Door de schorsing van enkele grote bouwcontroleurs worden mogelijk honderden bouwprojecten stilgelegd. Daarvoor waarschuwt de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). Door het gebrek aan toezicht dreigen 1.300 bouwprojecten vertraging op te lopen.
is nieuwsverslaggever van de Volkskrant.
De oorzaak van de potentiële bouwstop: eind vorige maand werden twee bedrijven geschorst, Bureau Kwaliteitsborging uit Amersfoort en Borgings Combinatie Nederland uit Heerlen. Het bedrijf Signal Measurement and Control Systems uit Den Haag is al sinds mei geschorst.
Er is niet bekendgemaakt waarom de bedrijven zijn geschorst. Wel staat vast dat nu deze bedrijven geen controles meer mogen uitvoeren, alle werkzaamheden op de bouwplaatsen per direct worden gestaakt. ‘Dit heeft grote consequenties voor opdrachtgevers en aannemers’, waarschuwt de VNG. Volgens de belangenorganisatie moeten de werkzaamheden van ‘tot wel 1.300 projecten’ worden stilgelegd.
Hoewel nog veel onduidelijk is over de gevolgen, leiden de schorsingen tot onrust bij aannemers, particuliere opdrachtgevers en gemeenten. Zij vrezen voor vertragingen. De grootste zorgen bestaan over projecten onder toezicht van Bureau Kwaliteitsborging, een van de grootste in Nederland.
Sinds 2024 ligt de kwaliteitscontrole voor kleine bouwprojecten niet meer bij gemeenten, maar bij particuliere bedrijven. Deze zogeheten kwaliteitsborgers, waarvan er in Nederland ongeveer 75 zijn, werken volgens een officiële methode (‘instrument’ in vakjargon). Daarin staat bijvoorbeeld wat een controleur moet doen als een project niet aan de kwaliteitseisen voldoet.
De aanbieders van deze methodes moeten op hun beurt weer controleren of de kwaliteitsborgers het instrument op de juiste manier uitvoeren. Is dat niet het geval, dan kunnen zij een schorsing opleggen. Pas als de geschorste kwaliteitsborger de zaakjes weer op orde heeft, kunnen de bouwwerkzaamheden worden hervat.
Opdrachtgevers kunnen ervoor kiezen om over te stappen op een andere kwaliteitsborger. De Vereniging van Kwaliteitsborging Nederland heeft haar leden opgeroepen om de betreffende bouwprojecten op zich te nemen, als opdrachtgevers dat willen. Een woordvoerder van de branchevereniging zegt geen ‘capaciteitsprobleem’ te verwachten, maar stelt dat veel afhangt van de fase waarin de projecten zich bevinden.
Wie opdraait voor de kosten van de opgelopen vertraging, verschilt volgens brancheorganisatie Bouwend Nederland per project. In principe zijn die voor de opdrachtgever, maar in het contract kan ook worden opgenomen dat de aannemer verantwoordelijk is.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant