Home

Herenmodeketen Ogér moet de administratie van de Business Club afstaan aan de Belastingdienst

Belastingen Het onderzoek van de fiscus naar belastingontwijking via dure maatpakken breidt zich uit. Ogér moet de complete administratie van de Business Club afgeven voor onderzoek, heeft de kortgedingrechter bepaald. Naheffingen en boetes dreigen bij honderden topondernemers.

Kledingszaak van Ogér in de P.C. Hooftstraat. In navolging de Ogér Business Club hebben diverse luxemodezaken afgelopen jaren vergelijkbare initiatieven opgezet.

De luxe herenmodeketen Ogér moet de Belastingdienst de namen verstrekken van alle leden van de exclusieve Ogér Business Club, net als de bedragen waarvoor zij de afgelopen jaren merkkleding hebben aangeschaft. De fiscus vermoedt dat de rijke ondernemers het lidmaatschap van de Business Club hebben gebruikt om belasting te ontduiken bij de aanschaf van dure maatpakken en vrijetijdskleding. Dat staat in een kortgedingvonnis van de rechtbank Haarlem.

De Belastingdienst zei bij de behandeling van de zaak twee weken eerder dat het aanwijzingen heeft dat de door Ogér aangeboden lidmaatschappen worden „ingezet om persoonlijke uitgaven, zoals de aanschaf van kleding of deelname aan evenementen ‘om te katten’ naar een zakelijke kostenpost in de vorm van het lidmaatschapsgeld”. Dat mag niet. Uitgaven aan kleding zijn in principe niet aftrekbaar – behalve als het bijvoorbeeld laboratoriumjassen, uniformen of kleding met een duidelijk bedrijfslogo van minimaal 70 vierkante centimeter gaat.

Het pak van de directeur is in principe niet aftrekbaar, benadrukte de fiscus in de rechtbank. Ondernemers die kleding kopen bij Ogér mogen de rekening niet laten betalen door „hun onderneming” en ook de „in rekening gebrachte btw niet terugvragen”, aldus de landsadvocaat in Haarlem.

‘Diamond Ambassador’

Ogér richtte zijn Business Club op in 2018 „vanuit een community-gedachtegoed” en een „gemeenschappelijke passie voor sartoriale ambacht en netwerken”, staat in een promotiefolder. Leden krijgen daar niet alleen „dinners, tripjes naar het buitenland, gastsprekersavonden, informeel netwerken en exclusieve sportevents” voor terug, maar ook shoptegoed. Wie bijvoorbeeld ‘Diamond Ambassador’ bij Ogér wordt à 24.200 euro per jaar, mag voor 28.000 euro kleren aanschaffen, aldus de brochure.

In de folder staat ook dat clubleden „zelf verantwoordelijk en aansprakelijk zijn voor de financiële administratie alsmede voor correcte fiscale verwerking”. In een onbekend aantal gevallen hebben ondernemers echter het volledige bedrag van hun lidmaatschap opgevoerd als zakelijke kosten, waardoor zij tienduizenden euro’s of meer onterecht fiscaal voordeel hebben genoten. De fiscus kan dit geld terugvorderen en boetes opleggen.

De rechter heeft Ogér opdracht gegeven om binnen twee weken „volledig en onvoorwaardelijk mee te werken aan de verstrekking van de door de Belastingdienst verzochte informatie voor de jaren 2019 tot en met 2025”. Het gaat daarbij om de namen en adressen van de leden, het soort lidmaatschap met bijbehorend shoptegoed, het betaalde bedrag per lidmaatschap, de ingangsdatum, het ongebruikte bestedingsbedrag van leden en alle betreffende betaalbewijzen en facturen.

Het is niet bekend hoeveel leden de Ogér Business Club heeft en voor welke bedragen zij kleding hebben aangeschaft via de ongeoorloofde fiscale route. Het bedrijf doet daar desgevraagd geen mededelingen over. Ogér rekent een groot deel van de top van Nederland tot zijn klanten, van leden van het Koninklijk Huis tot Mark Rutte, van ondernemers uit de Quote 500 van rijke Nederlanders tot televisiepersoonlijkheden en topvoetballers.

NRC sprak meerdere insiders, gespecialiseerd in dit segment van de modewereld. Zij schatten het aantal businessclubleden bij Ogér op „enkele honderden” tot „zeker duizend”, die gezamenlijk goed zouden zijn voor een flink deel („zeker een kwart”, volgens een van de kenners) van de omzet. Ook wijzen zij erop dat diverse politici, oud-politici en lobbyisten klant zijn bij het filiaal van Ogér aan het Noordeinde in Den Haag. Volgens het laatst beschikbare jaarverslag zette Ogér in 2024 bijna 17 miljoen euro om en maakte het bedrijf netto bijna 860.000 euro winst.

Steeds meer businessclubs

In navolging van het succes van de Ogér Business Club hebben diverse luxemodezaken de afgelopen jaren vergelijkbare initiatieven opgezet, waarbij zij netwerkevenementen combineren met shoptegoeden. Een van hen, Loes Berkhout van damesmodezaak Stijl Bergen uit het gelijknamige Noord-Hollandse dorp, zegt dat „zo’n beetje de hele high end retail” inmiddels een businessclub heeft. „Klanten beginnen er gewoon over”, zegt zij. „Ik krijg steeds vaker de vraag: hebben jullie niet ook zoiets als Ogér?”

Sinds een jaartje runt zij daarom de Stijl Bergen Business Club, een „community waar ondernemers verbindend samenkomen”. Berkhout maakt zich geen zorgen over eventuele problemen met de fiscus. „Wij hebben maar een paar leden, die kleinere bedragen spenderen dan Ogér-klanten. Het zijn allemaal vrouwen die echt kleding kopen voor zakelijke doeleinden, zoals beurzen en presentaties. Bovendien bestaan we pas net. Iedereen in de branche heeft het over Ogér, reken maar dat alle accountants van Nederland met rijke klanten de facturen en kosten nu boeken waar ze horen.”

Volgens Berkhout heeft niet alleen het aantal businessclubs dat zich richt op kleding een vlucht genomen. „Er zijn clubs voor rally’s, voor boten, je kunt het zo gek niet bedenken”, zegt zij. Wat haar daarbij opvalt: of het nou om pakken, horloges, skyboxen bij voetbal of golfabonnementen gaat, „het zijn vooral mannen die dat gaaf vinden. En zij praten ook graag over hoe je dat fiscaal handig kunt doen.”

Een woordvoerder van Ogér zegt in een reactie dat het bedrijf het vonnis bestudeert. „We bereiden ons voor op mogelijke juridische vervolgstappen. De mogelijkheden daartoe bespreken wij met onze juridische adviseurs. In onze afwegingen blijven de belangen van de businessclubleden voor Ogér voorop staan.”

Reageren? Onderzoek@nrc.nl

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next