In het stikstofdebat geldt onverminderd wat al jaren geldt: zachte heelmeesters maken stinkende wonden.
In het Volkskrant Commentaar wordt het standpunt van de krant verwoord. Het komt tot stand na een discussie tussen de commentatoren en de hoofdredactie.
Eerst het goede nieuws voor het kabinet, dat in juni het nieuwe stikstofbeleid zo groots presenteerde. Het zou kunnen gaan werken, de juiste richting is ingeslagen, het is een serieuze poging om wezenlijk natuurbeleid te voeren.
Minister Jaimi van Essen zal het allemaal met groen onderstrepen bij het doornemen van de ‘reflectie’ die het Planbureau voor de Leefomgeving donderdagavond naar buiten bracht over de kans van slagen van zijn plannen: het uitstootdoel voor de landbouw ‘kan binnen bereik komen’. Dat geldt ook voor de industrie en het auto- en scheepvaartverkeer. In de natuurgebieden kan de situatie voor ruim twee derde van de plant- en diersoorten aanmerkelijk worden verbeterd. De risico’s van verdere achteruitgang van de natuur nemen af.
Helaas voor de minister zal hij er daarna toch ook de rode pen bij moeten pakken, want het is allemaal buitengewoon wankel. Van Essens beleid gaat alleen werken als de voorgestelde maatregelen met spoed en zonder concessies worden uitgevoerd. En dan nog zal het niet voldoende zijn om aan de wettelijke eisen te voldoen. Er moet nog een schepje bovenop.
Dat is geen prettig vooruitzicht voor een minister die dit najaar nog moeite genoeg zal krijgen om zijn plannen door beide Kamers te loodsen. Die zijn grofweg gebouwd op vier pijlers: zones rond de natuurgebieden waarin de stikstofdepositie fors moet worden verminderd, uitstootplafonds per agrarische sector, normen voor het maximale aantal dieren per hectare en dan, als dat allemaal voldoende werkt, zo snel mogelijk verhoging van de ‘rekenkundige ondergrens’ voor de stikstofuitstoot, zodat Nederland ‘van het stikstofslot’ gaat. Voor projecten die onder die grens blijven, is geen natuurvergunning vereist.
Het Planbureau schat de kans vooralsnog niet erg hoog in dat die laatste stap al snel met succes kan worden gezet. Het huidige pakket maatregelen ‘vraagt grote inspanningen van boeren’. En als het bij dat pakket blijft, is uiteindelijk, in 2035, een ‘generieke’ verkleining van de veestapel met 5 tot 10 procent alsnog onvermijdelijk. Daar dreigt een catch 22-situatie te ontstaan. Om aan de emissie-eisen te voldoen, worden van boeren immers forse innovaties en investeringen verwacht. De bereidheid om die door te voeren neemt aanmerkelijk af als aan het eind van het liedje ook nog een forse inkrimping van hun bedrijven in het verschiet ligt.
Dat effect is volgens het Planbureau alleen te voorkomen als het kabinet nu al een extra maatregel aankondigt waarmee de maximaal toegestane ‘veldemissie’ (de mest die over het land wordt uitgereden) in de komende jaren met 5 tot 10 procent wordt verlaagd. Het effect is min of meer hetzelfde en niet minder ingrijpend (minder mestrechten betekent minder vee), maar voor veehouders haalt het tenminste het zwaard van Damocles weg dat anders tot 2035 boven hun hoofd hangt.
Mochten er in de regeringscoalitie partijen zijn die hoopten dat de maatregelen onder druk van de protesterende boeren nog wel wat konden worden afgezwakt, dan zijn zij donderdagavond wreed uit die droom ontwaakt. In het stikstofdebat geldt onverminderd wat al jaren geldt: zachte heelmeesters maken stinkende wonden.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant