Home

Twintig jaar onderzoek toont aan: bergtoppen worden groener, maar minder biodivers

Nu bergtoppen in Europa door klimaatverandering steeds groener worden, lijkt het alsof de biodiversiteit daar toeneemt. Maar die neemt juist af doordat gevoelige plantensoorten die al op de bergtoppen voorkwamen, worden verdrukt door de oprukkende soorten en lokaal uitsterven.

is wetenschapsredacteur van de Volkskrant. Hij schrijft over natuur en biodiversiteit.

Dat concludeert een groep internationale wetenschappers na twintig jaar onderzoek naar planten op 62 bergtoppen in zestien Europese berggebieden. Zij publiceerden hun bevindingen donderdag in het wetenschappelijk tijdschrift Science.

Tijdens de onderzoeksperiode (van 2001 tot 2022) zijn er in de hoger gelegen berggebieden meer plantensoorten bijgekomen doordat planten uit lager gelegen gebieden zich bergopwaarts konden uitbreiden. Dat was het gevolg van hogere temperaturen, zo stelden de onderzoekers vast na in totaal vier herhaalde inventarisaties gedurende de twintig jaar, op telkens dezelfde proefpercelen.

Lokale uitstervingen van soorten namen in de loop van de tijd toe en deden zich vaker voor in berggebieden waar de opwarming sterker was. Daar waar soorten opkwamen die zich het best hebben aangepast aan hogere temperaturen, namen kwetsbare plantensoorten die daar minder goed mee om kunnen gaan af. Omdat dat vaak leidde tot het lokaal uitsterven van die soorten, zien de wetenschappers afnames in het voorkomen van die soorten als mogelijke voorbodes voor uitsterven.

Dat de toppen van berggebieden steeds groener worden, is vaker aangetoond. Zo stelden Zwitserse wetenschappers in 2022 na analyse van veertig jaar satellietbeelden al vast dat in de Alpen de sneeuwbedekking afneemt en de plantengroei juist stijgt. Nieuw is nu de vaststelling dat die ogenschijnlijke toename van de biodiversiteit in de hoge bergen in werkelijkheid ook leidt tot het uitsterven van soorten die voorheen het best waren aangepast aan de omstandigheden in hooggebergte.

‘Overtuigend’

Hans De Boeck, ecoloog van de Universiteit Antwerpen en niet betrokken bij het onderzoek, noemt de publicatie in Science ‘overtuigend’. ‘Dit resultaat was op zich te verwachten, want je kunt klimaatverandering zien als het opwaarts verschuiven van de zones waarin specifieke plantensoorten kunnen voorkomen. Soorten die in de hoogste zones voorkomen, kunnen soms niet hoger migreren en worden dan verdrongen door soorten die van lager komen.’

Het goede van deze studie is volgens De Boeck dat de onderzoekers ook keken naar mogelijke andere factoren dan opwarming als oorzaak van de veranderingen op de bergtoppen. Zo zou bijvoorbeeld kunnen meespelen dat een bepaalde plantensoort toch al dicht tegen de ondergrens leefde van waar die kan voortbestaan. Wanneer een soort voorkomt tussen 2.500 en 2.900 meter en de onderzochte bergtop was maar 2.550 meter hoog, dan zou het effect groter zijn dan in andere gevallen. De Boeck: ‘Het is goed dat de studie ook andere factoren aanstipt die kunnen hebben bijgedragen aan de trends, maar de onderzoekers tonen ook behoorlijk goed aan dat deze effecten wellicht klein of irrelevant waren in geval van stikstofdepositie en veranderend landgebruik, of juist deel zijn van de klimaatverandering, zoals een langer sneeuwvrij seizoen of veranderde neerslagpatronen.’

De Boeck wijst op een pessimistische noot waarmee de wetenschappers hun onderzoeksartikel afsluiten: ‘Het is volgens hen mogelijk dat er een ‘extinction debt’ is ontstaan. Dat wil zeggen dat soorten het wellicht langer volhouden dan hun omgeving eigenlijk toelaat. De gegevens in deze studie lijken te wijzen op een versnelling in het verdwijnen van soorten, dus het is goed mogelijk dat deze ‘uitstervingsschuld’ al is opgestapeld sinds de jaren tachtig en nu in feite wordt afbetaald.’

Alles over wetenschap vindt u hier.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Lees hier alle artikelen over dit thema

Source: Volkskrant

Previous

Next