Een kilometer op de fiets naar het werk levert de samenleving meer op dan een kilometer met de auto. Toch worden ze gelijk vergoed. Prinsjesdag is een mooi moment om daar verandering in te brengen.
De zomer is voorbij. Werknemers zijn terug van vakantie, kinderen gaan weer naar school. Zeker op de dinsdagen en donderdagen betekent dat: drukkere treinen en ouderwets aansluiten in de files. Tussen de spitstijden en op andere dagen is het juist heel rustig. De Volkskrant vindt dat sociale partners daar iets tegen moeten doen.
Jammer dat de krant de bal alleen bij werkgevers en werknemers neerlegt. Waarom zou de Rijksoverheid niet met beter beleid moeten komen? Prinsjesdag staat voor de deur. Dat is het perfecte moment om ons af te vragen: stimuleren onze fiscale regels het reisgedrag dat we als maatschappij nodig hebben?
Het kabinet heeft in mei de onbelaste kilometervergoeding verhoogd van 23 cent naar 25 cent per kilometer. Begrijpelijk, want hogere brandstofprijzen en inflatie voelen werknemers direct in hun portemonnee. Maar wie echt werk wil maken van een bereikbaarder en gezonder Nederland, moet fietsen financieel aantrekkelijker maken.
Over de auteur
Klaas Pieter Roemeling is directeur bij mobiliteitsspecialist Shuttel.
Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.
Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.
Toch worden een kilometer met de auto en een kilometer op de fiets fiscaal gelijk behandeld. Dat is onwenselijk, want de maatschappelijke impact van fietsen verschilt aanzienlijk met de impact van autorijden. Wie naar het werk fietst, neemt minder ruimte in beslag, veroorzaakt geen file, stoot geen CO2 uit en is gezonder. Een autorit heeft daarentegen gevolgen voor verkeersdrukte, infrastructuur, parkeerdruk en CO2-uitstoot.
Dat zal voor velen logisch klinken en blijkt ook uit onderzoek in opdracht van het ministerie van Financiën. Waarom krijgt een fietser dan geen hogere kilometervergoeding dan een automobilist?
De auto is niet per se slecht. Veel werknemers kunnen niet zonder: de afstand naar het werk is te groot, er zijn onregelmatige werktijden, of een alternatief ontbreekt. We moeten rekening houden met die groep. Maar er is ook een groep voor wie fietsen wél een optie is.
Uit een analyse van Shuttel van recente woon-werkritten van 250 duizend werknemers blijkt dat bij ritten tot 15 kilometer slechts 23 procent met de fiets wordt afgelegd. Onderzoek van de RVO uit 2025 laat soortgelijke resultaten zien: er is veel fietspotentie in Nederland. Zeker door de opkomst van de elektrische fiets.
Maar mensen zijn gewoontedieren. Wie jarenlang met de auto naar het werk rijdt, gaat niet ineens fietsen. Een goede infrastructuur en betrouwbaar openbaar vervoer zijn essentieel, maar gedragsverandering kan nog sneller gaan als de overheid financiële beloningen inzet voor de fietser.
Hierbij moet de hogere fietsvergoeding geen straf voor automobilisten worden. Of nóg een kostenpost voor de werkgever. Alle betrokkenen moeten zich laten leiden door de feiten. Zeker bij korte afstanden is de fiets goedkoper dan alternatieven, bus en trein inbegrepen. Uit een van Shuttels eerdere analyses bleek namelijk dat een fietsvergoeding van bijvoorbeeld 30 of 35 cent per kilometer goedkoper kan uitvallen dan een ov-vergoeding, terwijl de werknemer er financieel op vooruitgaat.
Dat fietsen goed is voor het klimaat, weten we. Maar een hogere fietsvergoeding is ook goed voor de bereikbaarheid. We zijn een klein land en eindeloos extra autowegen en parkeerplekken aanleggen gaat niet. Als we Nederland bereikbaar willen houden, moeten we slimmer omgaan met bestaande infrastructuur. Meer fietsen betekent namelijk ook: minder files en minder parkeerplekken.
Daar komt de gezondheid van werknemers nog bovenop. Onderzoek van TNO laat zien dat fietsende werknemers gemiddeld ruim één dag per jaar minder verzuimen dan niet-fietsende collega’s. Eerder al becijferde het instituut dat extra stimulering van fietsen werkgevers in Nederland tientallen miljoenen euro’s per jaar kan besparen. Het RIVM bevestigt dit.
Kortom, een hogere fietsvergoeding is geen kostenpost voor werkgevers, maar een investering in de bereikbaarheid van Nederland en de gezondheid van werknemers.
Prinsjesdag is het logische moment om opnieuw naar de kilometervergoeding te kijken. De Tweede Kamer moet hier werk van maken bij de Algemene Financiële Beschouwingen. Als we gezond gedrag willen stimuleren en Nederland bereikbaar willen houden – iets wat we al jaren roepen – moeten de financiële prikkels voor werknemers daarop aansluiten. Een kilometer op de fiets levert de samenleving meer op dan een kilometer met de auto. Daar mag die fietskilometer ook naar worden beloond.
Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Source: Volkskrant