Staat van het Theater Elk jaar begint het nieuwe theaterseizoen met een toespraak over de ‘Staat van het Theater’ door een prominent uit de podiumkunstensector. Dit jaar was dat Maarten van Hinte. NRC sprak met hem, voorafgaand aan de opening. „Mensen van kleur: weggegumd.”
Maarten van Hinte
Ieder jaar in september wordt met de Staat van het Theater het nieuwe theaterseizoen afgetrapt. Het is een toespraak, waarin een prominente persoon uit de podiumkunstensector diens visie op de kunstvorm deelt. Dit jaar was het woord aan acteur, regisseur, schrijver, artistiek leider en talentcoach Maarten van Hinte. In zijn speech belichtte hij de noodzaak van diversiteit in het theater, en hoe essentieel zo’n divers theaterveld is voor een gezonde samenleving. NRC sprak Van Hinte twee dagen voor zijn toespraak in het kantoor van zijn productiehuis RIGHTABOUTNOW INC. in Amsterdam.
„Mijn hele carrière lang heb ik me in de marge van het theaterveld bewogen. Opzettelijk. Het eerste gezelschap dat ik mede oprichtte heette niet voor niets ‘Made in da Shade’ – het is aan de rafelranden waar de interessante, opwindende dingen gebeuren. Dat ik gevraagd werd om de hele theatersector toe te spreken was een aha-moment voor me: kennelijk heb ik intussen een soort ‘gewicht’, ben ik opeens zélf deel van het establishment. Dat heb ik nooit geambieerd.”
„Ja, omdat ik hoop iets te kunnen betekenen. Voor opkomende makers, het theaterveld en voor de samenleving. We leven in een ingewikkelde tijd, waarin men steeds minder het belang inziet van kunst en cultuur. Maar kunst en cultuur – de verhalen die we vertellen, de beelden die we delen – zijn een spiegel. Als die de kans krijgt alle facetten van een samenleving te reflecteren, helpt die ons met elkaar samen te leven. Zeker theater is daarin een heel krachtig middel, want het is een directe ontmoeting in het hier en nu. Daar zit geen censuur of algoritme tussen. Wat er in een theater gebeurt tussen mensen valt niet te controleren. Niet voor niets is het theater in totalitaire regimes het eerste dat aan banden wordt gelegd.”
„Ik denk dat dat is waarom steeds minder mensen de noodzaak van theater voelen. Een theater kan twee functies vervullen: het kan een ruimte zijn waar grenzen kunnen worden bevraagd – een plek van ontmoeting, waar nieuwe of ongehoorde stemmen kunnen klinken en waar je door anderen verrijkt en bewogen kunt worden. Maar het kan ook een ruimte zijn om te schuilen voor verandering. Een bunker dus. En dat is hoe ik een groot deel van de Nederlandse theatersector nu zou omschrijven.”
„Ja. En ik begrijp waarom dat aanlokkelijk is: je kunt er zekerheid aan ontlenen, een identiteit. Het voelt veilig. Maar een theatersector die zich niet vernieuwt, die niet meebeweegt, die maakt zichzelf op den duur overbodig.”
„Toegankelijker zijn. Laagdrempeliger, meerstemmiger. Een eerlijkere spiegel. Dat begint met erkenning. Iedereen heeft tegenwoordig de mond vol van diversiteit en inclusie, en dat is goed, maar er verandert niets structureel als je niet erkent dat het koloniale verleden eeuwenlang moedwillig uit alle culturele uitingen is weggegumd. Mensen van kleur: weggegumd. Daarmee is niet alleen mensen van kleur, maar ook witte mensen een eerlijke reflectie ontnomen. Want het kolonialisme is niet alleen de geschiedenis van zwarte mensen in Nederland, het is de geschiedenis van álle mensen in Nederland.
„Men roept ‘polarisatie dit, polarisatie dat’, maar hoe wil je een einde maken aan wij-zij-denken als je niet eens fatsoenlijk in de spiegel durft te kijken? Nederland is kosmopolitisch. Koffie met een koekje – kaneel, suiker, koffiebonen – is kosmopolitisch. Dit hele land bestaat bij de gratie van internationale handelsbetrekkingen en van kolonisatie; de uitbuiting en het uitsluiten van mensen van kleur. De cultuursector: een bolwerk van racisme en uitsluiting. Dat is misschien niet aangenaam om te erkennen, maar wel noodzakelijk, als je vooruit wilt bewegen. Want je kunt geen toekomst bouwen op een leugen.”
„Ik heb ooit biologie gestudeerd, en daar leer je: de motor van evolutie, van overleving, is diversiteit. In deze tijd, waarin mensen steeds meer opgesloten raken in hun eigen algoritme, is het theater een van de weinige ruimtes waar je live in aanraking kunt komen met andere stemmen. Dat is essentieel voor een gezonde samenleving. We moeten ons voor elkaar openstellen en door elkaar bewogen durven worden, veranderd durven worden, als we het met elkaar willen rooien.”
De Staat van het Theater vormt de opening van het Nederlands Theater Festival. De openingsspeech vond plaats in de middag van donderdag 3 september in het Meervaart Theater te Amsterdam. Info: tf.nl