloten had verzorgd in het ‘onderduikershol’ net buiten Diever, in het Drents-Friese Wold. Van Nooten keerde nooit terug: kort na de bevrijding overleed hij, ernstig verzwakt.

Diever kon wel wat creatieve afleiding gebruiken, besloot Broekema, en richtte eind mei 1946 de Shakespearevereniging op. Er was zoveel animo dat algauw werd besloten om in de openlucht te spelen, op zo’n drie kwartier lopen van het voormalige onderduikershol. En zo kwam de eerste voorstelling tot stand: Midzomernachtdroom. In een zandkuil waren wat struiken gekapt om plaats te maken voor een simpel podium; op de hellingen eromheen stonden banken van de firma Nijzingh & Zonen.

Toneelvoorstelling ‘Hamlet’ in het bos bij Diever, 1950. Met Jantina Figeland (Ophelia) en Theo Rutgers (Hamlet) en Anne Nijzingh (tamboer).

Een van die zonen was Anne Nijzingh, acteur van het eerste uur. Hij overleed eerder dit jaar op 93-jarige leeftijd, maar gaf eind 2025 nog een interview aan het Dagblad van het Noorden, waarin hij herinneringen ophaalde aan die allereerste voorstelling, in 1946. Nét 14 geworden mocht Nijzingh destijds in Midzomernachtdroom een vuurvliegje spelen, „helemaal in het zwart, met een fietslampje op het hoofd”. In het originele Shakespeare-stuk speelden de vuurvliegjes geen rol; Broekema had ze er speciaal ingeschreven om op een elegante manier decorstukken het podium op en af te sjouwen. De zwarte schoenen en de zwarte maillot die Nijzingh droeg waren van de plaatselijke gymnastiekvereniging; de door zijn moeder gebreide capuchon droeg hij normaliter bij het schaatsen. Nu zaten er draden onder verstopt, die van het met zilverpapier omwikkelde fietslampje naar batterijen in zijn achterzak liepen.

Regie vanuit de boomhut

De koplamp van Broekema’s motor diende in die jaren als spotlicht; vanuit een boomhut voerde hij de regie. En op diezelfde motorfiets reed hij ’s nachts door het dorp om bij de acteurs handgeschreven commentaar in de bus te doen – niet altijd met een even lovende inhoud. Maar zijn betrokkenheid had ook positieve kanten: hij schminkte de acteurs zelf, draaide grammofoonplaten en ontwierp soms ook kostuums. Met verbandgaas uit zijn huisartsenpraktijk maakte hij engelenvleugels voor Midzomernachtdroom.

„Er gaan zelfs geruchten dat hij acteurs ronselde tijdens spreekuur”, vertelde acteur Anne Peter van Muijen eerder deze avond, terwijl hij door grimeuse Wilma de Recht in de boosaardige Olivier werd getransformeerd. „Als er iemand met licht depressieve klachten binnenkwam, dan zei Broekema: weet je wat jij moet doen… Theater op recept.” Kleedkamers met hypermoderne make-upspiegels waren er in de beginjaren niet. Alle acteurs fietsten in hun kostuums naar de voorstellingen.

Voorstelling ‘De storm’, 1964, met v.l.n.r. H. Seggers als Francisco, H. Santing als Adriaan, Abe Brouwer als Prospero, Ans van Staveren als Ariel, Pina Nijzingh-Broekman als Miranda, J. Kruidenier als Ferdinand, Dick van Laar als Alonzo, Bart Andreae als Gonzalo en Anne Nijzingh als bootsman.

Zelf speelt Van Muijen al sinds eind jaren tachtig mee – „en al voor die tijd namen mijn ouders, bij gebrek aan een oppas, mijn broertje en mij mee als ze zelf moesten optreden”. In zijn vroege jaren speelde hij vaak de jonge minnaar, nu wordt hij steeds vaker gecast als de schurk. „Ook leuk, om te proberen het publiek dan tóch voor je te winnen.” Als leraar Nederlands is hij deze week eigenlijk op brugklaskamp bij Schoonloo. Voor elke voorstelling komt hij op en neer. Lachend, tegen Wilma: „Doe maar wat extra schmink, dan zie je mijn wallen van de slapeloze nachten niet.”

