Home

Regering-Trump steunt OpenAI in rechtszaak tegen ‘The New York Times’ over schending van auteursrecht

De regering-Trump steunt OpenAI in een baanbrekende rechtszaak met The New York Times over het gebruik van auteursrechtelijk beschermde artikelen om ChatGPT te trainen. Een overwinning voor de krant zal de nationale veiligheid in gevaar brengen, waarschuwt het Witte Huis.

The New York Times spande eind 2023 een rechtszaak aan tegen OpenAI wegens grootschalige auteursrechtenschendingen. Het bedrijf van oprichter Sam Altman, dat inmiddels 733 miljard euro waard is (78 keer zoveel als de krant), bouwde zijn AI-taalmodellen door ze zonder toestemming te voeden met miljoenen New York Times-artikelen.

Het dagblad beschuldigt OpenAI ervan ‘zwart te rijden’ met behulp van zijn journalistieke investeringen en eist ‘miljarden dollars’ schadevergoeding. Verschillende andere media en auteurs, zoals schrijvers Ta-Nehisi Coates, George R.R. Martin en komiek Sarah Silverman, hebben zich bij de zaak tegen OpenAI aangesloten.

Op sympathie van president Trump hoeven ze niet te rekenen. De Amerikaanse regering kwam woensdag namelijk op voor OpenAI. In een twintig pagina’s lange nota drukt het Amerikaanse ministerie van Justitie de rechtbank in Manhattan op het hart om de eisen van de krant van tafel te vegen.

Fair use-beginsel

Een juridische triomf voor The New York Times zou het ‘aanzienlijk moeilijker maken om een robuuste AI-industrie te ontwikkelen in de Verenigde Staten’. Dit ‘brengt de nationale veiligheid in gevaar en schenkt buitenlandse vijanden zonder dergelijke belemmeringen’ – lees: China – ‘een concurrentievoordeel’. Kunstmatige intelligentie is militair gezien namelijk cruciaal voor onder meer ‘het verbeteren van wapensystemen (zoals drones en robotschepen)’ en voor ‘aanbevelingen op het slagveld (zoals over de doelwitten van raketaanvallen)’, aldus het ministerie.

De hamvraag in de rechtszaak, waarvoor nog geen datum is geprikt, is of het gebruik van New York Times-artikelen door OpenAI onder het zogeheten ‘fair use’-beginsel valt. Wanneer auteursrechtelijk beschermd materiaal wordt gebruikt om iets geheel nieuws en ‘transformatiefs’ te creëren, kunnen rechters soms een oogje dichtknijpen. Dit gebeurde bijvoorbeeld toen de hiphopformatie 2 Live Crew werd aangeklaagd voor hun parodie op het liedje Pretty Woman van Roy Orbison, of toen kunstenaar Jeff Koons in een collage een foto van vrouwenbenen gebruikte die in een modeblad was verschenen.

Verhalen Hemingway uittypen

Het Amerikaanse ministerie van Justitie noemt de ‘wereldveranderende’ chatbots van OpenAI ‘spectaculair transformatief’, omdat ze teksten creëren die volstrekt anders zijn dan de artikelen waarmee ze zijn getraind. Een nederlaag voor OpenAI zou een belemmering betekenen ‘voor de creatieve en wetenschappelijke vooruitgang’ en ‘de Amerikaanse welvaart’.

De nota haalt zelfs de beroemde essayist Joan Didion (1934-2021) aan, die zichzelf in het schrijven bekwaamde door in haar tienertijd woord voor woord de verhalen van Ernest Hemingway uit te typen. Zo leerde ze naar eigen zeggen ‘hoe zijn zinnen werkten’. Volgens de logica van The New York Times had Didion Hemingway voor deze training moeten betalen, aldus het ministerie.

‘Eerlijke vergoeding’

The New York Times toont zich niet onder de indruk. ‘De Amerikaanse regering kiest de kant van een handjevol bedrijven met een waarde van duizenden miljarden dollars, ten koste van de talloze Amerikaanse makers wier werk zij hebben gestolen’, schreef de krant in een verklaring.

Zowel kunstmatige intelligentie als de media kunnen floreren, zolang AI-bedrijven ‘een eerlijke vergoeding betalen voor het materiaal dat hun producten mogelijk maakt’. Het voorstel van de regering-Trump om bedrijven straffeloos het auteursrecht te laten schenden, ‘ondermijnt de duurzaamheid van de door mensen geschreven kopij waar een gezonde maatschappij van afhankelijk is, en die AI nodig heeft om te kunnen functioneren’.

Wisselende oordelen

De rechtszaak tussen The New York Times en OpenAI is een van de talrijke juridische conflicten over het schenden van auteursrechten door AI-bedrijven. Enkele dagen geleden nog spande de Amerikaanse liedjesschrijver Jason Isbell en drie andere muzikanten bijvoorbeeld een rechtszaak aan tegen Suno. De populaire AI-muziekgenerator zou zonder toestemming de stemmen en stijlen van de muzikanten hebben gekopieerd.

Rechters oordelen tot nu toe wisselend in auteursrechtszaken tegen AI-bedrijven. Meta trok vorig jaar aan het langste eind in een door Ta-Nehisi Coates en twaalf andere auteurs aangespannen procedure. Concurrent Anthropic daarentegen werd vorig jaar veroordeeld tot het betalen van 1,5 miljard dollar aan schadevergoeding omdat het zijn taalmodellen had getraind met behulp van digitale schaduwbibliotheken vol illegaal verkregen boeken.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Lees hier alle artikelen over dit thema

Source: Volkskrant

Previous

Next