Het kost Marco van Basten steeds meer moeite om te genieten van voetbal. De voormalige topspits ergert zich met name aan de groeiende ongelijkheid, het gebrek aan hardheid en wat hij de ‘vertrutting’ van Nederland noemt.
is voetbalverslaggever van de Volkskrant.
Vraag hem wat hij nog weet van Ajax – PSV (3-0) van veertig jaar geleden, in het Olympisch Stadion, en hij beschrijft een van zijn twee doelpunten. Marco van Basten (61): ‘Ik dribbelde Ernie Brandts voorbij en schoot de bal laag in de verre hoek.’ Even later: ‘O nee, het was Addick Koot.’
Het waren ook toen mooie wedstrijden tussen Ajax en PSV, met zaterdag de editie van dit seizoen. ‘In het begin van mijn loopbaan speelde ik tegen Ernie Brandts en Huub Stevens. Dat waren niet zulke geweldige spelers, maar die twee wisten precies wat ze aan elkaar hadden. Ze waren samen goed. Dat zie je momenteel te weinig. Je hoeft niet allemaal fenomenale spelers te hebben, maar je moet samen weten hoe je elkaar kunt helpen en uit moeilijke situaties kunt geraken.’
Ajax won destijds, in 1987, het laatste seizoen met Van Basten voor zijn vertrek naar AC Milan, de toenmalige Europese beker voor bekerwinnaars. PSV greep een jaar later de Europa Cup I, voor landskampioenen. Het Nederlandse clubvoetbal floreerde. Die tijd is voorbij, mede door financiële ongelijkheid.
Het is een van de oorzaken voor de onvrede van Van Basten over het huidige voetbal. Hij is er soms klaar mee. Hij zegde bovendien zijn dienstverband als analist bij Ziggo Sport op (‘Ik viel in herhaling’), al stopte hij vooral omdat zijn vrouw Liesbeth ziek is. Ze is aan de beterende hand en hij is dienstbaar, zoals zij dat jarenlang was in zijn loopbaan. ‘Dat is ook houden van.’
Van Basten is vriendelijk en goedlachs op de persdag van Basta, de verfilming van zijn leven, nu te zien op Videoland. Hij vraagt of iemand iets onder een tafelpoot wil leggen. De tafel wiebelt. ‘Het Nederlands voetbal had vroeger een beter niveau. Deels is dat te verklaren: het kan qua geld niet meer concurreren met landen als Engeland, Spanje en Duitsland. Engeland verwijdert zich steeds verder van de rest. Voetballen gaat om competities met zo veel mogelijk gelijkheid. Maar het wordt steeds ongelijker, en met Nederland zitten we sowieso in een slechte periode.’
Van Basten, algemeen beschouwd als de op Johan Cruijff na beste speler aller tijden uit Nederland, stopte noodgedwongen op 28-jarige leeftijd, door een chronische enkelblessure. Destijds had hij al drie keer de Gouden Bal gewonnen. Hij schaart zichzelf in de kaste onder Messi en co. ‘Messi is buitencategorie. Ik was een heel goede speler, maar niet van zijn niveau. Messi is de beste. Aller tijden? Nee. Hij mag Maradona de hand schudden. Pelé was geweldig. Johan Cruijff was bizar goed. Dat is de bovenkant van de supersterren. Ik zit een treetje lager.’
Jarenlang ging hij gebukt onder het vroegtijdige einde van zijn loopbaan, tot het moment waarop hij op een leeftijd kwam dat hij geen prof meer kon zijn. ‘Tot mijn 40ste, 45ste had ik het idee: als ze me nu bellen en ik heb een fitte enkel, kan ik het alsnog.’
In de verfilming van zijn leven is ook de verhaallijn met de Belgische chirurg Marc Martens opgenomen, die cruciale fouten maakte bij de behandeling. Van Basten kan het nu loslaten. ‘Dat verander je toch niet meer. Maar het is gek dat dat soort mensen zich toentertijd zo presenteerde. Zo van: dat doen we wel even. Als speler wil je veel te graag. Ik had veel eerder moeten zeggen dat het onzin was. Maar het was zo mooi waarmee ik bezig was. Ik wilde terug, en dan ben je bijna tot alles in staat. Ik zette mezelf onder druk. Het lag bij mij.’
Ook trainer Johan Cruijff wilde dat hij speelde, vooral in de Europa Cup, omdat bleek dat PSV in de competitie te sterk was. ‘De dokter zei dat het niet stuk kon, dat het niet slechter kon. Dat was allemaal niet verstandig.’ Van Basten beleefde een dramatisch einde van zijn loopbaan, vertoefde jarenlang in de anonimiteit, ontdekte dat er geen grootse trainer in hem schuilde en werkte een tijdje bij de Fifa, met als plan sommige spelregels te veranderen.