In het 80-jarig bestaan heeft het Shakespearetheater slechts drie regisseurs gekend. Broekema bleef aan tot zijn plotselinge overlijden in 1979; hij werd opgevolgd door zijn assistent Wil ter Horst-Rep. Zij overleed eerder dit jaar; Van Muijen schreef in de William – de gratis glossy die aan elke bezoeker wordt uitgedeeld – een in memoriam: „Wil was een feminist (…) en dat was in haar uitvoeringen terug te zien. Zo eindigde haar Getemde Feeks in 1998 niet met de zoen van Petruchio en Katharina, maar sloeg Katharina hem na die zoen met de vlakke hand in het gezicht en begon het kat-en-muisspel tussen die twee weer helemaal van voren af aan.”

Sinds 2000 voert Jack Nieborg de regie. Onder zijn leiding is er veel ruimte voor interactie met het publiek, maar naast die improvisaties zijn de acteurs tekstvast. In januari worden de rollen verdeeld en begint het lezen van het script; vanaf maart wordt er gerepeteerd met tekst. Richting zomer gaat het om wel vier repetitieavonden per week, vertelt voorzitter Sloot met – traditiegetrouw – een warme worst van de scouting in zijn hand. „De scouting bestaat óók tachtig jaar, het ontstaan ging hand in hand met het theater”, vertelt bestuurssecretaris Henk Postma. Hij is vanavond coördinator van dienst en controleert of alle microfoontjes goed zitten.

Zelf woont Postma sinds 2019 in Diever. „Daarvoor woonden we in Ureterp, een half uur met de auto hiervandaan, maar mijn partner speelde al een aantal jaar mee en zag het niet zo zitten om avond in, avond uit over die donkere boswegen te rijden.” Toch is het niet zo dat alle acteurs in het dorp wonen. „Ze komen tegenwoordig uit de wijde omgeving.”

Het groepsgevoel zit hem dan ook niet zozeer in het ons-kent-ons-sentiment, maar meer in het feit dat alle aanwezigen iets doen dat ze leuk vinden, vult Van Muijen aan. „De parkeerwachters, de T-shirtverkopers … Allemaal staan ze op de plek waar ze zelf graag wíllen staan, niet omdat ze heimelijk een plek op het podium ambiëren. Het zijn die ruim 220 vrijwilligers die de voorstelling elk jaar weer tot een doorslaand succes maken.”

De elementen hebben weinig vat

En ja, heel af en toe loopt er iets anders dan gepland – vorige week nog sloeg in de nacht voor de voorstelling de bliksem in. „Toen hebben we met werklampen gespeeld. Dat ging prima.” Ook op de acteurs hebben de elementen weinig vat: als Orlando door een windvlaag een eikel op zijn hoofd krijgt (luttele minuten nadat Rosalinde heeft uitgeroepen „Je hoeft niet in de boom te hangen om een eikel te zijn”), speelt hij rolvast door.

Shakespeare’s ‘As You Like It’ in de bossen van Diever (zomer 2026).

Slechts sporadisch is er in de tachtig jaar een uitstapje gemaakt naar een stuk van een andere schrijver. In 1949 stond Peer Gynt op het programma. Maar met alle rekwisieten en wisselingen was het werk van Ibsen te arbeidsintensief voor Broekema in z’n eentje, en taken uit handen geven wilde hij niet. Recenter zijn er wel variaties op het thema ontstaan – vijf jaar geleden voerden Pierre Bokma en Gijs Scholten van Asschat hun interactieve voorstelling Shakespeare by heart op in het Globetheater en eerder dit jaar was er de speciale jubileumvoorstelling De Sterke Wil. Wel shakespeariaans, maar geschreven door Jan Veldman. Van Muijen: „Toen is zelfs de koning komen kijken.”

Intussen wordt het steeds gezelliger in het Woud van Arden (feitje uit de William: in het decor zitten exact 24.400 schroeven verwerkt en 2.533 meter balkhout). Even lijkt de rust te worden verstoord door een hangjongere op een lawaaibrommer, maar dat blijkt de pizzakoerier te zijn die óók een rolletje heeft in het stuk. En als er dan op het eind óók nog twee toeschouwers uit het publiek op het podium mogen trouwen, omringd door acteurs maar officieel in de echt verbonden door een buitengewoon ambtenaar, is het feest compleet. Gejuich, geklap, gefluit.„Volgend jaar weer”, klinkt het op de houten banken. Gaan of niet gaan is de vraag niet, hier in het Shakespearetheater. Wie eenmaal een voorstelling heeft gezien, komt onherroepelijk terug.

As You Like It. Gezien: woensdag 2 september. Nog te zien t/m 12 september. Vrijwel alle voorstellingen zijn uitverkocht, zie shakespearetheaterdiever.nl voor de laatste kaarten (of bel op de ochtend van de gewenste voorstelling direct om 10.00 uur met de infolijn, 0521-594999). 

Theater

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next