Hij liep ‘tegen gesloten deuren aan’. Je kunt nochtans stellen dat hij jaren later deels zijn zin kreeg, bijvoorbeeld op het laatste WK, met maatregelen tegen spelbederf. ‘Er is nog steeds te veel oponthoud. Bij een doelpunt rent de hele bank het veld op, tot aan masseurs, hulptrainers en keeperstrainer aan toe. Het duurt twee minuten tot de hervatting.’
Van Basten stak gewoon zijn armen omhoog na het beschreven doelpunt tegen PSV. Bij de tweede goal trok hij een iets uitbundiger sprintje. ‘Tegenwoordig is een doelpunt een moment om tijd te rekken.’ Het is een van de oorzaken dat hij afhaakt. Gestopt als trainer, gestopt bij de Fifa, waar hij onder de omstreden voorzitter Gianni Infantino viel. ‘Ik heb veel met hem gewerkt en kan me niet herinneren dat hij vals was, of gemeen. Hij was een enthousiaste, vrolijke, slimme, eerlijke vent. Maar hij is in de tussentijd toch veranderd, ook omdat hij de baas is van zo’n grote instantie. Dan moet je van je afbijten.’
Bevriend raken met president Trump en meer van dat soort ontwikkelingen ‘maakt het leven gecompliceerder. Het is heel raar. Ik gaf in die begintijd ergens een interview over buitenspel. Dat we eens moesten kijken of dat anders kon. Infantino werd gelijk gebeld door allerlei journalisten, vanwege ophef. Hij moest zieltjes winnen, ik kon niet meer praten over dingen waarvoor ik was gekomen. Dat merkte ik gelijk. Dat hele gedoe bij de Fifa is ook een groot toneelspel.’
Dan liever het spel van echte acteurs, zoals in Basta, de serie over zijn leven, met Chris Peters als Van Basten. ‘We maakten eerst het boek, en dat is nu verfilmd. Dat is een eer, en ik hoop dat de mensen het leuk vinden. Een boek kun je terzijde leggen, maar een film moet boeiend blijven. Dus hebben ze hier en daar de mogelijkheid gehad om het boeiend te maken. Dat is prima gedaan.’
Hij kijkt tegenwoordig met meer plezier naar een serie dan naar voetbal op tv. ‘Ajax was lange tijd niet om aan te zien. Ik was er een beetje klaar mee. Ik wil vrolijk worden van voetbal, niet verdrietig. Als je ziet wat er de afgelopen jaren bij Ajax is gebeurd, is het niet gek om niet te kijken. Het klinkt makkelijk, maar ik ben een succestoeschouwer. Als het goed gaat, of het nou met Ajax, Feyenoord of PSV is, kijk ik graag. Anders ga ik liever iets anders doen.
‘Dat technisch directeur Jordi Cruijff nu allemaal buitenlanders koopt en huurt, is niet ‘des Ajax’. En als ik de kwaliteit van sommige aankopen uit de laatste jaren zie, denk ik: wat heeft dat voor zin? Ik zou willen dat Ajax meer terugviel op goed opgeleide, eigen jeugd. Wat ze de laatste jaren hebben gekocht is gemiddeld gesproken slecht. Als er dan één keer een kans was om jeugd te laten spelen, hadden het deze jaren moeten zijn. Er is vermoedelijk niet genoeg tijd en energie in de jeugd gestopt.’
Hij heeft ook weinig naar het WK gekeken, ook omdat het ‘op slechte tijden was’. Nederland – Marokko heeft hij niet gezien, om drie uur ’s nachts, maar een eindeloze discussie over het defensieve spelsysteem is onnodig. Nederland speelde 4-4-2 op het gewonnen EK van 1988. ‘Je moet op een toernooi zorgen dat je wint. Hoe, dat maakt niet uit. Rinus Michels, de bondscoach toen, heeft na het EK een boek geschreven, hoe je moet voetballen. Maar dat heeft hij echt niet van tevoren zo tegen ons gezegd. Dat gebeurde. Wij speelden gewoon 4-4-2. Iedereen zei dat wij mooi aanvallend voetbal speelden, maar het was helemaal niet aanvallend.’
Winnen is cruciaal in topsport. ‘In de hele Nederlandse opleiding, en ook in het leven, wordt de sportmentaliteit van moeten winnen een beetje naar het tweede plan geschoven. Iedereen moet het eerst naar zijn zin hebben. Maar in de top is het gewoon hard. Het is goed of niet goed. Die mentaliteit verdwijnt een beetje, ook in het zakenleven. Je mag niet direct zeggen waarop het staat. Ik vind de vertrutting in Nederland wel een probleem.’
Hijzelf was keihard, voor zichzelf en anderen. ‘Ik deed wat er werd gevraagd. Dat was ook duidelijk, ook onder elkaar. Het moet op dat moment gebeuren. Je kunt niet eerst een e-mail sturen, met de vraag of iemand de volgende keer, als hij de kans heeft, de bal naar de linkerkant wil spelen, in plaats van naar rechts.’
De zevendelige serie Basta is te zien op Videoland.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant